Solisten

In memoriam Nan Merriman (1920 ~ 2012)

 

© Theo Laceulle, augustus 2012

 

 

Op 22 juli overleed de grote Amerikaans-Nederlandse mezzosopraan Nan Merriman op 92-jarige leeftijd. Zij zong al lang niet meer - haar afscheidsconcerten gaf zij in april 1965 in het Concertgebouw, maar zij bleef, vooral in Nederland, een zeer geliefde zangeres, zowel door en de vele concerten met het Concertgebouworkest, als door haar opnamen.

Geboren in Pittsburgh op 28 april 1920 als Katherine-Ann Merriman en vanaf haar vijftiende jaar levend in Los Angeles begon zij al vroeg zang te studeren, onder andere bij Lotte Lehmann. In 1940 gaf zij haar eerste concerten en maakte ze een tournee door de VS met het toneelgezelschap van Laurence Olivier, waarbij zij tussen de bedrijven van Shakespeare's Romeo and Juliet liederen van Purcell ten gehore bracht, en in diezelfde periode werkte zij ook mee aan de soundtracks van enkele filmproducties. Haar operadebuut volgde in 1942 bij de Cincinnatti Summer Opera als La Cieca in La Gioconda van Ponchielli.
In 1943 won Nan Merriman een nationaal zangconcours en mocht zij enkele aria’s zingen die werden uitgezonden door de NBC. Arturo Toscanini hoorde die uitzending bij toeval en nodigde haar uit om concerten met hem te geven. Zo zong zij in vele van zijn beroemde radio-uitzendingen die allen bewaard zijn gebleven (tweede akte Orfeo ed Euridice van Gluck, Beethoven's Missa solemnis en Negende symfonie, en van Verdi Maddalena in de vierde akte uit Rigoletto, Meg Page in Falstaff, Emilia in Otello, Eboli’s aria 'O don fatale' uit Don Carlos en de altsolo in diens Messa da requiem). In een artikel in the Saturday Review (maart 1967) geeft zij een prachtige beschrijving van het repetitieproces dat voorafging aan de uitvoering van de tweede akte van Orfeo ed Euridice en aan de uitvoering en opname van Falstaff.
In het begin van de vijftiger jaren startte haar Europese carrière. Zo zong zij in het festival van Edinburgh bij de Britse première van Stravinski’s The Rake’s Progress de rol van Baba the Turk en aan de Milanese Scala in De Stenen Gast van Dargomyzjski. Haar voornaamste rol was ongetwijfeld die van Dorabella in Mozart’s Cosi fan tutte, die zij zong in Aix en Provence (1953, 1955, 1959, met Teresa Stich-Randall en onder leiding van Hans Rosbaud), bij de Piccolo Scala (1955, onder leiding van Guido Cantelli met Elisabeth Schwarzkopf) en tijdens het festival van Glyndebourne (1956, met Sena Jurinac).

Bij de Nederlandse Opera is Nan Merriman slechts één keer opgetreden, als Meg Page in Verdi’s Falstaff (1956), maar als concertzangeres werd zij zeer geliefd door haar vele recitals in het Concertgebouw en elders in het land met Felix de Nobel en Jean Antonietti als begeleiders, veelal met Frans en Spaans repertoire. In de Grote Zaal maakte zij vooral naam als Mahler-zangeres, waarbij zij regelmatig onder leiding van Eduard van Beinum te horen was in Das Lied von der Erde en de Lieder eines fahrenden Gesellen. Daarnaast zong zij in Mahlers Tweede, Derde en Achtste symfonie (met Rafael Kubelík), maar ook in Beethoven's Missa Solemnis onder Otto Klemperer en Diepenbrock’s Te Deum bij het 25-jarig dirigentenjubileum van Van Beinum.
In de jaren ’60 trouwde zij met de Nederlandse tenor Tom Brand (in zijn tijd een beroemde Evangelist in de Matthäus Passion) die als weduwnaar tien kinderen moest opvoeden. Helaas overleed hij in 1970 en Merriman nam de zorg voor zijn kinderen op zich. Toen de kinderen volwassen waren, keerde zij terug naar Los Angeles.

