Componisten/werken

Kent u Pavel Vranický / Paul Wranitzky?

 

© Gerard van der Leeuw, juni 2022

 

De laatste jaren is er een duidelijke toename te bespeuren in de aandacht voor het werk van Pavel Vranický (1756 - 1808), beter bekend onder zijn verduitste naam Paul Wranitzky. Op Naxos verscheen onlangs een vierde cd in een serie gewijd aan zijn orkestwerken en nog recenter: half april jl. verscheen een dubbel cd met de Akademie für Alte Musik Berlin o.l.v. concertmeester Bernhard Forck met drie symfonieën en een ouverture van zijn hand.

Drijvende kracht achter dit alles: de in 2006 gestarte website The Wranitzky Project: www.wranitzky.com. Een site waarop niet alleen van alles over leven en werk van Wranitzky te vinden is, maar ook gratis te downloaden partituren van zijn werk. Belangrijkste man achter dit project, de Zweed Daniel Bernhardsson, de eerste jaren bijgestaan door Christopher Hogwood (1941 - 2014).

Pavel Vranický werd op 30 december 1756 geboren in het Moravische Nová Říše, een nog altijd door een groot Premonstratenzer klooster gedomineerd stadje (městys) zo’n dertig kilometer ten zuiden van Jihlava. Net als zijn halfbroer Antonín Vranický (1761-1820) kreeg hij hier zijn eerste lessen. In 1770 ging hij naar het Jezuïetengymnasium in Jihlava en een jaar later vertrok hij naar Olomouc om daar, zonder de muziek te verwaarlozen, theologie te gaan studeren. In 1776 vertrok hij naar Wenen waar hij, hoewel hij aanvankelijk nog zijn studie theologie voortzette, al spoedig in de muziek verzeild raakte. Hij kreeg enige tijd les van Joseph Martin Kraus en verduitste zijn naam.

In 1784 werd hij Musikdirektor aan het hof van János Baptist Esterházy de Galánta, een enthousiast hoboïst. In deze tijd moet hij ook Joseph Haydn, die immers in dienst was van Nikolaus Esterházy ontmoet hebben, maar of hij, zoals zijn broer Antonín les van hem heeft gehad, is niet zeker. In 1785 werd Wranitzky Musikdirektor van het kersverse orkest van het Kärntnertortheater.

Later werkte hij in diezelfde functie aan het Burgtheater en vanaf 1795 verenigde hij deze beide functies. Wranitzky had uitstekende contacten met het Weense hof: hij was de lievelingscomponist van Maria Theresia. Wranitzky stond bekend als een uitstekend violist en dirigent. Niet voor niets dirigeerde hij in 1799 en 1800 de uitvoeringen van Haydns Die Schöpfung en in 1800 de première van Beethovens Eerste symfonie. Net als Mozart was Wranitzky lid van de Vrijmetselaarsloge Zur gekrönten Hoffnung. Op 15 december 1785 vond er in de loge een concert plaats waarbij zowel Wranitzky, de klarinettist Anton Stadler, de tenor Valentin Adamsberger - Mozart’s eerste Belmonte -, als vader en zoon Mozart aanwezig waren. Van Wranitzky klonken hier twee symfonieën, van Mozart o.a. een pianoconcert (K.V. 482?) en diens cantate Die Mauerfreude KV 471.

Christoph Wilhelm Bock (1796): Paul Wranitzky

In 1789 ging in het door Emanuel Schikaneder geleide Freihaustheater (Theater auf der Wieden) zijn enorm succesvolle Singspiel Oberon, König der Elfen, de eerste Duitse ‘Geisteroper’ in première. Een succes dat Schikaneder ertoe zou brengen een vervolg te proberen: Mozarts Die Zauberflöte.

Na zijn dood in 1808 werd Wranitzky al spoedig vergeten, zoals de grote Belgische musicoloog en componist François-Joseph Fétis (1784 - 1871) verbaasd vaststelde:

La musique de Wraniczky a eu beaucoup de vogue dans sa nouveauté,
à cause de ses mélodies naturelles et de son style brillant.
Il traitait bien l'orchestre, particulièrement dans les symphonies.
Je me souviens que, dans ma jeunesse, les siennes se soutenaient
très-bien auprès de celles de Haydn. Leur abandon prématuré a
toujours été pour moi un sujet d’étonnement.

