Opera en operette

OPER! Awards voor DNO, Stutzmann,
Dubois, Opera Rara en Versailles

 

© Paul Korenhof, januari 2024

 

Al sinds jaren organiseert het Engelse Opera, een maandblad met grote internationale uitstraling, de Opera Awards, prijzen voor onder meer de beste solisten, dirigenten, regisseurs, voorstellingen en operatheaters van het afgelopen seizoen. Bij de uitreiking blijkt de keuze van de gelauwerden onvermijdelijk ook Engels c.q. internationaal (en dus ook sterk Noord en Zuid-Amerikaans) georiënteerd. Concreet komt dat neer op relatief veel aandacht voor het traditionele repertoire en de smaak van een breed, wereldwijd publiek.

Een aantal Duitse critici, verenigd onder de vleugels van het tijdschrift OPER!, was dat alles te traditioneel en conventioneel. Zij bepleiten meer aandacht voor nieuwe ontwikkelingen en nieuw repertoire, en dus ook voor het door veel traditionele operaliefhebbers verfoeide 'regietheater'. Dat dit automatisch leidt tot meer aandacht voor wat gebeurt in de kleinere Duitse theaters, spreekt vanzelf. Duitsland heeft nog altijd een bijzonder levendige operacultuur waarin veel kleinere plaatsen nog steeds een eigen theater hebben met een orkest en alles wat erbij hoort. En juist in die kleine theaters gebeuren veel bijzondere dingen, vooral op het gebied van nieuwe of vergeten opera's, waaraan veel grote theaters nog niet toe zijn.

Wat in plaatsen als Wiesbaden, Bremen, St Gallen, Mannheim, Meiningen en Kassel gebeurt, ontgaat echter niet alleen aan het grote publiek, maar het is ook niet belangrijk genoeg voor de redactie van Opera en van de weeromstuit evenmin voor de Opera Awards. Derhalve besloot OPER! tot de uitreiking van een eigen onderscheidingen, die de naam OPER! Awards gingen dragen. Daarbij werden twintig categorieën ingesteld, ten eerste omdat er in de operawereld natuurlijk veel dingen te onderscheiden zijn, maar daarnaast ook omdat er meer publiciteit gegenereerd kan worden naarmate het aantal winnaars groter is, zeker als zich daarbij ook internationaal bekende namen bevinden.

Op de eerste rij v.l.n.r. Cyrille Dubois, Michael Spyres, Henry Little (Opera Rara), Ermonela Jaho, Waltraud Meier en Lydia Steier.
Foto © OPER! Awards

Dat de Oper! Award 2024 voor het beste en meest vernieuwende gezelschap werd toegekend aan DNO, is terecht, daarover is geen twijfel mogelijk, maar het is natuurlijk ook handig in verband met het organiseren van een luisterrijke ceremonie. DNO heeft niet alleen een groter theater en meer geld dan bijvoorbeeld het theater in St. Gallen, maar ook een grotere internationale uitstraling en - niet onbelangrijk - Schiphol ligt dichtbij. Dat alles leidde op 29 januari tot een feestelijke avond in het Muziektheater met onder de genodigden natuurlijk niet alleen het vrijwel complete personeel van DNO zelf, maar ook een groot aantal gasten uit de internationale operawereld.

Muzikaal omlijst door het Nederlands Philharmonisch Orkest onder leiding van Andrea Battistoni en met vocale medewerking van bekroonde solisten werden de prijzen uitgereikt door enkele juryleden onder wie de in operakringen befaamde Manuel Brug. Dat leidde ook voor insiders nog tot menig leerzaam moment, ondanks het feit dat sommige juryleden als spreker merkbaar minder begaafd waren dan als schrijver.

Zelf ben ik het regelmatig oneens met Brug die meestal sterk uitgaat van de enscenering en minder van het werk zelf, maar dat hij zijn werk grondig en heel professioneel doet, staat buiten kijf. Dat geldt echter voor de meeste Duitse critici. Als zij een oordeel geven, doen zij dat vrijwel altijd op grond van een gedegen vakkennis en hun oordeel, negatief of positief, weten zij ook altijd met argumenten te onderbouwen. Op dat punt verschillen de Duitse (en ook de Engelse) recensenten helaas sterk van de vaak (letterlijk) amateuristische Nederlandse, die soms in een opera zelfs aria's horen waar zij niet zijn (zoals onlangs in de recensie van La traviata in de NRC).

