CD-recensie

 

© Aart van der Wal, juni 2018

 

Neukomm: Missa Solemnis (Johannes VI) - Requiem (Louis XVI)

Missa Solemnis
Marie Camille Vaquié en Camille Poul (sopraan), Gemma Coma-Alabert (mezzosopraan), Daniel Auchincloss (tenor), Jonathan Gunthorpe (bariton), Choeur de Chambre de Namur, Le Grande Écurie et la Chambre du Roy o.l.v. Jean-Claude Malgoire

Requiem
Cantaréunion Ensemble vocal de l'Océan Indien, Le Grande Écurie et la Chambre du Roy o.l.v. Jean-Claude Malgoire

Accent 24344ACC • 2.10 • (2 cd's)
Live-opname: 3 en 5 oktober 2008, Église Notre Dame des Anges, Tourcoing (Mis); 6 juli 2008, Église Saint-Martin de Hoff, Sarrebourg (F)

 

Sigismund Neukomm (1778-1858), tijdgenoot van Beethoven en Schubert, schreef zijn zestiende mis, een Requiem, in Parijs. De precieze titel ervan: ‘Missa pro Defunctis tribus simibilus vocibus ob equite Sigismundo Neukomm'. De veerteen onderdelen samen vormen, hoe kort ieder op zich ook (de duur varieert van nog geen minuut tot ruim vijf minuten), de complete (Latijnse) dodenmis. Edoch, eraan vast gecomponeerd is de wel lang uitgevallen dodenmars, aangevuld met een Miserere, die samen ruim 22 minuten in beslag nemen. Deze twee laatste delen werden eerder gecomponeerd dan het Requiem: de mars werd op 26 maart, het Miserere op 24 maart en het Requiem op 9 april 1838 voltooid. De misdelen waren specifiek bestemd om dienst te doen in de kerk, terwijl de dodenmars en het Miserere bedoeld waren als begeleidingsmuziek tijdens de processie van de lijkstoet naar de kerk.

De publicatie van het Requiem op 9 april 1838 in Parijs is voorzien van de volgende inleiding:

Si cet ouvrage est exécuté par un nombre de trente-six voix, pour le moins, on les divisera en deux Choeurs, et on emploiera un tiers de ces voix pour le premier Choeur [1]; les deux autres tiers formeront le second – ou grand-Choeur [2]. L'auteur a pris cette disposition tant pour menager [sic] aux chanteurs des momens [sic] de repos, que pour obtenir des nuances. Les passages marqués [1.2] seront chantés par les deux choeurs réunis.

Volgens voorschrift
Een heldere boodschap voor de ‘exécuteurs': als sprake is van tenminste 36 koorstemmen moeten die volgens voorschrift van de componist in twee koren worden opgedeeld. Een derde van de stemmen (12) moeten worden ingezet in het eerste koor. De resterende stemmen (24) vertegenwoordiger het tweede of ‘grote' koor. Het is uidrukkelijk de bedoeling van de componist om het de koristen daardoor mogelijk te maken om zowel rustmomenten in te lassen als dynamische nuances aan te brengen. De met [1.2] gemerkte passages dienen door de beide koren tezamen worden gezongen. Zo vinden we dat ook terug in de voorliggende opname.

Talleyrand
Evenals Cherubini's Requiem in c is ook het Requiem van Neukomm opgedragen aan Lodewijk XVI die in 1793 roemloos op het schavot eindigde. Ook voor Marie-Antoinette liep het slecht af: zij stierf in datzelfde jaar, eveneens door de guillotine. De opdracht voor het Requiem ontving Neukomm rechtstreeks van prins Talleyrand die deelnam aan het Weense congres, waarin tussen september 1814 en juni 1815 door de overwinnaars op Napoleon Bonaparte een nieuw en vooral vredelievend Europa uit de vele hoge hoeden werd getoverd. Talleyrands opdracht aan Neukomm betekende natuurlijk niets anders dan een muzikale hommage aan de geëxecuteerde vorst. Dat sindsdien inmiddels een decennium was verlopen deed er verder niet toe. Neukomm componeerde geen nieuw werk, maar pakte een twee jaar eerder ontstaan Requiem uit de kast, de 'Missa pro defunctis manibus parentum praeceptorrumque suorum Mich. et Ios. Haydn nec non F.X. Weissauer D.D.D. ab equite Sigism. Neukomm'. Een eerbetoon aan Neukomms leermeesters Michael en Joseph Haydn, maar ook aan Franz Xaver Weissauer. Hij vlechtte het materiaal in het opgedragen werk en voegde er nog een offertorium aan toe (speciaal gecomponeerd voor zijn zus Elise, een uitstekende sopraan!). Zo werd het Requiem tijdens de in Wenen gehouden plechtigheden uitgevoerd.

