CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, maart 2020

Berger: Introduktion und Fuge in g, op. 42 Vier Fugen, op. 89 Aquarellen op. 23 nr. 3, 5, 6, 10

Mitsuko Saruwatari (piano)
Et'cetera KTC 1681 • 56' •
Opname: juli 2019, Jurriaanse Zaal, De Doelen, Rotterdam

 

Twee jaar geleden verraste Mitsuko Saruwatari de muziekwereld met twee schitterende pianowerken van een componist die al honderd jaar niet meer werd gespeeld: Wilhelm Berger. De reacties logen er niet om, dus er was alle reden om de kennismaking met Berger voort te zetten. De eerste cd bracht een forse Pianosonate en een omvangrijk Variationen und fuge über ein eigenes Thema (hier besproken), de tweede opent opnieuw met een omvangrijk werk: Introduktion und Fuge für Klavier, opus 42, een compositie die minstens evenveel indruk maakt als de beide vorige. Na een preludium dat herinnert aan de opening van het Tweede pianoconcert van Saint-Saëns volgt een groots opgezette tripelfuga waarin alle contrapuntische hoogstandjes die bij zo'n werk horen vergroting, verkleining, stretta en een coda met alle thema's kunstig gecombineerd van stal worden gehaald.

Wilhelm Berger (1861-1911) werd geboren in Boston, maar dat was niet meer dan toeval, zijn Duitse vader verhuisde terug naar Bremen en van daaruit ontwikkelde zich de loopbaan van Wilhelm. Net als Brahms maakte hij naam als pianovirtuoos, dirigent en componist. Als kroon op zijn carrière werd hij in 1903 benoemd tot chef-dirigent van de Meininger Staatskapelle, destijds een toporkest waaraan Johannes Brahms de première van zijn Vierde symfonie toevertrouwde. Toen Berger in 1911 aan een mislukte maagoperatie overleed werd hij opgevolgd door Max Reger. Berger werd slechts negenenveertig jaar oud, maar liet desondanks een kolossaal oeuvre van meer dan honderd opusnummers na. In muzikaal opzicht ligt de vergelijking met Max Reger voor de hand, beide componisten hadden een grote voorliefde voor contrapuntische hoogstandjes en variatiewerken, maar daarbij mogen we niet vergeten dat Reger de jongste van de twee was het is Berger die Reger beïnvloed heeft, en niet andersom. Het overige repertoire op dit tweede deel bestaat uit Vier Fuga's opus 89 (1904) en vier deeltjes uit een bundel van twaalf Aquarellen, geschreven in 1887.

De toelichting maakt er geen melding van, maar er is een connectie tussen Wilhelm Berger en Nederland. In 1888 trad hij in het huwelijk . in Groningen, met Isabella Oppenheimer, een zangeres uit een joodse familie en in 1860 in Groningen geboren. Direct na het huwelijk vertrok het jonge paar naar Berlijn. Hoe de twee elkaar ontmoet hebben vermeldt de geschiedenis niet, maar aangezien Berger in zijn jonge jaren optrad als pianovirtuoos, zou het best kunnen zijn dat hij bij een optreden in Groningen zijn toekomstige vrouw ontmoette. Nog zo'n Nederlandse connectie vinden we in de componiste Anna Cramer, die in Berlijn bij Berger studeerde, en lessen bij hem bleef volgen toen hij benoemd was in Meiningen.

Mitsuko Saruwatari is na haar studie bij Willem Brons aan het Amsterdams Conservatorium in de hoofdstad blijven wonen. In dit repertoire heeft ze geen competitie, en dat is bepaald geen onderhands compliment. Ik kan alleen maar herhalen wat ik bij de vorige uitgave opmerkte: hier is een pianiste aan het woord die zich de essentie van de klankwereld van Brahms en Schumann heeft eigengemaakt, en zich volkomen thuis voelt in dit repertoire. De opname in de Rotterdamse Jurriaanse Zaal werd met alle zorg omringd, van opnameleider Daan van Aalst tot pianotechnicus Gerben Bisschop van Ypma-Maene Piano's. Een schitterend document waarop Wilhelm Berger postuum trots mag zijn, met dank aan Mitsuko Saruwatari.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links