Boeken

 over musici

 

© Emanuel Overbeeke , juli 2020

 

Thea Derks: Slotakkoord - Reinbert de Leeuw 2014-2020

Leporello Uitgevers (2020)
ISBN 978-90-796-2432-4
78 blz., paperback
Verkoopprijs € 11.95

www.leporello.nl

Zie ook: Reinbert de Leeuw mens en melodie

 


Ìn 2014 verscheen van Thea Derks de biografie (hier besproken) van Reinbert de Leeuw, op een moment dat haar onderwerp nog leefde. Nu hij niet meer leeft, is het tijd voor een wat Derks noemt Slotakkoord. Die titel geeft goed aan hoe dit boekje van nog geen 100 bladzijden aansluit op haar boek uit 2014. Ze meldt zijn laatste verrichtingen, maakt ten dele de balans op is en zit nog steeds in haar maag met haar mix van bewondering en kritiek. Uit die dubbelheid probeert zij zich te redden met de volgende zinnen in het voorwoord.

‘Hij was een groot musicus die velen heeft geënthousiasmeerd voor moderne muziek. De laatste jaren bereikte hij een nóg groter publiek met zijn romantisch-zwelgende vertolkingen van de Matthäus - en Johannes-Passion van Bach. Dat hij ook star en onverzoenlijk kon zijn, zoals ik ondervond na de publicatie van mijn biografie, was soms moeilijk te verdragen. Maar ik ben de mens altijd blijven onderscheiden van de muziek en huldig de gedachte “Wie zonder zonden is, werpe de eerste steen”. Daarom: zand daarover. Reinbert de Leeuw is dood, leve Reinbert.' (p. 11)

Eerlijk gezegd hoeft men, vind ik, leven en werk bij hem niet te scheiden. Juist in dit geval zou de verbinding meer inzicht hebben verschaft in beide. Reinbert de Leeuw was als vertolker zeer goed in Kurtág, soms goed in Webern en Messiaen en hij had het vermogen mensen te enthousiasmeren, ook mensen die normaal gesproken weinig hebben met klassieke muziek en nog minder met moderne klassieke muziek. Met trots vertelt Derks dat zijn laatste orkestwerk, Der nächtliche Wanderer, op het repertoire stond van Oliver Knussen, maar ze verzwijgt dat de uitvoering van de Engelsman veel beter en boeiender want slanker en overzichtelijker is dan die van de Nederlander. De Leeuws neiging om alles wat hij uitvoert te behandelen met een dodelijke ernst en met een intensiteit die grenst aan het pathologische, blijft onvermeld. (Daarmee is hij trouwens niet meer intens dan andere musici; in een andere stijl kan men minstens zo intens zijn). Bij Vivier en enkele Russinnen pakt die aanpak zeer goed uit, maar als hij Schönbergs Gurre-Lieder en de grote theaterstukken van Andriessen leidt, lijken wij vooral heftig te moeten meelijden. Zijn vertolking van Pli selon pli van Boulez demonstreerde zijn onvermogen om grote intensiteit te combineren met transparantie. Met Franse muziek had hij sowieso weinig. Messiaen kon hij veranderen in een Duitser, omdat Messiaens muziek zich daartoe leende. Derks' boekje vermeldt wel zijn samenwerking met het Belgische gezelschap Collectief maar niet dat zijn opnamen met dit gezelschap veel minder log en harmoniumachtig klinken dan die met Nederlandse musici die hij meer wilde kneden en/of zich meer lieten kneden.

Velen hebben zich verwonderd over het feit dat iemand die zijn leven lang zich zo inzette voor de moderne muziek, zich op zijn oude dag toelegde op Bach. Na lezing van Derks' biografie uit 2014 en na De Leeuws uitvoeringen van de passies gehoord te hebben, begrijp ik waarom. Muzikaal lag De Leeuws hart bij de Duitse romantiek die hij benaderde met een dodelijke en moraliserende ernst waarin zwaar psychologiseren en zwaar op de hands protestantisme samengaan. Op zijn manier Bach uitvoeren was de terugkeer naar zijn wortels, geen wonder dat hij voorbij ging aan de latere inzichten van zijn maatjes Frans Brüggen en Nikolaus Harnoncourt. Derks meldt dat de documentaire van Cherry Duyns over De Leeuws omgang met Bachs passies een hit was in filmhuizen. Ik vrees dat dit vooral veel zegt over de bezoekers, want over Bach zegt De Leeuw in de film niets wezenlijks (het meest onthullend is nog de welkome bekentenis dat wij niet weten hoe Bach zijn passies uitgevoerd wilde hebben). Dat Duyns, in de regel prettig creatief en scherpzinnig, voor zijn doen hier uitzonderlijk kritiekloos was en dat de toehoorders niettemin in groten getale kwamen, is denk ik omdat De Leeuw de held is van een generatie die de jaren zestig en zeventig beleefde als de grote bevrijding van de culturele saaiheid en onderdanigheid waarin deze generatie voor 1965 was grootgebracht. Anders kan ik het niet verklaren waarom veel mensen van deze generatie die zich vanaf de jaren zeventig gedroegen als de winnaars van de geschiedenis zo kritiekloos de opvattingen van de boegbeelden van de jaren zestig napraten, terwijl er zich nadien ook grote veranderingen hebben voorgedaan. (Zijn Bach was voor een deel ook hun Bach en ondanks de cultuurverandering ergens nog steeds ook voor hen een voorbeeld.) Als Halbe Zijlstra met zijn bezuinigingen in 2011 ook een culturele agenda had, dan was het om deze generatie te veranderen van een winnaar in een verliezer (om dat voor elkaar te krijgen moet men net zo ongenuanceerd zijn als de Notenkrakers in de jaren zestig) en dat is hem met hulp van de generatie volgend op de babyboomers zeer aardig gelukt.

Derks heeft wel oog voor de ook minder fraaie kanten van De Leeuws (muzikale) persoonlijkheid, maar opmerkingen daarover laat ze net als in haar boek uit 2014 vooral over aan de velen die (ik neem aan op haar verzoek) na zijn dood iets over De Leeuw hebben geschreven. Hij wíst het altijd en altijd beter, kon absoluut niet tegen kritiek, was geen man voor redelijke debatten, wel voor een missie die moest worden volbracht met het pathos van een zowat doorgedraaide – en misschien had hij wel niet kunnen bereiken wat hij had bereikt als hij deze karaktertrek niet had gehad.

Het boekje geeft wel een goed overzicht van het vele dat De Leeuw gedaan heeft in zijn laatste zes jaar, maar Derks is niet bereid tot een genuanceerde afweging over zijn betekenis (na de bijna aandoenlijke toon waarop de viering van De Leeuws tachtigste verjaardag wordt beschreven, was dat ook nauwelijks te verwachten). Om dat te kunnen moet men zich veel onafhankelijker durven op te stellen ten opzichte van de erfenis van de Notenkrakers.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links