CD-recensie

 

© Aart van der Wal, december 2019

Mozart: Klarinetconcert in A, KV 622 - Quintettsatz in Bes, KV Anh. 91 (voltooid door Franz Beyer) - Klarinetkwintet in A, KV 581

Julien Hervé (bassetklarinet), Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Gustavo Gimeno Gordan Nikolic en Goran Gribajcevic (viool), Roman Spitzer (altviool), Céline Flamen (cello)
NoMadMusic NMM067 • 71' •
Opname: maart 2017, De Doelen, Rotterdam; september 2018, Zeeuwse Zaal, Middelburg

   

Julien Hervé is samen met Bruno Bonansea eerste klarinettist bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest (RPhO). Daarnaast verzorgt hij allerlei solo-optredens in binnen- en buitenland, is in meerdere kamermuziekensembles actief en is docent aan Codarts in Rotterdam. Hij is net zo talentvol als bijvoorbeeld de Fin Kari Kriikku (aan wie Magnus Lindberg zijn Klarinetconcert opdroeg) of Andreas Ottensamer, maar anders dan deze flamboyante Duitser is hij ook naast het podium de bescheidenheid zelve.

Wie bij het RPhO een eerste lessenaar mag innemen (en houden!) beschikt sowieso al over een buitensporig groot muzikaal talent, want de eisen (auditie!) zijn zwaar, terwijl - u kent het adagium - velen zijn geroepen maar slechts weinigen uitverkoren om zelfs maar tot een van de de eindrondes te worden toegelaten. In mijn vraaggesprek (klik hier) met Jan Jansen, zelf klarinettist bij het RPhO (hij excelleert met name op de Es-klarinet) heeft deze over het proefspel een aantal behartenswaardige opmerkingen gemaakt. Zoals: perfecte techniek geldt bij voorbaat als eerste vereiste, maar muzikaliteit? Dat lijkt iets ongrijpbaars te zijn, maar toch is dat niet zo. Al snel blijkt of een kandidaat echt muzikaal is, ‘het' in zijn vingers heeft. Maar ook of diens spel bij het klankidioom van het orkest past: “Aan de manier waarop met klank wordt omgegaan, hoe wordt gefraseerd, de dynamische contouren die worden geschetst en zo verder,” aldus Jansen.

Hervé is al sinds 2008 aan het RPhO (“mijn familie,” aldus de klarinettist) verbonden en natuurlijk lag het voor de hand om hét concert voor klarinet en orkest, dat van Mozart, met het RPhO vast te leggen. En dan ook nog op de bassetklarinet (Hervé gebruikt er twee: in A en in Bes).

Van Mozarts Klarinetconcert uit 1791 (zijn sterfjaar) ontbreekt helaas het oorspronkelijke manuscript, waar nog bijkomt dat het werk na de dood van de componist werd gepubliceerd. Aangenomen wordt evenwel dat het werk, opgedragen aan de klarinettist Anton Stadler, een virtuoos op zijn instrument, door Mozart specifiek is geschreven voor de bassetklarinet (diverse lage noten vallen buiten het bereik van de ‘gewone' klarinet). Het instrument was in die tijd slechts weinig in gebruik, maar stond bij Stadler in hoog aanzien en hij speelde er graag op. Dat in de postume publicatie die lage noten waren getransponeerd naar het ‘gewone' bereik doet daaraan niets af.

Ook in het Klarinetkwintet uit 1789 klinkt Herve's bassetklarinet. Het is eveneens aan Stadler opgedragen en ook daarin speelt dit instrument de hoofdrol, hoewel veelal – zoals ook in het Klarinetconcert – van de ‘gewone' klarinet (in A of Bes) gebruik wordt gemaakt. Ook het zogenaamde ‘Kegelstattrio' uit 1786 droeg Mozart overigens aan Stadler op.

Het spel van Julien Hervé heeft in het Klarinetconcert een muzikanteske intensiteit en het glanst of fonkelt voortdurend. De tempi zijn terecht vlot, de contrasten zijn beeldend uitgewerkt en aan de detailwerking en aan de dynamische proportionaliteit (heel belangrijk bij Mozart) is veel aandacht besteed zonder dat het een bestudeerde indruk maakt en aldus ten koste gaat van spontaniteit en spiritualiteit. Boeiend is ook de vrijheid die Hervé zich terecht permitteert in de fraseringen, daarbij volmaakt articulerend en met een helder zicht op zowel de gehele werkstructuur als het melodische verloop. De begeleiding (wat heet…) munt uit in doorzichtigheid en souplesse, aldus voor een fraaie omlijsting van dit eminente klarinetspel zorgend.

Dat zeer positieve beeld zet zich voort in het Klarinetkwintet en in het (door Franz Beyer voltooide) kwintetdeel (KV Anh. 91): warm, rijk van klank, mede ook dankzij de inbreng van de overige leden van het ensemble. Hier zijn musici aan het ‘woord' van grote portuur. Hannelore Guittet en Nicolas Theilliez zorgden voor een prachtige opname.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links