Operabubbel
Leerzaam waren ook de dankwoorden, in het bijzonder dat van Sophie de Lint die benadrukte dat de huidige mentaliteit bij DNO, zoals die ook in het repertoire tot uiting komt, in hoge mate te danken is aan de coronacrisis. De toen noodzakelijke beperkingen leidden niet alleen tot een gedwongen zelfreflectie, maar ook tot de samenwerking met door dezelfde crisis ietwat verweesde jonge kunstenaars, waaruit een andere kijk op de opera voortkwam, zowel op de opera als kunstvorm als op de plaats ervan in onze samenleving.

De traditionele 'operabubbel' is heel prettig, dat geeft De Lint volmondig toe, maar wil de opera blijven meedraaien in een wereld die op alle terreinen in steeds hoger tempo verandert, dan zal de opera moeten mee-veranderen. De nog steeds grote belangstelling voor deze kunstvorm rechtvaardigt dat ten volle, maar onderstreept daarvan ook de noodzaak.

(Kanttekening: Dat de woorden van De Lint aansluiten bij de artistieke weg die Oper! bewandelt, is duidelijk. Men kan zich echter afvragen of er in het Noordwest-Europese denken over kunst niet teveel nadruk wordt gelegd op een voortdurende 'vernieuwing'. Kunst en zeker 'een avondje uit' moet ook een ontspannende werking hebben waarbij ook amusement en aandacht voor de tradities, de smaak en de verlangens van een breed publiek een rol móeten spelen. Al was het maar om de theaters vol te krijgen. De verwijzing naar de redelijk goede zaalbezetting van DNO is hierbij geen argument. Met het geringe aantal voorstellingen van 'populair repertoire' is het geen grote kunst daarbij de zalen vol te krijgen.)

Natalie Stutzmann
Bij de individuele onderscheidingen ging een van de opmerkelijkste naar de Franse alt en dirigente Natalie Stutzmann voor haar directie van Tannhäuser tijdens de Bayreuther Festspiele die ook op deze site tot de hoogste lof heeft geleid (klik hier). Contractuele verplichtingen verhinderden haar helaas zelf naar Amsterdam te komen, maar dat gold niet voor de tenor Michael Spyres die we enkele maanden geleden nog in een ZaterdagMatinee hoorden in Bellini's Il pirata. De jury prees hem vooral vanwege diverse vertolkingen in het Franse repertoire: Faust, Benvenuto Cellini en Énée in Les Troyens . Vooruitlopend op de verschijning van een cd met opnamen van delen uit opera's van Wagner verraste hij in Amsterdam met de slotscène uit Lohengrin (en de mededeling dat hij een contract heeft met de Bayreuther Festspiele - naar verluidt voor Tristan und Isolde).

Henry Little, Ermonela Jaho en Michael Spyres
Foto © Opera Rara

De prijs voor de beste soliste ging naar de sopraan Ermonela Jaho voor met name haar vertolking van Magda de Civry in Puccini's La Rondine van Puccini in Zürich. In Amsterdam was zij ooit te horen als Antonia in de mislukte DNO-productie van Les Contes d'Hoffmann, maar internationaal maakte zij vooral naam als verismo-vertolkster en dat onderstreepte zij nu met Magda's 'Il bel sogno di Doretta'.
Voor een ware verrassing zorgde de jonge Engelse bariton Huw Montague Rendall die, bekroond als 'beste nieuwkomer', het publiek onthaalde op een uitmuntende, bijzonder idiomatische vertolking van het drinklied uit Hamlet van Ambroise Thomas. Aan de andere kant: geen verrassing voor wie weet dat hij de zoon is van de tenor David Rendall en de mezzosopraan Diana Montague (de laatste blijft voor mij veruit de beste en geloofwaardigste Nicklausse die ik ooit in Les Contes d'Hoffmann gehoord heb).

