Column

Klassieke muziek en de sociale media

 

© Aart van der Wal, november 2016

 

Zo'n tien jaar geleden was het beeld nogal overzichtelijk, met de klassieke-muziekartiest die volgens de regelen der kunst opnamen maakte en podiumoptredens verzorgde, daarbij geholpen door labels en impresario's die de 'marketing tools' hanteerden, de publiciteit verzorgden, de afspraken maakten en 'teasers' in de markt zetten. De artiest wist zich in goede handen, al was dat uiteraard niet gratis: het was en is nog steeds heel gewoon dat zo'n kwart van de gage richting het impresariaat gaat, of dat voor specifieke diensten een vergoeding wordt betaald.

De huidige stand van zaken
Er is sindsdien wel wat veranderd, in casu bijgekomen. Er zijn intussen maar liefst bijna 2,5 miljard gebruikers van sociale media en dat is een markt die uiteraard uitnodigt tot aanpalende nieuwe publiciteit. Wie er als musicus aan voorbijgaat mist een aanzienlijk deel van de promotionele koek, wie er gebruik van maakt heeft geen voorsprong maar doet gewoon mee. De huidige stand van zaken is dat er vrijwel geen artiest meer te vinden is die daarin niet participeert. Het gebruik van sociale media dat zijn oorsprong vond in de popsector en geleidelijk doorsijpelde naar het 'klassieke' domein is vandaag zo ingeburgerd dat het niet meer weg te denken valt.

In een tijd die bol staat van nieuwe cd's, dvd's, concerten, opera- en balletvoorstellingen, maar ook van bijzondere evenementen en projecten, verliest de doorsnee consument al snel daarop het zicht, terwijl in de dagbladpers steeds minder informatie te vinden is die over kunst gaat. De meeste kunstredacties zijn of worden nog ingekrompen, met alle gevolgen van dien voor de kunstkritiek, de verslaggeving én de aankondigingen. Dus voelt de consument zich min of meer verplicht om verder te kijken en dat doet hij dan ook, op het internet. De artiesten hebben uiteraard andere motieven om 'vindbaar' te zijn, want hoe goed ze ook zijn, ze weten zich geconfronteerd met een verdringingsmark, want er is geen plaats (meer) voor iedereen met veel talent. Met de komst van Karajans eerste Beethoven-opnamen, in heus stereo, voor Deutsche Grammophon hield de klassieke muziek op een conservatief bolwerk te zijn, om veertig jaar later uit te groeien tot een digitaal en multimediaal spektakel dat merendeels commercieel wordt aangestuurd. Daar is op zich niets mis mee: muziek mag voor menigeen synoniem zijn met 'inspiratie van boven', ook een Beethoven moest meer dan brood alleen op de plank hebben en ging - zijn correspondentie bewijst het - met zijn 'producten' de 'boer op'. Niemand kan van de wind leven, al is het op zijn minst merkwaardig dat, zodra het om kunst gaat, dat nogal eens al te gemakkelijk wordt verondersteld.

 

PR-kit
Waar de zaalbezetting onderhevig is aan voortschrijdende erosie nemen de activiteiten op het internet juist toe. Sterker nog, het aantal artiesten dat zich op kanalen als YouTube en Spotify manifesteert, is enorm en groeit nog steeds. Crowdfunding op sites als Kickstarter en Patreon maar ook strikt individueel ('wie helpt mij.') is de gewoonste zaak van de wereld geworden en menige artiest houdt er een blog op na of zoekt andere virtuele wegen om zijn succesverhalen kwijt te kunnen. Het zijn de sociale media die een simpel maar bijzonder effectief platform met een wereldwijd bereik bieden tegen verwaarloosbare kosten. Het is daarmee een ideale uitvalsbasis voor zowel artiesten als labels en impresario's. Marketing zonder sociale media is ondenkbaar geworden. De 'pr-kit' is tegenwoordig veelzijdig en flexibel, meer toegesneden, handzamer en overzichtelijker ook.

Tweerichtingsverkeer
Het is niet paradoxaal dat de zo vaak gememoreerde 'grijze golf' van bezoekers van klassieke concerten (met de aansluitende stereotiepe vraag: "waar blijft de jeugd?") het op het internet in aantal gemeten ruimschoots aflegt tegen de leeftijdsgroep tussen 25 en 35 jaar. Zo scoorde de Metropolitan Opera in New York de meeste gebruikers in die leeftijdscategorie en zag het Londense Wigmore Hall het aantal jonge volgers in korte tijd met maar liefst 200% stijgen. Met dank aan onder meer Facebook, Twitter en Tumblr, bij uitstek het terrein van de jonge generatie. Terwijl het niet minder evident is dat onder meer operahuizen en concertzalen de jongeren ook weten te vinden en naar wegen zoeken om hen aan zich te binden. Dit lucratieve tweerichtingsverkeer kan zonder meer positief uitpakken voor de promotie en levensvatbaarheid van zowel de klassieke muziek, als van de opera en het ballet.