 
 
Sigismund Neukomm

Niet honkvast
Sigismund (von) Neukomm werd geboren in Salzburg in 1778 (om het muzikale tijdsbeeld te bepalen: Mozart schreef daar drie jaar eerder zijn vijf vioolconcerten) en overleed in Parijs in 1858. Hij werd tachtig, zeker in die dagen een zeer respectabele leeftijd. Neukomm was niet bepaald honkvast: hij was kapelmeester aan het Duitse Theater in Sint-Petersburg, werkte in Rio de Janeiro aan het voor de napoleontische heerscharen gevluchte, Portugese hof en was vanaf 1822 in Parijs te vinden, waar hij door de prinses van Vaudémont in de watten werd gelegd en dankzij haar gemakkelijk entree kreeg bij de Franse adel. Zo werd hij door haar geïntroduceerd bij de hertog van Orléans, de latere Franse koning Louis-Philippe I, die het land van 1830 tot 1848 zou bestieren.

Neukomm zat het reizen dus in het bloed. In de twintig jaar dat hij als musicus was verbonden aan het gevolg van prins Talleyrand bracht hij een deel daarvan ver buiten Europa door. Een reis naar Noord-Amerika moest op het laatste moment worden afgezegd toen Neukomms gezondheid hem in de steek liet. Wat niet wegnam dat hij daarna door geheel Europa bleef trekken, als musicus en als componist. Op de vele pleisterplaatsen die hij daarbij aandeed zocht hij ook uitgevers voor zijn muziek. Ondanks een stortvloed aan activiteiten en reizen presteerde hij het om bijna tweeduizend muziekwerken te schrijven, waaronder liefst vijftig missen, naast oratoria, psalmen, motetten, liederen, kamermuziek, allerlei bewerkingen voor harmonium ('orgue expressif') en niet te vergeten een aantal leerboeken over muziek. Zijn werk mag nu vrijwel zijn vergeten, toen kostte het hem geen enkele moeite om zijn muziek door vooraanstaande uitgevershuizen gepubliceerd te krijgen. Wie zijn Missa Solemnis, maar ook zijn Requiem ter nagedachtenis aan Louis XVI beluistert begrijpt ook waarom. Het is indrukwekkende en uiterst sfeervolle, knap geschreven muziek.

Nalatenschap
Zijn muziek mag dan de dans der vergetelheid niet zijn ontsprongen, zijn manuscripten zijn gelukkig wel bewaard gebleven. Ze liggen in de Bibliothéque Nationale in Parijs, maar liefst tweeduizend stuks. Neukomm had ze in eerste instantie nagelaten aan de Pruisische staatsbibliotheek maar door de Frans-Pruisische oorlog van 1870 kwam het er niet van. Dat zijn nalatenschap pas laat onder de aandacht kwam van muziekwetenschappers heeft alles te maken met de typisch Franse nonchalance: pas medio jaren vijftig van de vorige eeuw werd de verzameling publiekelijk beschikbaar gesteld. Nog een sprekend voorbeeld van die onverschilligheid is (nog steeds!) het ontbreken van een deugdelijke catalogisering, waardoor veel van het materiaal dat zich in of bij ander materiaal bevindt wacht op professionele ontsluiting. Een specifieke zoektocht betekent geworstel door een enorme, wanordelijke rijstebrijberg.

Celebrity
Sigismund Neukomm was in zijn tijd een muzikale ‘celebrity' van grote statuur. Bovendien was hij politiek onbesproken en had hij een schoon blazoen.Het zegt misschien ook wel veel dat hij het was en niet Beethoven die in 1815 ten tijde van het Weense Congres werd uitgenodigd om een plechtige mis te componeren naar aanleiding van het overlijden van de Franse koning Lodewijk XVI. Zoals het ook Neukomm was die de opdracht had ontvangen om een Te Deum te componeren om speciaal te worden uitgevoerd in de Notre Dame ter gelegenheid van de plechtige entree in Parijs in 1814 van Lodewijk XVIII. Ook als dirigent stond hij in hoog aanzien, zoals onder meer werd bevestigd in Salzburg in 1842, toen hij zowel Mozarts Kroningsmis als diens Requiem dirigeerde ter gelegenheid van de plechtige onthulling van het standbeeld van de gevierde Salzburgse en later Weense componist.

