Componisten/werken

Kierkegaard en Mozarts Don Giovanni (7)

 

© Gerard van der Leeuw, januari 2024

 

'Kierkegaard, Ibsen and Shaw were outsiders, brilliant satirists who wrote with great moral energy and heaped scorn on the hypocrisy of the societies they lived in. They were all three literary masters, but Shaw’s claim to be a philosopher notwithstanding, he lacked Kierkegaard’s philosophical training…'
(Samiran Kumar Paul, The Genius of George Bernard Shaw, 2020)

De Ierse toneelschrijver George Bernard Shaw (1856-1950) schreef natuurlijk een klassieker over de opera’s van Wagner: The Perfect Wagnerite (1898) en zo’n slordige 2.500 pagina’s over muziek. Maar ook voor hem was Mozarts Don Giovanni een onvergankelijk meesterwerk. Het is het werk dat het vaakst genoemd wordt in zijn opstellen over muziek. In het Londen van zijn tijd werd Mozart niet veel uitgevoerd en Wagners Der Fliegende Holländer werd opgevoerd in een Italiaanse vertaling…. In 1887, honderd jaar na de eerste uitvoering van Don Giovanni in Praag, schreef Shaw het korte verhaal Don Giovanni Explains.

Een aantrekkelijke jonge vrouw bevindt zich na een beroerde uitvoering van Mozarts meesterwerk alleen in een - zoals in die tijd gebruikelijk - door de conducteur afgesloten coupé van de trein op weg naar huis. Ineens merkt ze dat ze niet alleen is. Naast haar zit de geest van Don Giovanni. Hij vertelt:

‘Alhoewel ik de laatste telg was van het geslacht der Tenorio's, waarvan leden gedurende vele generaties officiële posten aan het hof hadden bekleed, weigerde ik mijn tijd te verdoen als lakei met een adellijke titel, en aangezien mijn weigering naar de opvattingen van mijn tijd en klasse buitengewoon ongepast was, werd ik geacht mezelf te schande te hebben gemaakt. Dit stoorde me bijzonder weinig. Ik was vermogend, gezond en in elk opzicht mijn eigen meester. Lezen, reizen, en avonturen beleven waren mijn favoriete bezigheden. In mijn jeugd en jongelingsjaren hadden mijn onverschilligheid tegenover conventionele opvattingen, en een vleugje humoristisch cynisme in de conversatie, mij bij bedilzieke mensen de namen atheïst en libertijn bezorgd, maar ik was in feite niet erger dan een studieuze en nogal romantische vrijdenker.’

En zo ziet Don Giovanni de gebeurtenissen met Donna Anna aan het begin van de opera:

‘Het was laat in de avond toen ik door haar ontvangen werd, en in de schemering zag ze mij bij vergissing voor mijn vriend aan en begroette mij met een omhelzing. Mijn protesten openden haar de ogen, maar in plaats van zich te verontschuldigen voor haar vergissing, die ik zelf naderhand pas begreep, sloeg zij alarm, en beschuldigde mij ervan, toen haar vader met getrokken sabel arriveerde, haar te hebben beledigd. De Commandeur deed, zonder op een verklaring te wachten, een resolute poging om mij te vermoorden, en zou daar stellig in geslaagd zijn als ik niet, uit zelfverdediging, zijn lichaam had doorboord. Hij heeft inmiddels erkend dat hij ongelijk had, en we zijn nu hele goede vrienden, vooral daar ik nooit op grond van ons treffen enige aanspraak op superioriteit in het gevecht met de sabel heb gemaakt, maar openlijk heb toegegeven dat mijn uitval in het donker een pure gelukstreffer was geweest.’(1)

In 1903 verscheen dan Shaws Man and Superman, een duidelijk nietzschiaanse titel, waarachter een toneelstuk in vier akten schuilgaat. De ondertitel luidt: A Comedy and a Philosophy. De derde akte, Don Juan in Hell, hoewel eigenlijk het hart van stuk wordt in de meeste uitvoeringen helaas weggelaten.
Uiteraard is er een grote samenhang tussen de derde en de overige akten: een van de hoofdpersonen in het stuk is John Tanner (= Juan Tenorio), die aan het eind van het stuk zal trouwen met Ann Whitefield (= Donna Anna), die voor hem Octavius Robinson (= Don Ottavio) laat schieten.

In mijn bibliotheek bevindt zich al enige jaren de Nederlandse vertaling van het stuk, door Josine Simons-Mees, de vrouw van Leo Simons, de oprichter van uitgeverij de Wereldbibliotheek.(2)

Uit de inleiding van Leo Simons:

'In [zijn] voorrede heeft Shaw, die zijn vriend [Arthur Bingham Walkley, gvdl]. beloofd heeft een moderne behandeling van het don-Juan-motief te geven, zijn oververnunft te werk gesteld om aan te toonen dat die moderne behandeling moest bestaan in een algeheele omkeering van het motief: don Juan is niet de verleider, maar de nagejaagde. De gesteigerde macht der burgerlijke conscientie zoowel als die van de vrouw maken het verleider-spelen in den tegenwoordigen tijd totaal onmogelijk; de dames zingen niet meer pathetisch in koor het ‘Protegga il giusto cielo’ (uit Mozart’s don Juan); zij vatten duchtige wettelijke en sociale wapens aan en betalen terug. Politieke Partijen en openbare carrières worden door een enkelen misstap vernietigd.’

De derde akte is te lang en te ingewikkeld om hier uit de doeken te doen: u moet hem zelf maar lezen. We vinden hier zowel Don Giovanni, als Donna Anna in de hel, waar het overigens goed toeven is. De Commendatore bevindt zich in de hemel, maar maakt, omdat hij die maar saai vindt, regelmatig een uitstapje naar de hel, om daar zijn goede vriend Don Giovanni te bezoeken. Shaw voegde aan het toneelstuk nog het zogenaamde door John Tanner geschreven Handboek van den Revolutionair toe: ‘De Engelschen haten vrijheid en gelijkheid te zeer om ze te begrijpen.’ Waarvan acte.

Klik hier voor de vorige aflevering.

________________
(1) Vertaling Katie Lücker.
(2) George Bernard Shaw: Mensch en Oppermensch, Amsterdam 1910.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links