CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, februari 2011

 

 

Schulhoff: Suite voor viool en piano op. 1 – Vioolsonate nr. 1 op. 7 – Sonate voor viool solo – Vioolsonate nr. 2

Tanja Becker-Bender (viool), Markus Becker (piano)

Hyperion CDA67833 • 67' •

 

 

 


 
  Erwin Schulhoff (1894-1942)

Toen Erwin Schulhoff in 1942 in een gevangenenkamp van het nazi regime bezweek aan tuberculose, leek daarmee ook een eind te zijn gekomen aan zijn carrière als componist. Het lijkt bijna pervers dat de muziekwereld zoveel componisten die hun dood in de kampen vonden na de oorlog letterlijk doodgezwegen heeft. Waarom het zo lang duurde voordat de belangstelling voor de Entartete Musik – in Nederland heette dat flink vòòr de Duitse inval ‘ongewenschte muziek’ – weer op gang kwam heeft nog niemand kunnen verklaren. En hoe idioot het is dat we het ‘entartete Musik’ bleven noemen al evenmin. Eén van die ‘entartete’ componisten was Ervin Schulhoff, die in 1894 als kind van gegoede ouders werd geboren in de Duits-joodse gemeenschap in Praag. Hij ontving een voorbeeldige opleiding, diende in de Eerste Wereldoorlog in het leger, kwam daar lichamelijk ongeschonden doorheen en ontwikkelde zich na de oorlog tot een briljant pianist en een veelbelovend componist. Hij bediende zich evenwel van een verwarrende hoeveelheid aan stijlen. Tijdens zijn studiejaren waren het vooral Reger en Debussy die hem beïnvloedden, na de oorlog kwamen daar in rap tempo de tweede Weense school, het Dadaïsme en de jazz bij. In de dertiger jaren bekeerde hij zich tot het communisme en schreef hij volgens de richtlijnen van het socialistisch realisme, met voorspelbaar resultaat. Nog voordat hij van zijn nieuwverworven Russische staatsburgerschap gebruik kon maken werd hij door de Nazi’s opgepakt en stierf hij in 1942 in gevangenschap in kamp Wülzburg, Beieren.

In Nederland heeft de Ebony Band van Werner Herbers veel werk verzet om Schulhoff weer op de kaart te zetten. Twee cd’s met werken in velerlei bezetting op het label Channel Classics vormden de weerslag daarvan, maar vioolsonates waren daar niet bij. Het label BIS heeft al eerder een cd uitgebracht met de Eerste vioolsonate en de Sonate voor viool solo. Het lijkt er op dat we met de opname van twee van deze vier vioolwerken te maken hebben met een eerste registratie, maar Hyperion maakt daar geen melding van. Te oordelen naar de lijst met werken in de New Grove zijn op deze cd wel alle kamermuziekwerken voor viool verzameld.

De Suite op. 1 ontstond in 1911 toen Schulhoff in Keulen studeerde bij Fritz Steinbach, maar draagt alle sporen van een vroegere leraar: Max Reger, bij wie Schulhoff in München studeerde. Het is duidelijk dat Regers ‘Suite im alten Stil’, opus 93 model heeft gestaan voor dit werk, dat met zijn Praeludium, Gavotte, Menuetto, Walzer en Scherzo de heersende mode volgt om iets in de ‘oude stijl’ te schrijven – denk maar aan de ‘Holberg Suite’ van Edvard Grieg. Een jaar later ontdekte Schulhoff de muziek van Claude Debussy, en de Eerste vioolsonate uit 1913 maakt daar dankbaar gebruik van. Het zou tot 1924 duren voordat Schulhoff die sonate in première kon brengen.

De beide andere werken dateren uit 1927, en stylistisch maken we dan ook een grote sprong. Niet alleen was de Eerste wereldoorlg afgelopen, er was ook feitelijk een nieuwe eeuw aangebroken, met bijbehorende nieuwe geluiden. Zo’n nieuw geluid was de jazz, of wat daarvoor in Europa moest doorgaan. Een van de eersten die daar handig op in speelde – en een kolossaal succes boekte – was Ernst Krenek met zijn ‘jazz-oper’ Jonny spielt auf. Ravel pakte het in zijn Vioolsonate wat subtieler aan met een geraffineerde blues. Schulhoff, die ook in nachtclubs optrad als jazzpianist, mengde die ervaring met zijn bewondering voor Bartók in de Tweede vioolsonate, waar insinuerende glissandi wedijveren met hamerende ostinati. In de Sonate voor viool solo gebeurt het tegenovergestelde, hier lijkt respect voor de vioolwerken van Johann Sebastian Bach een temperende werking te hebben.

Tanja Becker-Bender is een violiste die zichzelf in 2009 nadrukkelijk in de kijker speelde met een opname van de Caprices van Paganini, haar debuut op het label Hyperion. Dit is haar tweede cd voor het label, en er staat er eentje in de planning voor de serie ‘The Romantic Violin Concerto’. Pianist Markus Becker is eveneens actief voor Hyperion, hij nam pianoconcerten op van Jadassohn en Draeseke in de serie ‘The Romantic Piano Concerto (klik hier), en verzorgde een droom van een cd voor CPO met de beide linkerhandconcerten van Franz Schmidt (klik hier). Samen zorgen ze voor een schitterend gespeelde cd, die bovendien al even mooi is opgenomen.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links