CD-recensie

 

© Aart van der Wal, januari 2023

C.Ph.E. Bach - Sonatas for Flute and Fortepiano

(C.Ph.E.) Bach: Triosonates WQ 83, 143, 145, 149 - Sonate voor fluit Wq 132 - Fantasie voor pianoforte Wq 67

Klik hier voor de inhoudsopgave

François Lazarevitch (traverso), Justin Taylor (fortepiano)
Alpha 768 • 80' •
Opname: juli 2020, Rosario-klooster, Bever (B)

 

In mei 2021 besprak ik van François Lazarevitch, toen op verschillende fluiten en musette, zijn fraai gestileerde selectie uit Der Fluyten Lust-Hof van Jacob van Eyck (klik hier), een prachtig werk overigens dat in het midden van de zeventiende eeuw in Amsterdam in druk verscheen, een omvangrijke bundel met met name variaties voor de blokfluit in zijn verschillende gedaanten en opgedragen aan niemand minder dan Constantijn Huygens, groot dichter, diplomaat, geleerde, architect én componist.

In deze nieuwe uitgave draait het om trio- en fluitsonates van Carl Philipp Emanuel Bach, met François Lazarevitch op traverso en Justin Taylor op fortepiano. De sonates weerspiegelen typisch de zogenaamde 'empfindsamer Stil' zoals die in Noord-Duitsland vanaf de jaren 1720 geleidelijk aan de traditionele barokmuziek naar de achtergrond schoof, met als hoogtepunt van deze stijl de jaren zeventig, temidden van wat zich toen eveneens had ontwikkeld: 'Sturm und Drang' en het klassieke idioom.

Die 'empfindsame Stil' zette zich eveneens door aan het hof van de in het fluitspel bedreven koning Friedrich II van eerst Oost- en later geheel Pruisen. Carl Philipp Emanuel was als musicus en componist aan het hof verbonden en gaf er onder meer les aan Anna Amalia, de dochter van de koning. Het was deze prinses die de aanzet gaf tot de bouw van een orgel met 22 registers. Ze schreef in 1755 daarover aan haar zuster Wilhelmine: 'Vandaag heb ik voor het eerst op mijn orgel gespeeld (...) Het orgel geeft mij veel voldoening (...) hoewel het niet zo krachtig is als een kerkorgel. Ik zal oefenen, zodat ik al mijn broers kan begeleiden zonder een noot te missen.' Carl Philipp Emanuel Bach schreef speciaal voor haar en dit orgel een collectie van zes sonates.

De onderhavige triosonates hebben als bezetting traverso, viool en bas, volgens het voorbeeld van Wq 145 hieronder (in het handschrift van de componist), uiteraard genoteerd op drie notenbalken. Wat dit betreft dus mogelijkheden genoeg: drie instrumenten of twee, afhankelijk van de beschikbare instrumentalisten. Op dit album worden de triosonates niet gespeeld in de door de componist gemaakte, hierboven weergegeven versie. De vioolpartij neemt de fortepianist met de rechterhand voor zijn rekening.

Merk op dat de baspartij volledig is uitgeschreven (geen becijferde bas), wat we ook terugzien in bijvoorbeeld de Vioolsonates BWV 1014-1019 van vader Bach, waarover de zoon in 1774 opmerkte dat ze moesten worden beschouwd als 'pianotrio's'.

Hoofdzaak is dat Lazarevitch en Taylor zich in dit recital presenteren als bevlogen musici die hun vertolking bovendien extra cachet geven op grond van hun grote kennis van en ervaring met de historiserende uitvoeringspraktijk. In de Sonate in a, Wq 132 is de fluitist alleen aan het woord, in de op fantasierijke improvisaties gestoelde Fantasie voor pianoforte in fis, Wq 67 valt volop te genieten van de net zo voortreffelijk improviserende fortepianist. Beide delicate instrumenten zijn door de opnametechnici waarheidsgetrouw vastgelegd: de balans tussen de beide instrumenten en daarmee de onderlinge stemverhoudingen is perfect, de microfoons staan niet te dichtbij opgesteld maar ook weer niet te ver af. Precies goed dus wat mij betreft: je moet ook echt de akoestische ruimte zonder het effect van 'versmeren' kunnen horen en dat is hier gelukkig het geval.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links