CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, mei 2013

 

l’Art de la transcription

Franck: Symfonie in d

Tournemire: Koor van de jonge meisjes uit de opera ‘Les Dieux sont morts’.

Duruflé: Scherzo op. 2

Ravel: 3 delen uit ‘Ma mère l’oye’

Escaich: 2 Poèmes pour orgue

Orgelparkrecords 005-2009 • 74' •

Opname: september 2009, Orgelpark, Amsterdam

www.erwinwiersinga.nl

 

De orgelliefhebber die de gebeurtenissen in het nu Koninklijke Concertgebouw een beetje volgt, zal het wellicht zijn opgevallen dat de zilveren manen van Leo van Doeselaar achter het Maarschalkerweerd orgel de laatste tijd soms worden vervangen door een organist met heel wat minder haargroei. Een flauwe opmerking, maar het enige wat je op die afstand waarneemt is nu eenmaal de haardos van de organist, die net boven de lessenaar uitsteekt. Tijdens de uitvoering van Frank Martins magistrale oratorium Golgotha op Palmzondag 2013 vertolkte die vervanger de essentiële en indrukwekkende orgelpartij, en hij deed dat zo goed dat ik wilde weten wie daar achter de speeltafel had gezeten. Dat bleek de Groningse organist Erwin Wiersinga te zijn, collegadocent van Leo van Doeselaar aan de Universität der Künste te Berlijn.

Al speurend stuitte ik in mijn verzameling op een cd die een paar jaar geleden door het Amsterdamse Orgelpark werd uitgebracht onder de titel ‘L’art de la Transcription’. Daarop bespeelt Erwin Wiersinga het Verschueren orgel in Frans repertoire dat oorspronkelijk voor andere bezettingen werd geschreven; reden genoeg om daar eens naar te luisteren. Met in het achterhoofd de recente teleurstelling over de cd met Dvoraks Strijkersserenade en de Légendes van Liszt op hetzelfde label waren mijn verwachtingen niet al te hoog gespannen. Die zorg blijkt ongegrond: niet alleen laat de Symfonie van Franck zich beter vertalen naar het orgel dan de Strijkersserenade van Dvorak, Wiersinga weet zowel de noten als het instrument naar zijn handen en voeten te zetten.

Het resultaat is een overtuigende Symfonie in d van César Franck, waarin Wiersinga zich baseert op een transcriptie uit 1926 – toen was dat nog doodgewoon – van de Amerikaan Herbert M. Kidd. Uiteraard moet zoiets aangepast worden aan de praktijk van het beschikbare instrument – een elektrische Aeolian Skinner is geen mechanische Verschueren. Daarin is Wiersinga zonder meer geslaagd. Dat Charles Tournemire ook operacomponist was zal bewonderaars van ‘L’orgue mystique’ verrassen. Hier horen we een transcriptie van de meester zelf van een meisjeskoor uit zijn opera Les Dieux sont Morts. Drie delen uit Moeder de Gans van Maurice Ravel werden door Pierre Octave Ferroud en Gaston Choisnel omgeschreven. Thierry Escaich (1965), begenadigd improvisator en productief componist, maakte zelf transcripties van twee van zijn motetten voor twaalfstemmig koor met orgelbegeleiding.

Erwin Wiersinga geeft met deze cd een prachtig visitekaartje af, en het Orgelpark mag trots zijn op deze pakkende presentatie van het Verschueren-orgel, in repertoire waarvoor het instrument bedoeld is. De uitstekende opname lijkt deels live (Franck), maar kan natuurlijk niet verhullen dat het instrument te groot is voor de beschikbare akoestische inhoud. Dat is helaas niet anders in het Amsterdamse Concertgebouw, maar toch hoop ik van harte dat de Koninklijke programmeurs Erwin Wiersinga uitnodigen voor een eigen orgelbespeling.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links