La Princesse de Trébizonde
Om bij Offenbach te blijven: de prijs voor de beste opera-opname ging naar de uitgave door Opera Rara van La Princesse de Trébizonde, een verrukkelijk werkje waarvan het Engelse label ook alle muziek opnam die kon worden gereconstrueerd van de verloren gegane eerste versie (klik hier). Dat dit niet helemaal probleemloos verliep, bleek uit de toelichting van dirigent Paul Daniel. Zo mogelijk nog Franse was de bijdrage van de tenor Cyrille Dubois, bekroond vanwege de cd So Romantique! (klik hier) waarvan hij de aria 'Au clair matin' uit Xavière van zijn naamgenoot Théodore Dubois vertolkte. In de ongunstige akoestiek van het Muziektheater met op het toneel het NedPhO omgeven door rood fluweel kwam zijn stem helaas niet optimaal door; reden te meer om uit te zien naar zijn vertolking in Le Roi d'Ys van Lalo tijdens de komende ZaterdagMatinee.

Château de Versailles
Nog 'Franser' werd de avond met de uitreiking van een Award aan een Frans team dat slechts met de grootste moeite een dankwoordje in het Engels kon uitspreken. Maar daar ging het ook niet om. Reeds meerdere malen heb ik op deze site aandacht besteed aan cd's en dvd's die konden worden uitgebracht onder auspiciën van het Château de Versailles, steevast opgenomen in het paleis van Versailles (meestal in het schitterende theatertje dat Louis XIV daar liet bouwen), en met muziek die daar ook helemaal thuis hoort. Niet alleen de muziek en het niveau van de uitvoeringen waren daarbij uitzonderlijk, maar ook de zorg (en dus het geld) dat eraan besteed was. Typisch Frans: cultuur mag daar nog altijd geld kosten. De bekroning van het label is terecht (evenals de hoop dat het een lang leven beschoren is)!

Waltraud Meier
De afsluiting werd gevormd door de uitreiking van een 'honorary lifetime achievement award' aan de mezzosopraan Waltraud Meier, die in september met een laatste Klytämnestra in Strauss' Elektra een carrière van bijna een halve eeuw afsloot. Haar Bayreuther debuut als Kundry staat mij nog helder op het net- en trommelvlies, maar gelukkig heb ik haar niet alleen in diversie opera's van Wagner gehoord, maar ook als Klytämnestra, Eboli in Don Carlos, Santuzza in Cavalleria rusticana en diverse andere rollen. Ondanks een stuntelende vragensteller werd een interview met haar een waardig slot van deze feestavond, opgefleurd met een ironie en een zelfspot waarmee Meier herhaaldelijk lachsalvo's losmaakte. Typerend was haar verwijzing naar een uitspraak van de vorig jaar overleden Renata Scotto: "Het gaat er niet op de eerste plaats om hóe je zingt, maar om wie je op dat moment bent en wat je aan het publiek wilt overbrengen!"

________________

Awardees of the OPER! AWARDS 2024:
BEST OPERA COMPANY: Dutch National Opera
BEST FEMALE SINGER: Ermonela Jaho
BEST MALE SINGER: Michael Spyres
BEST CONDUCTOR: Nathalie Stutzmann
BEST DIRECTOR: Lydia Steier
BEST ORCHESTRA: Orchestra del Teatro alla Scala di Milano
BEST CHOIR: The Monteverdi Choir
BEST WORLD PREMIERE: Lili Elbe, Konzert und Theater St. Gallen
BEST PRODUCTION: The Greek Passion, Salzburg Festival
BEST STAGE DESIGNER: Paul Zoller
BEST COSTUME DESIGNER: Klaus Bruns
BEST SOLO ALBUM: Cyrille Dubois So Romantique!
BEST OPERA RECORDING: La princesse de Trébizonde (Opera Rara)
BEST NEWCOMER: Huw Montague Rendall
BEST REDISCOVERY: Ivan IV., Staatstheater Meiningen
BEST FUTURE PROJECT: Green Opera, La Monnaie / De Munt Brussels
BEST FESTIVAL: Bayreuth Baroque
HONORARY LIFETIME ACHIEVEMENT: Waltraud Meier
BEST BENEFACTOR: Foundation of the Royal Opera of Versailles


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links