De officiële discografie van Nan Merriman is niet zo uitgebreid. Naast alle opnamen van de radio-uitzendingen met Arturo Toscanini bezitten we een complete Rigoletto met Erna Berger, Jan Peerce en Leonard Warren onder leiding van Renato Cellini, in mijn ogen nog steeds de beste uitvoering die er is (RCA). Voor EMI nam zij in 1954 recitals met Franse enSpaanse liederen op met Gerald Moore aan de piano, die gelukkig opnieuw werden uitgebracht door Testament.
Cosi fan tutte nam zij op onder Herbert von Karajan (EMI) en onder Eugen Jochum (DGG), en ook verscheen een tweede opname van Falstaff, ditmaal onder Karajan met Tito Gobbi. Ook van Das Lied von der Erde verschenen twee officiële opnamen (met het CO onder Van Beinum en Jochum, beide keren met Ernst Haefliger als tenorsolist) en de Lieder eines fahrenden Gesellen nam zij eveneens op met het CO onder Van Beinum. Verder verschenen Bach’s Hohe Messe en Handel’s Messiah op Westminster onder leiding van Hermann Scherchen. Daarnaast bestaat er nog een opname van Falla’s El amor brujo onder Leopold Stokowski en zingt ze de Lamentation in de eerste opname van Bernstein’s Jeremiah Symphony onder leiding van de componist (RCA).

 

Tot de min of meer officiële live-opnamen behoren Cosi fan tutte in de fantastische uitvoering onder Cantelli uit de Piccolo Scala (Living Stage, Wallhall en Opera d’Oro), Verdi's Requiem onder Toscanini (Music & Arts) en Ormandy (met Leontyne Price - SRO), Das Lied von der Erde onder Hans Schmidt-Isserstedt met Wunderlich (Bella Voce), het Te Deum van Diepenbrock in de opname ter gelegenheid van Van Beinum’s 25-jarig jubileum met Spoorenberg, Haefliger en Bogtman (Q-disc), de Missa Solemnis onder zowel Bruno Walter (Music & Arts) als Otto Klemperer met het CO (Archipel), de Negende van Beethoven onder Sir Thomas Beecham (BBC Legends), Dvorák’s Stabat Mater onder Rafael Kubelík, Ravel’s Histoires Naturelles onder Bruno Maderna (Arkadia), losse opera-aria’s uit diverse Nederlandse concerten onder Jochum, Jean Fournet en Arturo Basile (Bella Voce) en een cd in de serie Lebendige Vergangenheit met opnamen van aria’s uit de jaren ’40 en ’50 waaronder een fantastisch gezongen Wilgenlied uit Rossini’s Otello. Door Dutch Divas werd bovendien een cd uitgebracht met gedeelten uit haar afscheidsconcert in de Kleine Zaal van het Concertgebouw.

Tot slot zijn er (gelukkig) enkele nóg obscuurdere opnamen waarvan ik er een paar wil noemen. Zo vond ik bij House of Opera een opname van de ORTF van een complete Werther (met Noré, Berton en Massard) waarin Nan Merriman een prachtige en volstrekt idiomatische Charlotte zingt, echt een ontdekking. Verder bij Premiere Opera een deel van het Stabat Mater van Rossini (met Tebaldi, uit Florence) en Verdi's Requiem onder Kubelík. Ook op Youtube is nog veel van haar te vinden, zoals Urlicht uit Mahler II o.l.v. Bernstein, gedeelten van haar afscheidsconcert in de Grote Zaal van het Concertgebouw (Mahler en Falla) en veel populaire liedjes en songs uit musicals (bijvoorbeeld uit Carousel).

Zelf heb ik als tiener Nan Merriman een keer live gehoord, in Den Haag met het Residentieorkest onder Willem van Otterloo in de Alt-Rhapsodie en Beethoven IX, onvergetelijk. Zij was een zangeres met een heel specifiek, zeer herkenbaar timbre en een snel vibrato, en artistiek altijd van het hoogste niveau en ik hoop van ganser harte dat er nog meer opnamen uit de radio-archieven zullen opduiken: bijvoorbeeld Mahler II en III en vooral Brahms’ Altrapsodie.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links