CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, september 2011

 

 

Mahler: Symfonie nr. 5 in cis

London Symphony Orchestra o.l.v. Valery Gergiev

LSO Live LSO0664 • 71' • (sacd)

 

 

 

 


Op 1 januari 2007 trad Valery Gergiev officieel aan als chefdirigent van het London Symphony Orchestra, als opvolger van Colin Davis. Uiteraard moest Gergiev knallen in zijn eerste seizoen, liefst met een wapenfeit dat direct als een wereldrecord de boeken in kon gaan. Dat werd Gergiev’s Mahler, een integrale uitvoering van alle symfonieën van Mahler; let wel, in één seizoen. Daar zat niet iedereen op te wachten, zo bleek al snel uit reacties in de pers. Sommige critici – Norman Lebrecht voorop – voorspelden de ondergang van het orkest als één van de beste ter wereld. Gergiev zette door, en het resultaat is de afgelopen drie jaren op cd verschenen op het eigen label van het orkest. De resultaten hebben afwisseldend het predicaat geniaal of bagger meegekregen - ongetwijfeld precies wat de maestro zich wenste. Hij vroeg er ook wel om, met zijn Ossetische benadering van deze partituren: provocerend in tempo (bij voorkeur sneller dan anderen) en dynamiek (luider dan wie dan ook). Voor de een een totaal nieuwe kijk op doodgespeelde partituren, voor de ander een schoffering van gekoesterde tradities. Gustav Mahler, van wie de historische uitspraak Tradition ist Schlamperei stamt, zou er wellicht om hebben kunnen lachen.

Met deze uitgave van de Vijfde is de cyclus bijna compleet (alleen de symfonieën negen en tien ontbreken nog). Er is echter iets vreemds aan deze aflevering. De voorafgaande delen werden opgenomen in bovengenoemd seizoen, 2007/8, maar deze stamt uit september 2010. Waarom de uitvoering uit de serie Gergiev’s Mahler is afgevoerd zullen we nooit weten. Wat we wel kunnen vaststellen is dat deze Vijfde in de herkansing een uitstekende uitvoering kreeg. Verdwenen zijn de uitersten in decibels en tempo. Zowel dirigent als orkest laten horen dat het London Symphony Orchestra een lange traditie heeft in dit repertoire. Wellicht interessant om even te kijken naar de tijdsduur van het Adagietto, een geliefd onderwerp van discussie in kringen van recensenten.

In zijn bespreking van de Vijfde door Maris Jansons en het Concertgebouworkest (klik hier) schrijft Maarten Brandt:

‘Jansons laat de muziek binnen een dikwijls brede stroom - in tegenstelling tot het Adagietto dat bij hem onder de tien minuten blijft, als gevolg waarvan hij het door Mahler bedoelde tempo dichter benadert dan veel (de meeste!) van zijn collega's - voor zichzelf spreken en verliest zich nooit in de holle vaten aanpak die bijvoorbeeld Gergiev met zijn zevenmijls laarzen Mahler-cyclus op LSO live ten toon spreidt.’

De zevenmijlslaarzen komen Gergiev deze keer goed van pas: zijn Adagietto neemt 10:35 in beslag. Nog opvallender: voor de hele symfonie hebben beide dirigenten genoeg aan 71’. De stroom van Gergiev is deze keer net zo breed als die van Jansons. Voor de statistiek van het Concertgebouworkest: Haitinks veelgeroemde Kerstmatinee klokt in op 73’, zijn opvolger Chailly op 71’ (Decca), Klaus Tennstedt op 76’ (in de zojuist verschenen Anthology 6 RCO-live).

De opnamekwaliteit van Gergiev’s Mahler werd in de internationale pers al even geschakeerd ontvangen als de interpraties. Super audio won het daarbij op punten van conventioneel stereo. The Barbican is bepaald geen goedklinkende zaal, maar de technici hebben voor de conventionele registratie een doorzichtig klankbeeld weten te realiseren, zonder kunstmatige toevoegingen.

Een zwaluw maakt nog geen zomer, maar wellicht is deze Vijfde een voorbode. Wordt Valery Gergiev toch nog een Mahler-dirigent om rekening mee te houden?


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links