DVD-recensie

 

© Paul Korenhof, maart 2024

 

Donizetti: Don Pasquale

Bryn Terfel (Don Pasquale), Markus Werba (Dottore Malatesta), Ioan Hotea (Ernesto), Olga Peretyatko (Norina), Bryan Secombe (Notaio)
Royal Opera Covent Garden
Dirigent: Evelino Pidò
Regie: Damiano Michieletto
Decor: Paolo Fantin
Kostuums: Agostino Cavalca
Opus Arte OABD7274D (BD)
Opname: Londen, 24 & 30 okt. 2019

 

In mijn allereerste operarecensie (lang geleden dus) besprak ik een opname van Don Pasquale, toen Donizetti's populairste opera, en daarbij vroeg ik mij af waarom niemand ooit protesteerde tegen de niet echt sympathieke manier waarop een oudere man door zijn huisarts en huisvriend om de tuin wordt geleid. Inmiddels zijn we heel wat jaren verder. Don Pasquale lijkt in populariteit overvleugeld door L'elisir d'amore, Lucia di Lammermoor en misschien zelfs La Fille du régiment, en zowel regisseurs als critici hebben meer oog voor het menselijke aspect in deze komedie op het eeuwenoude stramien van de oude man, het jonge meisje en haar minnaar.

Het belangrijkste bij dat alles blijft echter dat Don Pasquale een verrukkelijk operaatje is met een goed libretto, sterke muziek, heerlijke zangpartijen en precies dat ene bijna tragische moment (als Norina haar pseudo-echtgenoot tot zijn ontsteltenis een klap in zijn gezicht geeft) dat het boven de klucht uit tilt tot het niveau van een echte komedie. De personages zijn ook inderdaadniet kluchtig, en al helemaal niet clownesk. Zij nemen zichzelf en elkaar volkomen serieus en als Malatesta en Norina de naïeve Don Pasquale pootje lichten, gebeurt dat weliswaar niet al te elegant, maar wel met de serieuze bedoeling dat het uiteindelijk voor iedereen positief uitpakt.

Helaas geloven veel moderne regisseurs niet meer zo in de komische krachten van subtiele muzikale komedie en willen zij alles daarom 'leuker' maken dan het is - meestal met een negatief resultaat. Een uitgebalanceerde komedie met ruimte voor kleine nuances leuken zij op met grove grollen, overbodige personages en 'grappige' vondsten die inderdaad soms wel grappig zijn, maar die afbreuk doen aan het werk zelf . Zo zien we hier een oude huishoudster die Don Pasquale moet helpen bij het aankleden en bij het insnoeren van zijn buik (en die tussen de bedrijven door op het achtertoneel gaat staan roken), zelf gaat hij tijdens een duet (!) in een andere 'kamer' een spelletje spelen met regelmatig door de scène lopende kinderen (wie en van wie zij zijn blijft onduidelijk), Norina heeft een modewinkeltje dat al haar aandacht vraagt tijdens haar eerste aria en het duet met Malatesta enz. enz. enz.

Dat alles speelt zich af in een niet onaantrekkelijk eigentijds decor van Paolo Fantin waarin retro-elementen samengaan met 'grappige' modernismen. Zo blijkt in het tweede tafereel de hele brief van Ernesto aan Norina als superlang sms'je op een mobiele telefoon te staan, terwijl de tuinscène aan het slot ten dele een videoprojectie is met een groen scherm en ten dele een gedoe dat nergens op slaat en waaraan ook iedere logica ontbreekt. Regisseur Michieletto wordt steeds geprezen omdat hij zo 'muzikaal' is, maar het zou leuker zijn als hij meer aandacht zou besteden aan de tekst en de betekenis van de muziek. Bij DNO ging zijn visie op Rigoletto bij herhaling tegen Verdi's partituur in en verzandde Il viaggio a Reims in mooie maar onlogische plaatjes, terwijl hij bij een Londense CavPag Pasen op 15 augustus liet vallen. Als het om 'traditionele' opera's gaat, grossiert Michieletto in onzin.

Zo'n enscenering is misschien één keer leuk in het theater, maar bij een dvd gaat die vervelen en als operaliefhebber wil je dan toch een uitvoering die uitnodigt om meerdere keren beluisterd te worden. Op dat punt heb ik echter eveneens mijn bedenkingen. Dat Bryn Terfel in zijn scènes het toneel beheerst, lijdt geen twijfel, maar dertig jaar zware rollen zingen, waaronder veel Wagner (Wotan, Hans Sachs), Strauss (Jochanaan) en Moesorgski (Boris Godoenov) heeft op zijn stem wel sporen nagelaten. Bovendien is het 19de-eeuwse Italiaanse repertoire nooit zijn sterkste punt geweest en mist hij bovendien de souplesse voor echt bel canto.

De bariton Markus Werba en de tenor Ioan Hotea tonen zich evenmin bel-cantospecialisten. De eerste klinkt wat droog en zonder het fluweel voor 'Pura siccome un angelo', terwijl bij de tweede ieder spoor ontbreekt van de élégance die de vertolkingen van zangers als Tito Schipa, Alfredo Kraus of Fritz Wunderlich (in het Duits!) onvergetelijk maakt. Van het kwartet hoofdrollen is Olga Peretyatko in deze muziek het meeste op haar plaats, maar ook haar vertolking sprankelt niet en ik vraag mij toch af of de banale regie van Michieletto hier niet medeschuldig is. En misschien had dirigent Evelino Pidò de solisten iets meer italianità moet bijbrengen. Onder zijn leiding klinkt het orkest heel solide, maar dat is toch niet het woord dat echt bij deze muziek past.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links