E

Column

Ezelsmis, ook wel Zottenmis

 

© Tjako Fennema, januari 2018

 

Mogelijk als lichtvoetig tegenwicht van de Nashvilleverklaring wordt hier een facet van het kerkelijk leven belicht dat niet in brede kring bekend is. Alhoewel de fonografie slechts 140 jaar oud is – in tijd een schijntje vergeleken met de optekening van het Nieuwe Testament - is er een aantal lp-opnamen bekend, alsmede een heruitgave op cd, van een curieus fenomeen uit de katholieke kerk: de Zottenmis. En Nashville, Tennessee? Die universiteitsstad heeft in de fonografie een bekende klank vanwege de Grand Ole Opry House alsmede van de RCA studio's die beide naam vestigden met country en westernmuziek.

 

Messe de l'âne, office des fous
De nog maar net achter ons liggende Adventstijd en Kerst zijn drukke tijden voor ‘t hulppersoneel in de R.K. kerk. Om het nieuwe jaar te vieren en het carnaval vóór te zijn ontstond al in de 12de eeuw het gebruik om op 1 januari de teugels voor het altaarknechtvolk los te laten. Dit ter compensatie voor hun dienende arbeid. Zij speelden die dag ezelspaus en zottenbisschop. Er werden schertsmissen opgedragen waarbij een levende ezel centraal stond en het kerkvolk vrolijk meebalkte. Men sprak koeterwaals en liet boeren. Zoals zo vaak kon Rome niet anders doen dan de therapeutische waarde ervan erkennen, zij het onder gelijktijdig verzet tegen deze vorm van ontheiliging. De Franse nuntius rapporteerde in 1445 aan het Vaticaan: “De priesters dragen maskers tijdens de mis, ze dansen als vrouwen verkleed in het priesterkoor en zingen liederen op schandelijke teksten. Ze rennen en springen door de kerk. Op het altaar eten ze beuling en pensen”.

De wierookvaten werden volgepropt met schoenzolen i.p.v. mirre.. Diakens, acolieten, schriftlezers en kosters schoren zich zowat kaal, wat in die tijd slechts met zwakzinnigen geschiedde. In de beste traditie mocht een processie door de kerk en koorgangen niet ontbreken. Die werd gedragen door zinnebeeldige mime en dans: ad prandium (voor het eetgelag), voor de drank (ad poculum) en voor de spelen (ad ludos).

Wijnvaten zouden barsten
De clerus berustte in de situatie: “Wijnvaten zouden barsten, wanneer niet regelmatig de sponningen worden opengereten om de gistdamp te laten ontsnappen. Zijn wij niet slechtgeduigde vaten waaruit de wijn der wijsheid dreigt weg te vloeien als wij haar uitsluitend met onafgebroken vroomheid en vrees voor God zouden bewaken?”

Op 1 januari (het octaaf van Kerstmis) wordt in feite de besnijdenis des Heeren gevierd, maar genadiglijk werd toegestaan om op deze dag de kerkelijke bloemetjes buiten te zetten. Als eerste werd een ceremoniemeester gekozen (bacularius, kruisdrager) om vervolgens een eigen liturgie op te zetten. Die kreeg de naam Officium Stultorum (Zottenmis), toegewijd aan de ezel die de heilige maagd met haar kind vervoerde op de vlucht naar Egypte.

 

Ezelsbisschop
Duidelijk moge zijn dat eigenschappen die aan de ezel worden toegeschreven (onderdanig, sober, gehoorzaam, hardwerkend) model stonden voor het nederige inzet van de feestvierders. Er werd ook een ezelsbisschop-van-de-dag benoemd onder de naam Asinorum Dominus noster est episcopus. Uit de kathedralen van het Franse Sens en Beauvais zijn geschriften bewaard gebleven, waaruit valt af te leiden dat zo'n mis uren kon duren, tot groot genoegen van de betrokkenen. Het koor zingt die dag op het moment dat een heuse ezel de kerk wordt binnengeleid Leta Volunt /Quicumque colunt / Asinaria festa (eenieder die het ezelsfeest eert, zoekt blijdschap), Bij het Ite misa est (ten teken dat het het einde van de mis nabij is) balkt de priester driemaal (ter hinhanabit) en het kerkvolk antwoordt na het Deo Gratias (goddank(!)): ih ah, ih ah, ih ah, waarna de celebrant afsluit met:

Amen dicat asine
jam satur ex gramine
amen, amen itera
aspernare veteran
hez hez, sir asne, hez!

Wat zoveel betekent als: “Hé daar ezel, zeg amen wanneer je vers gras krijgt gevoederd en zeg 2 x amen wanneer het hooi oud is. Allé hop, hop, heer ezel, hop!”

 

Wie de middeleeuwse teksten waarop Carl Orff zijn Carmina Burana toondichtte heeft gelezen, zal de sfeer herkennen. Zoals zo vaak wordt door de eeuwen heen dit ‘heidense' gebruik gekerstend om in de 20ste eeuw te verzanden in de jaarlijkse busreis voor koorleden en misdienaars naar het mirakel van Antwerpen of naar een bedevaartsoord als Kevelaer. Totdat ook deze uitstapjes zo'n 60 jaar geleden verdampten omdat de thuiswacht ernstige signalen kreeg dat de zo innig gewenste devotie op deze meest tweedaagse uitstapjes ver te zoeken was en nimmer werd gevonden.

_____________________ 
CD: Harmonia Mundi HMT 7901036
René Clemencik Consort, La Fête de l'Âne
LP: (Harmonia Mundi HM1036
Via Speakers Corner Records ook op lp verkrijgbaar (Harmonia Mundi HM1036.

PS: M'n lijvige Encyclopédie des Musiques Sacrées (1969, uitg. Labergerie Parijs) geeft geen uitsluitsel over het fenomeen Ezelsmis, maar de uitgebreide hoestekst van een ERATO LP - STU 71285 - Pierre de Corbeil (13de eeuw) wel: Officium Festi Fatuorum (feest voor de onnozelen). Daaruit putte ik voor deze bijdrage.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links