Netwerk
Neukomms muzikale netwerk was aanzienlijk. Hij kende Cherubini, Choron, Grétry, Dussek, Chopin, Beethoven, Benedict, Thalberg, Czerny, Fétis en Mendelssohn, maar was ook bij een groot aantal vooraanstaande politici bij wijze van spreken kind aan huis. Daarnaast hield hij zich als componist en musicus graag op bij de meest uiteenlopende Europese hoven. Het zal hem allemaal hebben geholpen interessante en vooral goed betaalde opdrachten binnen te slepen.

Een van de politici die Neukomm hoog had zitten was de reeds genoemde Talleyrand, die mede als bruggenbouwer fungeerde tussen Neukomm en de hertog van Luxemburg. In 1816 vertrok Neukomm met de hertog op diens diplomatieke missie naar het Braziliaanse Rio de Janeiro. Daar accepteerde hij de post van componist aan het Portugese hof (dat in die tijd in Rio was gevestigd). Hij zou er vijf jaar blijven, om vervolgens – nadat een binnenlandse revolutie uiteindelijk had geleid tot de Braziliaanse onafhankelijkheid – weer naar Europa terug te keren.

Censuur?
Het is – zijn netwerk ten spijt – Neukomm in Brazilië ondanks vele pogingen nooit gelukt om Marcos Portugal, een zeer succesvolle Portugese componist en tevens de muzikale favoriet van de koning in Rio, van diens troon in de Chapel Royal te stoten. Neukomm beweerde zelfs, wel of niet terecht, dat een van zijn missen door de broer van Marcos was gecensureerd. Of het deze Missa Solemnis is geweest waarmee hem de voet werd dwarsgezet vertelt het verhaal echter niet. Evenmin is duidelijk of de mis, de vierde van de in totaal maar liefst vijftig missen die hij zou componeren, werkelijk bestemd was ter opluistering van de festiviteiten rond de inwijdingsceremonie van koning Jaõs VI, al lijkt dat, gelet op de titel (Missa Solemnis pro Die Acclamationis Johannes VI) en de datum van voltooiing, 3 april 1817, dus een jaar vóór de kroning, wel waarschijnlijk. Toch werd toen niet deze mis maar Neukomms Te Deum door de hofkapel in Rio uitgevoerd. Helemaal origineel was het opus overigens niet: Neukomm, net zo praktisch ingesteld als vóór hem Bach, had het volledige Kyrie en fragmenten uit het Credo, Sanctus en Dona nobis pacem uit zijn eerste mis, de Missa Sancti Floriani (1809) geplukt, maar daarbij wel de orkestratie geheel opnieuw ingericht. Zoals hij ook voor het Requiem uit andere bronnen van zijn hand had geput.

Malgoire
Het Requiem onder Malgoire verscheen al eerder op cd (hier besproken), toen een wereldpremière, met deels dezelfde bezetting als op het onderhavige album, maar aanmerkelijk later opgenomen (2016). Afgaande op uitsluitend de opnamedatum is dus eigenlijk de Accent-uitgave een première, maar veel doet het er eigenlijk niet toe. Een voorkeur durf ik niet uit te spreken, al is de verwantschap tussen beide uitvoeringen wel sterk; en niet in de laatste plaats door de uitgelezen kwaliteiten van solisten, koor en orkest die elkaar alleen al op dit punt in de beide opnamen (alleen in het Kyrie, in de nieuwe opname bij 2:14 is een spoortje vervorming hoorbaar) keurig in evenwicht houden. Ook van de Missa Solemnis resteert een positief beeld, met daarbij de kanttekening dat de ietwat pompeuze dirigeerstijl van Malgoire uitstekend bij deze muziek past. Wie bovendien wil genieten van een 'authentiek' instrumentarium (inclusief de vier kornetten, vier hoorns, drie trombones en ophicleïde) kan hier zijn hart ophalen. Het lot wil overigens dat Malgoire kortgeleden overleed, op 14 april 2018, 78 jaar oud.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links