Interactieve betrokkenheid
Het is het internet dat traditionele bronnen vrijwel overbodig maakt. Het is geen toverwoord, maar de feiten spreken voor zich. Wie, alvorens naar een concert of voorstelling te gaan, even 'googelt', hoeft geen programmaboekje meer te kopen. Sterker nog, men is vooraf beter geïnformeerd dan ooit. Ik ga hier niet opsommen wat er tegenwoordig allemaal via het internet kan, maar ik stip slechts een ontwikkeling aan die voor de doorsnee muziekliefhebber zeker positieve kanten heeft. Op de verschillende fora kan hij zijn eigen culturele visie kwijt, hij kan zich mengen met zowel gelijkgestemden als andersdenken mengen in discussies over uitvoerders en uitvoeringen, hij kan rechtstreeks of via het impresariaat contact zoeken met musici, orkesten, ensembles en gezelschappen.
Ik zie op het internet regelmatig recensies van bezochte concerten, geschreven door gewone bezoekers. Anders dan op 'scheldfora' wordt de klassieke-muziekscene doorgaans bevolkt door uitstekend opgeleiden die even goed hun zegje kunnen doen. Er wordt ook driftig 'geliked', 'gefollowed', 'geshared' en becommentarieerd. Kortom, er is een rechtstreekse, actieve betrokkenheid bij wat er wereldwijd op het gebied van de muziek maar ook op die van de 'schone kunsten' in het algemeen gebeurt. Wie een bepaalde artiest wil volgen hoeft slechts diens agenda te raadplegen. Wie met hem in dialoog wil gaan: 'be my guest'. Het werkt en het werpt zijn vruchten af, met als resultaat een grotere betrokkenheid en een betere wisselwerking. Artiest noch publiek op een eigen eiland. Dat heeft in de zaal maar ook op het podium een positieve uitstraling. Wie interactief betrokken is kijkt immers verder dan alleen in die twee uur stilzitten en zwijgen in de concertzaal. De artiest op het podium weet dat zijn stem ook elders wordt gehoord.

Teveel digitale ruis
Het sociale netwerk is onbegrensd, zowel voor die musicus als voor die consument. Dat heeft - hoe kan het anders - ook een schaduwkant: het overweldigende aanbod, het gevoel er geen zicht meer op te hebben, de daardoor toegenomen noodzaak om het terrein bewust af te bakenen, niet alles meer toe te laten. Kortom, er is teveel digitale ruis, nog verder in de hand gewerkt door een overmaat van zelfpromotie (denk maar aan de niet te stuiten vloed 'selfies' en weinig zeggende 'aanbevelingen' van artiesten over en weer), van schaamteloze reclame en van ongewenste indringers die uit allerlei mistige bronnen tappen om zich met digitaal geweld ertussen te wringen. Wie wil dat, een interessante site bezoeken om vervolgens overstelpt te worden met aanbiedingen van muziekreizen naar Wenen of Praag?

Lucratieve markt
De sociale media zijn op zichzelf een lucratieve markt geworden, met inbegrip van de niet meer weg te denken reclame (ook voor niet-muzikale producten, zelfs door topartiesten!). Het medium is uitgegroeid tot een belangrijke referentie- en daarmee inkomstenbron, wat het culturele landschap in zijn geheel niet onberoerd laat. Wie is opgegroeid met de computer en met het internet als voornaamste informatiebron kan zich niet of nauwelijks voorstellen dat er toch (nog) veel mensen zijn die er geen gebruik van maken. Het ligt echter toch voor de hand, want dat is de oude(re) generatie liefhebbers. Zij kopen hun kaartje nog op de 'klassieke' wijze, raadplegen het gedrukte programmaboekje en lezen een boek. Zij hebben niets met begrippen als 'screen time' en 'digital printing'. En het zal ze niet interesseren waar Lang Lang vanochtend zijn ontbijt heeft genuttigd. Maar dat is een generatie die straks niet meer meedoet. Misschien vormen de sociale media de uitdaging voor zowel musici, impresario's als concertdirecties om op deze manier een generatie te bereiken die nieuw elan kan brengen in vermolmde structuren en waardoor de levensvatbaarheid van de klassieke muziek aanzienlijk wordt vergroot. Het succes van vandaag is allang niet meer dat van morgen of overmorgen. In de wereld van de klassieke muziek lijkt men zich daarvan bewust te worden. Dat alleen al is pure winst.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links