DVD-recensie

 

© Aart van der Wal, november 2018

 

Leonard Bernstein at Schleswig-Holstein Music Festival 1988

Teaching, Performing, Lectures and Master Course +
Schumann: Pianoconcert in a, op. 54
Justus Frantz (piano), Wiener Philharmoniker o.l.v. Leonard Bernstein
Opname: 1985, Musikverein, Wenen
C Major 746704 • 215' • (BD)

 

* * *

Haydn: Symfonie nr. 94 in G (Mit dem Paukenschlag) - nr. 92 in G (Oxford) - nr. 88 in G - Sinfonia Concertante in Bes
Wiener Philharmoniker o.l.v. Leonard Bernstein
C Major 746504 • 111' • (BD)
Opname: 1984 (nr. 88), 1985, Musikverein, Wenen

 


De Bernstein-herdenking in de concertzaal, op cd en dvd loopt op zijn laatste benen. Het zal iedere muziekliefhebber zo niet zijn ingehamerd, dan toch wel onder de aandacht zijn gebracht dat de charismatische dirigent en componist Leonard Bernstein honderd jaar geleden werd geboren. Hij overleed op 14 oktober 1990 in New York, na een zeer succesvol, maar ook turbulent en ongezond leven. Wie kent hem niet met die eeuwige sigaret, wel of niet brandend tussen de vingers? Tot op het eind van zijn rijk gevulde carrière charismatisch en energiek, al zijn tijdens de optredens in het kader van het Schleswig-Holstein Musik Festival Salzau de vele momenten van ademnood onmiskenbaar.

Salzau, het Europese Tanglewood, had Bernstein graag te gast. Niet alleen als dirigent, maar ook en vooral als orkestpedagoog, want Bernsteins onafgebroken inzet om zijn ervaring en kennis over te dragen op de jonge generatie dirigenten en orkestmusici was tijdens zijn leven al legendarisch. Die pedagogische ‘drive' was ooit begonnen in New York, eind jaren vijftig, met de serie Young People's Concerts, met als orkest de New York Philharmonic waarvan hij sinds kort de chef was. De tv-uitzendingen gingen over de hele wereld en zijn zelfs ruim veertig jaar later nog steeds het bekijken meer dan waard. In een tijdbestek van veertien jaar ‘behandelde' Bernstein in 53 programma's de meest uiteenlopende muzikale onderwerpen. Van alles kwam langs: driekwartsmaat, sonatevorm, variatie, humor in de muziek, ballet, jazz, het symfonieorkest, klassieke, Amerikaanse en Latijns-Amerikaanse muziek, concertvorm, toonsoort, melodie, harmonie, impressionisme, opera, you name it. En het kwam allemaal uit zijn eigen koker: alles zelf bedacht en zelf de programmascripts geschreven. CBS liet hem geheel vrij in zijn ‘educational mission'. De componisten? Teveel om op te noemen. Onder hen Ives, Copland, Holst, Sjostakovitsj, Liszt, Hindemith, Beethoven, Mahler, Stravinsky, Berlioz en Bach.
Wie herinnert zich niet dat Bernstein gebogen stond over de meer dan levensgroot geprojecteerde eerste maten van Beethovens Vijfde symfonie en zijn kennis over en enorme bewondering voor dit geniale werk op zijn jonge publiek én hun ouders overbracht? Er werd niet alleen bijna ademloos gekeken en geluisterd, maar ook lachsalvo's vulden menigmaal de zaal met een deels nog piepjong publiek. Wellicht hebben toen tienduizenden op die manier hun weg naar de klassieke muziek gevonden. Later zou hij ervan zeggen dat die concerten behoorden tot zijn "favorite, most highly prized activities of my life." De gehele serie is gelukkig voor het nageslacht bewaard gebleven en zowel in boekvorm als op dvd uitgebracht.

Het is – met de later niet minder beroemd geworden Harvard Lectures - slechts een van de vele voorbeelden van de gedrevenheid, de inventiviteit en de zeer gedegen kennis van muziekpedagoog Bernstein. Het zijn diezelfde pedagogische kwaliteiten die in Salzau op zowel musici als publiek zo'n diepe indruk hebben gemaakt. Want het was toch altijd weer Bernstein die als geen ander en op de meest aanstekelijke wijze (hij gebruikte graag de meest uiteenlopende metaforen om zijn betoog kracht bij te zetten of te verhelderen) de bouwstenen van een muziekstuk uit elkaar, ontleden en weer in elkaar zetten. Dat zien we ook op deze video, die nu in het Blu-ray formaat wordt uitgebracht, waarin hij Stravinsky's Sacre deels aan zijn ontleedmes onderwerpt, maar dan zo dat niet alleen de aankomende dirigenten, maar ook de net zo jonge, misschien zelfs pas begonnen orkestleden er veel praktische waarde aan kunnen ontlenen. Artisticiteit is niet aan leeftijd gebonden, ervaring wel. Maar ook: jong geleerd, oud gedaan.

