CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, oktober 2019

Weinberg 1945 - Trio Khnopff

Weinberg: Pianotrio op. 24 – Cellosonate nr. 1 in C, op. 21 – Two songs without words (voor viool en piano) – Rhapsody on a Moldavian Theme op. 47 nr. 1
(voor viool en piano) op. 47 nr. 3

Trio Khnopff: Sadie Fields (viool), Stéphanie Salmin (piano), Romain Dhainaut (cello)
Pavane ADW 7590 • 72' •
Opname: 30, 31 dec 2018/1 jan. 2019, Studio 4, Flagey, Brussel

   

Het Belgische pianotrio Khnopff koos net als zoveel strijkkwartetten van de laatste decennia voor de naamgeving door een beeldend kunstenaar, de Belgische symbolist Fernand Khnopff (1858-1921). Met deze cd maken ze hun discografische debuut, en kozen daarvoor heel dapper nu eens niet twee populaire pianotrio's en een onbekend werk, maar werken van de Pools/Russisch/Joodse componist Mieczyslaw Weinberg. Weinberg 1945 is de titel van de cd, verwijzend naar het jaartal waarin het Pianotrio ontstond. Omdat Weinberg slechts één pianotrio componeerde koos men als aanvulling een cellosonate en twee werken voor viool en piano.

In 1995 was het Pianotrio een van de weinige composities van Weinberg die in het westen op cd verschenen. Inmiddels is de belangstelling voor deze toondichter tot een ware explosie gekomen: bijna alle symfonieën (zo'n dertig, met de kamersymfonieën meegerekend) zijn inmiddels opgenomen, er zijn meerdere opnamen beschikbaar van de soloconcerten, de complete strijkkwartetten plus een vracht kamermuziek. Ook van het Pianotrio zijn op zijn minst vijf opnamen verschenen, waaronder een van Gidon Kremer, een vechter van het eerste uur voor de reputatie van deze eens vergeten meester.

 
 

Irina en Dmitri Sjostakovitsj en Weinberg (Moskou, ca. 1965)

Weinberg (1919-1996) heeft lang te lijden gehad onder het stigma een kloon te zijn van zijn grote vriend en mentor Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975). Wie zich op de hoogte stelt van het componeren in de Sovjet-Unie komt er al snel achter dat dat verwijt kan gelden voor tientallen notenschrijvers, van Kabalevski tot Khrennikov. Dmitri zelf heeft altijd volgehouden dat Weinberg zijn eigen man was, en de twee wisselden regelmatig hun nieuwste scheppingen uit. In het boekje bij deze cd staat een foto waarop Weinberg de pianopartij speelt in de wereldpremière van de Zeven Romances op gedichten van Alexander Blok van Sjostakovitsj, met Galina Visjnevskaja, David Oistrakh en Mstislav Rostropovitsj.

Weinberg was in de Sovjet-Unie tussen pakweg 1945 en 1970 zeker geen onbekende. Hij verwierf al spoedig een naam met een handvol uitstekende soloconcerten, die door grote solisten als Oistrakh en Rostropovitsj regelmatig werden uitgevoerd. Dat Weinberg de verrichtingen van Sjostakovitsj met een scheef oog volgde is algemeen bekend. Wanneer Dmitri een strijkkwartet voltooide volgde Mieczyslaw hem op de voet. Het hoeft dus niemand te verbazen dat het Tweede pianotrio van Sjostakovitsj, dat in november 1944 in première ging, al gauw gevolgd werd door Weinbergs kijk op het genre. Daarin ging hij nog een stapje verder door de vorm van het Pianokwintet van Sjostakovitsj uit 1940 als voorbeeld te nemen. Sjostakovitsj begint dit kwintet met een Preludium en Fuga, Weinberg begint zijn trio met een Preludium, Aria en Toccata.

Moskou 1948: v.l.n.r. Rahling, Gorodinski, Grennikov, Kabalevski en Weinberg

De Cellosonate (de eerste van twee) ontstond eveneens in 1945, maar moest wachten op een eerste uitvoering tot 1962, toen cellolegende Daniil Shafran zich erover ontfermde. Voor de viool koos het trio een werk dat hier zijn eerste uitvoering beleeft: twee liederen zonder woorden, eveneens geschreven in 1945. In de biografie uit 2010 van David Fanning (die ook de toelichting bij deze uiygave verzorgde) staan deze werkjes nog als verloren gegaan te boek, maar ze zijn recentelijk teruggevonden.

Als ‘toegift' fungeert de Rhapsodie op Moravische thema's opus 47 nummer 3, een van de populairste werken van Weinberg, dat in vele versies verschenen is. De eerste versie dateert uit 1949, en gezien het toenmalige klimaat lag het voor de hand om volksmuziek als uitgangspunt te kiezen. Dat Weinberg voor Moldavië opteerde was een veilige keuze, in werkelijkheid hoort de goede luisteraar hier de joodse afkomst van de componist.

Moskou 1968: repetitie van de Vioolsonate van Sjostakovitsj. V.l.n.r. Sjostakovitsj, Oistrach, Weinberg (aan de piano) en Pikaisen

Zoals gezegd maakt het Trio Khnopff met dit programma een dappere keuze. Ook in technische zin, want het tweede deel van het Trio, de Toccata, is hondsmoeilijk, en dat blijkt ook uit de uitvoeringen van de concurrentie, waaronder een hier recent besproken uitvoering door het Trio Karénine, die het moet afleggen tegen de Khnopffs. Een prachtige kennismaking met een componist die eindelijk zijn gelijk mag halen, en een schitterend visitekaartje voor een trio met een missie. Leve Mieczyslaw Weinberg!


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links