CD-recensie

 

© Aart van der Wal, oktober 2018

 

(R.) Strauss: Eine Alpensinfonie op. 64

Radio-Sinfonieorchester Frankfurt o.l.v. Andrés Orozco-Estrada
Pentatone PTC 5186628 • 56' •
Opname: oktober 2016, Alte Oper, Frankfurt

   

Niets dan goeds eigenlijk van Andrés Orozco-Estrada's Strauss-interpretaties tot dusver. Ik besprak al eerder zijn visie op Ein Heldenleben en Macbeth (klik hier), met als 'ankerpunten' daarin veel branie en opgelegd pandoer, twee eigenschappen die deze orkestwerken van Richard Strauss wat mij betreft als een handschoen passen. En dat voor een Columbiaan zult u zeggen? Want Orozco-Estrada werd in 1977 in Medellin geboren, een stad overigens met een uiterst bedenkelijk reputatie (het dankt zijn bekendheid vooral aan de drugkartels die stad en land nog steeds onveilig maken). Maar de dirigent studeerde wel in Wenen, wat wel duidelijk iets zegt over zijn muzikale achtergrond. Waar in dit geval nog bijkomt dat het Radio-Sinfonieorchester Frankfurt zich als een uitstekend Strauss-orkest heeft ontwikkeld (Eliahu Inbal heeft er alweer lang geleden het nodige veldwerk verricht, onder andere met zijn Mahler- en Bruckner-interpretaties voor het Japanse Denon, een toen belangrijk label dat allang ter ziele is). Al zijn in dit repertoire orkesten als de Berliner Philharmoniker en de Staatskapelle Dresden zo niet toonaangevend, dan er toch mede groot mee geworden. Met op de bok dirigenten als Herbert von Karajan, Rudolf Kempe en Karl Böhm. Zijn waren het die in de jaren zestig de orkestwerken van Strauss een indrukwekkend discografisch gezicht gaven, de opera's uiteraard niet te na gesproken.

In de door de Frankfurters en Orozco-Estrada verklankte reis van Strauss door het steeds wisselende Alpenlandlandschap valt het nu juist op hoe ontspannen het beeld is dat ons in deze fraaie opname wordt voorgetoverd. Een natuurschildering die er zijn mag, breed uitwaaierend, met fraseringen die er wel bij varen, maar zonder dat de ritmische puls eronder te lijden heeft. De strijkersklank van de Frankfurters doet niet onder voor die van de Leipzigers of Dresdeners, wat ook geldt voor de prachtige soli (hout- en koperblazers!) Een apart compliment ook voor de structuur die de dirigent in deze symfonische lappendeken heeft weten aan te brengen. Geen gemakkelijke opgave om de maar liefst 22 vaak sterk contrasterende deeltjes toch binnen het geheel een zekere mate van hechtheid mee te geven. De spanningsbogen bewijzen bovendien een goed gevoel voor timing. We staan hier mijlenver af van het overspannen gedoe van Gustavo Dudamel (naar mijn mening een behoorlijk overschatte maestro).

Wie zo ontspannen wil musiceren (of beter: laat musiceren) moet wel iets opgeven, zoals er aan iedere medaille, hoe goed ook geslepen en lonkerend, vaak wel een iets minder gunstige keerzijde kleeft. In dit geval is het dat expansie vóór 'drive' komt. Dat laat een simpele vergelijking met bijvoorbeeld Haitink en Nelsons zien. Het is verre van een kwalitatief of kwantitatief aspect, maar veeleer een kwestie van benadering van deze stevig uit de kluiten gewassen partituur. Waarbij moet worden aangetekend dat Orzoco-Estrada zijn eenmaal gekozen pad consequent blijft volgen en uiteindelijk niemand kan zeggen wie de route het beste aflegt. De Frankfurters geven mij in ieder geval het gevoel dat tussen de enorme bergmassieven (nog) langer van de schitterendste uitzichten kan worden genoten (met andere woorden: Orozco-Estrada hanteert een ietwat rustiger wandeltempo, al ligt ook bij hem de klemtoon op veel afwisseling. Wie zelf wil proeven moet maar eens het vierde deeltje beluisteren, 'Eintritt zu m Wald', door achtereenvolgens Nelsons, Böhm, Jansons (BR) en Orozco-Estrada. Heus, het is verhelderend! Maar laat ik dan gelijk de mogelijke suggestie wegnemen dat bij Orozco-Estrada te weinig 'beweging' te bespeuren zou zijn. De waterval (deeltje 6) sprankelt fris en monter!

Hoe deze interpretatie met een paar woorden samenvatten? Mijn notitieblokje vermeldt: relaxed en expansief, maar ook levendig, afwisselend geëxalteerd en bovenal lyrisch. De componist zelf zou er misschien met enigszins gefronste wenkbrauwen naar hebben geluisterd, want zijn uitvoering met de Bayerische Staatskapelle (hier op YouTube) is maar liefst ruim 11 minuten korter dan die van Orozco-Estrada. Strauss was overigens een meer dan uitstekende dirigent (en niet alleen van eigen werk). Maar er is altijd ruimte voor verschillende interpretaties. Het zou eens anders moeten zijn: dan pas zou klassieke muziek echt saai worden!


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links