Hoewel een ‘laatbloeier’, schreef Wranitzky een groot oeuvre bij elkaar, met alleen al zo’n 45 symfonieën en een ongeveer even groot aantal strijkkwartetten.

Op de dubbel cd van de Akademie für Alte Musik Berlin vinden we naast de ouverture Oberon ook een drietal symfonieën:
- de ‘Grande Sinfonie caractéristique pour la paix avec la République française’ in c, op. 31
- de symfonie in D, op. 36
- de symfonie in d, ‘La Tempesta’

De 'Sinfonie caractéristique' (1797) is, met delen als Die Revolution; Marsch der Engländer; Marsch der Österreicher und Preußen, Das Schicksal und der Tod Ludwigs XVI, Marsch der Engländer; Marsch der Alliierten - Tumult einer Schlacht en Die Friedensverhandlungen, Freudengeschrei über den wiederhergestellten Frieden, natuurlijk een typisch gelegenheidswerk, te vergelijken met Beethovens Wellingtons Sieg op. 91 (1813).

De symfonie in D, op. 36 ontstond rond 1799 en werd in 1800 gedrukt: Sinfonie bei Gelegenheit der hohen Vermählung Sr. K.K. Hoheit des Erzherzogs Joseph, Palatinus von Ungarn mit Sr. K. Hoheit der Grosfürstin Alexandra Paulowna, verfast und dem hohen Brautpaare unterhänigst zugeeignet'. Als middendelen fungeren een toepasselijke Russe en een Polonaise.

De driedelige symfonie in d ‘La Tempesta’ bleef bewaard als
toneelmuziek bij Die Rache (1795). In het laatste deel schildert
Wranitzky het losbarsten van een gigantische storm. Opvallend in
dit deel de rol van de Große Trommel die de bliksem laat inslaan:

De Akademie für Alte Musik Berlin levert hier weer een topprestatie. Alles klinkt even verzorgd en tegelijkertijd spontaan.

Op Naxos verscheen een opname van Wranitzky’s in zijn tijd ook al immens populaire ballet Das Waldmädchen (1796). Nog in 1870 werd het werk in München uitgevoerd met dansers, acrobaten en maar liefst 40 paarden. Het werk bleef enigszins bekend door Beethovens Zwölf Variationen über den russischen Tanz aus dem Ballett Das Waldmädchen von Paul Wranitzky, WoO 71 (1797):

De inhoud van het ballet is gauw verteld: tijdens een jachtpartij vindt de Poolse prins Lovensky midden in een bos in Letland een beeldschoon meisje dat daar alleen in de wildenis leeft. Uiteraard blijkt deze ‘nobele wilde’ na enige tijd een indertijd ontvoerde prinses, zodat niets het huwelijk tussen haar en de prins nog in de weg staat. En ze leefden nog lang en gelukkig.

Wranitzky schreef een buitengewoon aantrekkelijke partituur met vanwege het lokale coloriet een aantal Poolse en Russische dansen: Polonaise, Kosakkendans, Mazurka.

En nu kunnen we het voor het eerst horen. Het kamerorkest uit Pardubice o.l.v. Marek Štilec speelt op moderne instrumenten en het verschil met de Berlijners is behoorlijk groot. Maar Štilec heeft inmiddels de nodige ervaring opgedaan bij ‘authentieke’ orkesten. En dat is goed te horen. Er wordt licht, puntig, stijlgetrouw en accuraat gespeeld. Let ook op de mooie cellosolo. De blazers - de fagotsolo in de Mazurka! - zijn, hoe kan het ook anders bij een Tsjechisch orkest, meer dan voortreffelijk. Een leuke aanvulling is het voor Maria Theresia geschreven Pastorale en Allemande.

Paul Wranitzky / Pavel Vranicky: 1. Symphonies
Akademie für Alte Musik Berlin o.l.v. Bernhard Forck
Sony/Deutsche Harmonia Mundi 0019658702252 (2 cd's)
Opname: januari 2021 Jesus Christus Kirche, Berlijn-Dahlem

Paul Wranitzky / Pavel Vranicky: 2. Orchestral Works 4
Czech Chamber Philharmonic Orchestra Pardubice o.l.v. Marek Štilec
Naxos 8.574290
Opname: juli 2020 Dům hudby, Pardubice


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links