DVD-recensie

Vroege operajuweeltjes uit Brussel:

Een ongewoon krachtige Orfeo

en een gouden bladzijde: La Calisto

 

© Paul Korenhof, december 2006

 

Een ongewoon krachtige Orfeo

Met vier uur L'incoronazione di Poppea heb ik geen moeite, maar honderd minuten L'Orfeo is me soms te veel en zelfs bij de beste uitvoeringen loop ik het gevaar dat mijn aandacht afdwaalt. Hoe hoog Monteverdi's eersteling bij musicologen ook staat aangeschreven, het is geen volwaardige opera en zal dat nooit worden ook. Daarvoor wordt er te veel 'verteld' en blijft de handeling te lang een soort 'hof-divertissement' uit de Renaissance. Muzikaal is het werk overigens prachtig en dankzij Monteverdi's eigenzinnige behandeling van de 'stile rappresentativo', met trefzeker verschuivende harmonische accenten, grijpt het drama je bij een goede uitvoering via de titelrol toch langzaam maar zeker bij de keel.

Vijf uur reizen voor een voorstelling van nog geen twee uur is niet echt aantrekkelijk, maar toch toog ik in mei 1998 naar Brussel voor een nieuwe productie onder leiding van René Jacobs met Simon Keenlyside in de titelrol. De regie van choreografe Trisha Brown nam ik op de koop toe. Ik wilde vooral Keenlyside in een grote rol horen en als die 'balletjuffrouw' het te bont of te modieus maakte, kon ik altijd nog mijn ogen dicht doen. Niet dus! Ik heb mijn ogen twee uur lang wijd open gehouden voor de meest meeslepende uitvoering die ik ooit L'Orfeo gezien had: strak, gestileerd, onvoorstelbaar 'dansant', maar tegelijk ook met een sterke visuele kracht die tot in de kern van Monteverdi's muziek doordringt.

Bij het bekijken van de dvd onderging ik dezelfde gewaarwording, bijvoorbeeld in de scène van Orfeo met de herders in de eerste akte. Meestal is dit hooguit een 'sfeerbeeld', maar Trisha Brown weet met haar choreografie hier al een sterk dramatisch accent te zetten. Zo gaat het door, tot en met de slotscène, met als hoogtepunten de scène met Caronte in III en die meestal uiterst statische interventie van Apollo in het vijfde bedrijf. En dat zij daarbij beelden weet te toveren die de wetten van de zwaartekracht tarten, is zelfs minder opmerkelijk dan de vloeiende danslijnen waartoe de solisten in staat blijken.

Niet alleen visueel is deze voorstelling een juweel. Bij al zijn respect voor Monteverdi's partituur weet René Jacobs de muziek een enorme stuwkracht te verlenen, terwijl hij zich tegelijk naadloos weet te voegen naar de beelden van Brown (of omgekeerd?). Een over de gehele linie voortreffelijk solistenteam sluit zich daarbij aan, maar zonder iemand onrecht te doen moet ik wel constateren dat Simon Keenlyside zijn vertolking van de titelrol zo'n sterk persoonlijk stempel verleent, dat hij verdient om in één adem genoemd te worden met Jacobs en Brown.

La Calisto - een gouden bladzijde

Kan het nog beter? Ja! Alleen: als de Orfeo uit de Munt al een voltreffer is, hoe moeten we de uitgave van La Calisto dan noemen? Ik weet het niet en eigenlijk interesseert het mij ook niet. De opera's van Cavalli vertegenwoordigen dezelfde theatrale sfeer die mij van meet af aan zo boeide in Monteverdi's L'incoronazione di Poppea: 'Venetiaanse' opera's die luim en ernst verenigen, die het 'volkse' en het 'adellijke' laten samengaan, en die daarnaast een aaneenschakeling zijn van muzikaal afwisselende en contrasterende elementen. Het blijft een van de zwarte bladzijden in de operageschiedenis dat de toenmalige moraal, met een sterke beroep op 'normen en waarden' dit operatype om zeep heeft geholpen om het te vervangen door een vaak slaapverwekkende opera seria vol 'edele gevoelens' en 'hoogstaande idealen'!

Minder enthousiast was ik vaak over de ensceneringen van de in 2002 overleden Herbert Wernicke. Een geniaal regisseur met een groot oog voor het detail, maat tegelijk ook een toneelmaker met weinig gevoel voor de specifieke inbreng van een componist, en soms resulteerde dat in een frictie tussen muziek en toneelbeeld, vooral als een componist tegen het einde van een opera in zijn muziek een positieve wending legde, die de minder positief ingestelde Wernicke kennelijk niet goed uitkwam.

Van de ensceneringen van Wernicke die ik gezien heb, zijn er diverse absoluut onvergetelijk, ook als de regisseur daarin zijn eigen gang ging (onder andere zijn Blauwbaards Burcht in Amsterdam), maar drie ervan zal ik me ook altijd herinneren omdat ik me er zo volledig in kon vinden, dat ik latere ensceneringen van datzelfde werk er altijd aan zou afmeten: een op moderne machtsverhoudingen gebaseerde Boris Godoenov in Salzburg, die visueel zo mogelijk nog sterker overkwam dan de directie van Claudio Abbado, een hilarische Orphée aux enfers in Brussel,waarbij een levensgrote locomotief binnenviel in een achter de Munt gelegen café dat iedere Brusselaar kent, en een voor hetzelfde theater gerealiseerde productie van Cavalli's La Calisto, die het toppunt bleek van verfijnde, tekstgerichte humor.

In een strak en tegelijk kleurig decor, dat een afspiegeling lijkt van de sterrenhemel waaraan de nimf Calisto als 'Grote Beer' de eeuwigheid zal ingaan, speelt zich een mythische komedie af, die met merkbaar plezier muzikaal wordt ingevuld. René Jacobs lijkt in zijn element en weet de humor perfect binnen de grenzen te houden, zodat de komedie nergens omslaat in een platte klucht. Dat doet hij mede dankzij een gedisciplineerd solistenteam onder aanvoering van een betoverende Calisto van Maria Bayo en een strak gehouden Giove (Jupiter) van Marcello Lippi.

Tot slot

Beide dvd's zijn verpakt in een luxueuze cassette waarin zich ook nog eens extra dvd's bevinden met respectievelijk de documentaire Le Dernier chant d'Orphée (ofwel 'The Making of...' - 55') en Les Secrets de la Calisto (hoe kan het anders: weer 'The Making of...'- 55'). Bij La Calisto gaat het om fraaie 4:3-beelden en bij L'Orfeo om een sublieme, goed overdachte 16:9-registratie. Fraai geïllustreerde tekstbijlagen ronden het geheel af, maar bij L'Orfeo had ik graag een toelichting gezien bij de twee (Franstalige) pagina's met 'Correspondances métriques'. Het geluid wordt in beide gevallen vertaald in een goed stereobeeld en een decente 5.0-dts-registratie, maar voor beide systemen geldt dat de iets jongere L'Orfeo net iets voller en scherper gedefinieerd klinkt dan de twee jaar oudere opname van La Calisto.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links