DVD-recensie

Rudolf Buchbinder in dubbele glansrol

 

© Niek Nelissen, februari 2012

 

 

Beethoven: Pianoconcerten nr. 1-5

Rudolf Buchbinder, Wiener Philharmoniker o.l.v. de solist

Live-opname: 5-8 mei 2011, Wenen

Unitel Classica-708904 (Blu-ray) • 186' • (+ 29’ bonus)

 

 

 


Rudolf Buchbinder (jaargang 1946) werd op zijn vijfde toegelaten tot de Wiener Hochschule für Musik en is de jongste student die dit befaamde instituut heeft ooit gehad. In 1956 speelde hij als tienjarige in de bekende gouden zaal van de Weense Musikverein. Het was de tijd dat alle aandacht uitging naar een opvallende generatie Weense pianisten, vijftien jaar ouder dan hij en dus allen geboren rond 1930: Friedrich Gulda, Ingrid Haebler, Paul Badura-Skoda, Jörg Demus en Alfred Brendel. De spraakmakende opkomst van deze grote lichting pianisten in de jaren vijftig, dus voordat Buchbinder zelf een plaats kon veroveren op het podium is mogelijk van invloed geweest op zijn carrière.
Die verliep minder glanzend dan je van een wonderkind zou verwachten. Pas in de jaren zeventig trok hij de aandacht met een Telefunken-plaatproject dat alle pianosonates van Haydn omvatte. De reacties waren gemengd: sommigen waren positief, maar anderen vonden zijn spel degelijk maar voorspelbaar, oppervlakkig of zelfs saai. Net als bij het gelijktijdige Haydn-project van John McCabe was er kritiek op de keuze voor een moderne vleugel in plaats van een klavecimbel voor de vroege en een fortepiano voor de latere sonates. Begin jaren tachtig volgde een cyclus met pianosonates van Beethoven en eind jaren negentig nam hij de concerten van Brahms op met het Concertgebouworkest onder Nikolaus Harnoncourt.

Mijn belangstelling voor deze pianist werd pas goed gewekt door de Unitel-dvd met Mozarts pianoconcerten 22, 23 en 24, opgenomen in mei 2006 met de Wiener Philharmoniker. Deze dvd heb ik inmiddels al vele malen afgespeeld om telkens weer te genieten van de levendigheid van de uitvoeringen en de exemplarische samenwerking tussen pianist en orkest.
Uit dezelfde tijd stamt een tweede dvd met Mozarts pianoconcerten 14, 20 en 25, die niet slecht is maar naar mijn smaak het niveau van de eerste niet helemaal haalt. De Mozart-dvd’s maakten me benieuwd naar het vervolg van de samenwerking tussen Buchbinder en de Wiener Philharmoniker. Beethovens vijf pianoconcerten krijgen vitale en expressieve uitvoeringen, die de positieve indrukken van de Mozart-dvd in herinnering brengen. Ook zonder de beelden van de gouden zaal van de Musikverein proef je meteen dat dit typisch Weense uitvoeringen zijn. De klank van de strijkers is rond en verzadigd. De tutti-klank munt uit door helderheid en diepte, met karakteristiek Weens koper, dat een authentiek tintje geeft aan de uitvoeringen, volle houtblazers en een kernachtige paukenklank (de paukenist gebruikt vaak stokken met kleine, harde koppen). De langzame delen, vooral van de eerste drie concerten, zijn van een hemelse schoonheid. In de snelle delen is niets te bespeuren van de ooit zo beruchte Weense gezapigheid. De dynamische contrasten worden goed aangescherpt en de ritmiek is in alle partijen, ook bij de contrabassen, zeer geprononceerd. Buchbinder speelt zijn dubbelrol met verve, weet zijn eigen partij veel kleur te geven en inspireert de betrekkelijk klein bezette Wiener tot een bevlogen musiceren dat naadloos aansluit bij de solopartij. Een van de vele mooie momenten die me zijn bijgebleven, is de wisselwerking tussen pianist en paukenist bij de hervatting van het orkestspel na de cadens in het openingsdeel van het Derde pianoconcert. Er zijn veel van dit soort momenten die de indruk wekken dat je niet meer kijkt naar een symfonieorkest met solist, maar naar een kamermuziekensemble. Dat gevoel wordt nog versterkt door de fraaie videoregistratie, die je er met de neus bovenop zet. Als bonus is een gesprek opgenomen van Rudolf Buchbinder met muziekcriticus Joachim Kaiser, waarin Buchbinder ingaat op de vele fouten in Beethoven-drukken en aan de hand van facsimile-uitgaven laat zien wat Beethoven werkelijk noteerde. Uit het gesprek en uit deze uitvoeringen blijkt dat Buchbinder toch meer affiniteit had met de historiserende uitvoeringspraktijk dan in de jaren zeventig werd gedacht.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links