CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, april 2018

 

Wirén: Symfonie nr. 4 op. 27 – Symfonie nr. 5 op. 38 – Balletsuite op. 24a ‘Oscarsbalen'

Norrköping Symphony Orchestra o.l.v. Thomas Dausgaard
CPO 999 563 • 57' •
Opname: oktober 1997, De Geerhallen, Norrköping (Zweden)

 

 

Wirén: Symfonie nr. 2 op. 14 – Symfonie nr. 3 op. 20 – Concert Ouverture nr. 1 op. 2 – Concertouverture nr. 2 op. 16

Norrköping Symphony Orchestra o.l.v. Thomas Dausgaard
CPO 999 677 • 66' •
Opname: oktober 1999, De Geerhallen, Norrköping

 


Onlangs besprak Aart van der Wal hier een nieuwe opname van werken van Dag Wirén (klik hier voor zijn recensie). Zijn enthousiaste beschrijving van de Derde Symfonie wekte mijn nieuwsgierigheid. In zulke gevallen biedt youtube in combinatie met de smartphone onmiddellijk soelaas en op de eerste mooie lentedag maakte ik tijdens een avondwandeling kennis met de symfonische klanken van deze Zweed, die ik tot dan toe alleen kende van zijn Serenade voor strijkorkest. Youtube biedt continu vermaak middels de functie autoplay, en zo luisterde ik automatisch naar het volgende stuk, dat een overweldigende indruk achterliet. Niet wetend waarnaar ik luisterde – youtube doet dat op de manier van ‘shuffle play' – was ik stomverbaasd dat het ging om de Vierde Symfonie van diezelfde Dag Wirén. Uitgevoerd door het orkest van Norrköping onder leiding van Thomas Dausgaard. Zelfs op een smartphone met ‘oortjes' was me de uitstekende kwaliteit van het orkestspel al opgevallen. Het wekt dan ook geen verbazing dat Dausgaard inmiddels is opgeklommen tot een dirigent met een grote internationale carrière (in 2019 wordt hij de nieuwe chef in Seattle). Thuisgekomen vond ik de bijbehorende cd's in mijn verzameling – een goede reden om er nog eens extra aandachtig naar te luisteren.

Dag Wirén (1905-1986) heeft eeuwige roem vergaard met zijn Serenade opus 11 voor strijkorkest, een werk waaraan al tijdens het schellaktijdperk aandacht werd besteed en dat in de loop van zijn bestaan tientallen keren is opgenomen. De muzikale aanleg van Wirén wordt geïllustreerd door een aardige anekdote: op zijn eerste schooldag verbaasde hij zich over het feit dat het alfabet niet begint met een c – de toonladder begint toch ook zo? Het verdere verloop van zijn muziekstudie leverde geen instrumentale carrière op – het orgel liet hij na een succesvol diploma voor wat het was. Als componist wilde hij zich ontwikkelen, en een studieperiode in Parijs stimuleerde niet alleen zijn vocabulaire, hij vond er ook zijn echtgenote, de Ierse celliste Noel Franks. Terug in Stockholm werkte hij in administratieve functies en als muziekjournalist, vanaf 1946 was componeren zijn professie.

Door het succes van de Serenade voor strijkers heeft Wirén een behoudend stempel opgeplakt gekregen, dat enigszins als een stigma is gaan werken. Ten onrechte, want al in 1939 sloeg hij een nieuwe richting in, die aansluiting zoekt bij tijdgenoten als Honegger en Bartók. Dat blijkt onomwonden uit de finale van de vierde symfonie, waarin hij een citaat uit het Concert voor Orkest van Bartók aanhaalt en in de huid van Carl Nielsen kruipt. In dat opzicht is Wirén een kind van zijn tijd, waarin voor het serialisme nog geen andacht was. Tegen de tijd dat hij zijn vijfde symfonie voltooide (1964) lagen de kaarten volkomen anders, en eerlijk gezegd is er van de dwingende urgentie die in de derde en de vierde symfonie doorgloeit in de vijfde nog maar weinig over.

Het label CPO is in zijn repertoirekeuze bepaald niet kinderachtig. Henk Badings, Jan van Gilse, Hendrik Andriessen en Johan Wagenaar werden grootmoedig omarmd. Evenveel moed is er nodig om je in te zetten voor de complete symfonieën van Dag Wirén (de eerste werd door de componist niet erkend). Exemplarische uitvoeringen en een uitstekende opname staan garant voor een luisteravontuur dat een nieuw licht werpt op de componist van de Serenade opus 11. Hij schiep met zijn Vierde Symfonie een stuk dat gehoord moet worden, desnoods op de smartphone.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links