De lat in Salzau lag hoog. Er werden in 1988 slechts 120 jonge musici toegelaten, na een langdurig auditieproces dat in totaal maar liefst 1600 kandidaten omvatte. Velen geroepen, weinigen uitverkoren gold ook voor de dirigenten: er werden er, na strenge selectie, niet meer dan tien toegelaten, waarvan er uiteindelijk slechts 4 overbleven om met Bernstein samen te werken en later nog met hem op tournee te gaan. Bernsteins boodschap was daarbij strikt helder: “What we are looking for is not the beating of the beat, it is the beating of the music.” Nee, met alleen maar braaf de maat slaan kwam je er bij lange na niet, wilde hij alleen maar zeggen.

Schumanns Pianoconcert krijgt van zowel Justus Frantz als van de Weners onder Bernstein een typische middle of the road vertolking. De boog van de inspiratie is hier niet echt hoog gespannen (het lyrische middendeel slaagde nog het best). Hoe het wel moet toont bijvoorbeeld Martha Argerich. Hiermee vergeleken is Frantz precies dat: een wel erg brave Frantz. Maar let wel, het is slechts een bonus, meer niet. Alle aandacht gaat echt uit naar Schleswig-Hollstein.

Emotioneel...
Bernstein heeft vaak het verwijt gekregen dat hij een ‘emotionele' dirigent was. Dat hij zich door de muziek danig liet meeslepen, wat in de symfonieën van Gustav Mahler misschien wel passend was, maar not done niet als het om de Weense Klassieken ging. Dat hij daarbij al snel de klassieke scheidslijnen uit het oog verloor en een Schubert- of Beethoven-symfonie daardoor niet veel anders behandelde dan een symfonie van Tsjaikovski. Maar ook klonk soms een nog scherper verwijt: ‘Lenny' zou te veel nadruk leggen op uiterlijkheden, als exponent van de typisch Amerikaanse levensstijl met daarin ruim plaats voor showelementen die alleen maar een gapende leegte moesten verbloemen. En gezegd moet worden: wie de filmbeelden vergelijkt van de dirigerende Fritz Reiner en Bernstein weet werkelijk niet hoe hij het heeft: visueel waant hij zich bij beiden in een compleet andere wereld, terweijl er ook muzikaal een beduidend verschil is tussen de strak kijkende en dirigerende Reiner en de ogenschijnlijk uit de losse pols dirigerende en exuberant ogende Bernstein. Waarna als vanzelf de vraag opdoemt of er werkelijk iets mis is met die door ‘Lenny' zo vaak tentoongespreide uitbundigheid (en voor anderen ook zijn soms nonchalante houding op de bok). In Haydns drie symfonieën en de Sinfonia Concertante op deze BD in ieder geval weinig, want hoewel ritmisch en qua frasering minder precies dan we dat vanuit de historiserende uitvoeringspraktijk gewoon zijn geworden, staat er wel een dirigent die op Haydns spirituele gedachtegoed een werkelijk bruisend antwoord weet geven, hem als het ware met gelijke munt terugbetaalt, met de Wiener Philharmoniker die raffinement en lichtheid als tweede natuur heeft. Gewoon heerlijk om te zien en om muzikaal te beleven. Om daarna toch wel weer terug te gaan naar Frans Brüggen en het Orkest van de Achttiende Eeuw. Het valt niet weg te cijferen: bij Brüggen, net zo spiritueel en fonkelend, klinkt het toch meer als Haydn.
Dat in de toelichting Haydn wordt beschouwd als een van de belangrijkste grondleggers van de ‘Weense klank' en dat die met name door de Wiener Philharmoniker levend wordt gehouden, mag wat mij betreft met een fikse korrel zout worden genomen. Wat aan de waarde van deze BD uiteraard niets afdoet. Haydn à la Bernstein, het is als in een snoepwinkel. Als is het maar voor even.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links