CD-recensie

 

© Aart van der Wal, april 2018

 

Robert Groslot - Chamber Music

Groslot: Poème secret (voor harp, fluit, klarinet en strijkkwartet) - Confused Conversations (voor piccolo en piano) - Hibernaculum (voor blaaskwintet) - The Green Duck (voor piccolo solo) - The Phoenician Sailor (voor piccolo, althobo, trombone en piano) - Statement, Reflection and Conclusion (voor fluit solo)

Peter Verhoyen (fluit), Dimitri Mestdag (hobo, althobo), Geert Baeckelandt en Marija Pavlovic (klarinet), Peter Nuytten (fagot), Eliz Erkalp (hoorn), Roel Avonds (bastrombone), Eline Groslot (harp), Stefan De Schepper (piano), Ann-Sofie Vande Ginste en Gudrun Verbanck (viool), Bieke Jacobus (altviool), Lieselot Watté (cello)
TYXart TXA18113• 67' •
Opname: november en december 2016, Galaxy Studios, Mol (B)

www.TYXart.de
www.robertgroslot.eu

 

Ik besprak al eerder kamermuziek van de Belgische componist, pianist, dirigent, graficus en cineast Robert Groslot (1951): werken voor cello en piano (klik hier). Ik schreef toen dat zijn muziek haar wortels vooral heeft in beeld. Niet zo vreemd voor een componist annex graficus en cineast! Waarbij het niet zozeer om concrete onderwerpen gaat, maar eerder om meer algemene connotaties. Wassily Kandinsky memoreerde eens dat voor hem een schilderij een contrapunt vol met kleuren was en Paul Klee zag in zijn schilderwerk 'figure et fond' (voor- en achtergrond), terwijl Pierre Boulez eens opmerkte dat er wat hem betrof geen essentieel verschil bestond tussen een schilderij en een partituur. De verwantschap tussen beide was hem volkomen helder: een schilderij kent evengoed een ritmische opbouw (en als zodanig de uitwerking hebben op de kijker) als een compositie (en als zodanig de uitwerking hebben op de luisteraar). Een schilderij is - ook als de aanblik daarvan chaotisch lijkt - een even ordelijk geheel als een compositie dat is - ook als die chaotisch overkomt. Terwijl structuur niet iets is dat per se bij de eerste beschouwing zicht- of hoorbaar is of wordt. En wat het oog kan bedriegen (het bekende trompe-l'oeil), kan ook het oor bedriegen. Wat dit 'bedrog' betreft kunnen we in de schilderkunst zelf heel ver teruggaan in de tijd, naar de zeventiende eeuw (met Cornelius Gijsbrechts als een van de belangrijkste exponenten van deze kunstvorm).

Maar Groslot houdt ook van het echte denkwerk. Hij kan zich eindeloos verliezen in de meest complexe puzzels, een fascinatie die in de vorm van zijn muziek eveneens is terug te vinden. Dan is er zijn grote belangstelling in taal en haar complexe semantiek. Het zijn voor allemaal belangrijke elementen in zijn scheppingsproces, maar ook hier geldt: er is geen sprake van de een of andere concrete voorstelling die als zodanig in zijn muziek is terug te vinden. Wel is het aan de luisteraar om de gevoelswaarde ervan als het ware te onderscheppen. Er is evenmin sprake van een specifieke stijl of rangorde die deze composities in dit opzicht een bepaalde plaats kan geven. Van een verbondenheid met bijvoorbeeld de Tweede Weense School is hoorbaar geen enkele sprake, en is het serialisme hem niet op het lijf geschreven. Wel is er Groslots bewondering voor Witold Lutoslawski, en dan met name voor diens 'vereenvoudigde' stijl van componeren.

Het is muziek die bovenal het hart weet te raken, getuige ook deze zes werken voor uiteenlopende bezettingen, bijzonder inventief en kleurrijk uitgevoerd door deze dertien musici van muzikaal zeer goede komaf. Daaronder ook Eline Groslot die, tenminste afgaande op de achternaam, met de componist nauw verbonden moet zijn. Evenals het vorige album kwam ook deze uitgave onder het toeziend oog en oor van deze boeiende Belgische toondichter zelf tot stand.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links