CD-recensie

 

© Aart van der Wal, oktober 2020

Hélène Grimaud - The Messenger

Mozart: Pianoconcert nr. 20 in d, KV 466 - Fantasie in d, KV 397 - Fantasie in c, KV 475

Silvestrov: The Messenger (arr. voor piano en strijkorkest) - The Messenger (voor piano solo) - Two Dialogues and Postcript

Hélène Grimaud (piano), Camerata Salzburg o.l.v. Giovanni Guzzo
DG 4838258 • 79' •
Opname: januari 2020, Universiteit van Salzburg

   

Hélène Grimaud is naar eigen zeggen vooral geïnteresseerd in combinaties die niet voor de hand liggen. Ze heeft wat dit betreft al meerdere malen de daad bij het woord gevoegd, getuige bijvoorbeeld haar album Memory dat precies twee jaar geleden, in de herfst van 2018, uitkwam en door mij hier werd besproken. Maar ook in Credo vinden we een vergelijkbare keuze, met muziek van Beethoven, Pärt en Corigliano, eveneens uitgebracht door Deutsche Grammophon, in 2013.

In Memory had Grimaud onder meer muziek van de Oekraïense componist Valentin Silvestrov (1937, Kiev) op haar programma: twee van diens dertien Bagatellen. Voor haar nieuwste album The Messenger (de boodschapper) koos ze opnieuw voor Silvestrov, ditmaal in combinatie met Mozart en – zeker niet toevallig – drie van diens werken in de mineur-toonsoort: de Fantasieën in d, KV 397 en c, KV 475, en het Pianoconcert in d, KV 466. Een sombere Mozart dus? Deels, want bij dit genie uit Salzburg is het nooit zwart of wit: er zijn in zijn meest donkere werken wel degelijk vaak voorbijflitsende lichtpunten te ontdekken.

Silvestrovs ‘boodschapper' uit 1996 laveert tussen melancholische somberte en hoopgevende klanken. Het elegische werk ontstond vrij kort na het overlijden van zijn echtgenote, de musicologe Larissa Bondarenko. Grimaud biedt op haar cd zowel de uitvoering met als zonder strijkorkest. Over oorspronkelijkheid valt te twisten, maar de weemoedige, bijna verheven sfeer van het stuk brengt het al snel binnen de voorspelbare kaders van Arvo Pärts religieus getinte uitweidingen (waarop hij in de jaren tachtig in stilistisch opzicht zo ongeveer het patent lijkt te hebben gevestigd). Aangenaam klinkende muziek, daar niet van.

Dat laatste geldt in feite ook voor de Two Dialogues and Postscript uit 2001/2002. Wagner moet toen voor hem een belangrijke inspiratiebron zijn geweest, getuige de sfeervolle reminiscenties aan Tristan en Parsifal. Het bekende Wagner-thema in As-groot dat in de boeken is gegaan als WWV 93 mag zelfs, knap uitgewerkt, op Silverstrovs expansieve voorkeursbehandeling rekenen. De titel is eraan ontleend: dialogen met het verleden. Van de ‘unendliche Melodie' is het weliswaar niet gekomen, maar duidelijk is wel dat Silvestrov het uitdijende karakter van Wagners toontaal in deze drie deeltjes ook tot het zijne heeft willen maken.

Wat Mozart betreft: de koers die in deze drie werken wordt gevolgd loopt langs voorspelbare oevers. Dus geen nieuwlichterij, geen accentuering van bepaalde aspecten in deze muziek die de liefhebber tot nieuwe gedachten zou kunnen brengen, maar het discours is gelukkig wel met expressief geladen soliditeit geladen, al kennen we dat uiteraard ook van menige andere uitvoering. Wel daardoor extra opvallend: de fascinerende cadens in het openingsdeel (KV 466), door Grimaud met veel verve en zeer energiek gespeeld. Dit magnifieke beeld zet zich voort in de bijdrage van het Camerata Salzburg dat zich ook op dit album ontpopt als een uitstekend ensemble. Stephan Flock heeft het in de grote zaal van de Universiteit van Salzburg allemaal tot in de puntjes weten vast te leggen. En als we het toch over Mozart hebben: onvergetelijk is en blijft natuurlijk Clara Haskil. U weet waarom.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links