CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, oktober 2018

 

Weinberg: Symfonie nr. 13 op. 115 Serenade op. 47 nr. 4

Siberian State Symphony Orchestra o.l.v. Vladimir Lande
Naxos 8.573879 • 53' •
Opname: augustus-september 2017, Philharmonic Hall, Krasnoyarsk (Rusland)

   

Enige decennia geleden kenden we Mieczyslav Weinberg (1919-1996) alleen van een prachtig celloconcert (dankzij Mstislav Rostropovitsj) en een niet minder mooi vioolconcert (dankzij Leonid Kogan). Weinberg heette toen nog Moyshe Vainberg en was geliefd bij veel Sovjet virtuozen, met als gevolg al even boeiende concerten voor trompet en fluit. Merkwaardig genoeg bestaat er van zijn hand geen pianoconcert. Dat Weinberg ook de componist was van eenentwintig symfonieën was misschien bij een enkeling bekend, maar de gemiddelde platenverzamelaar had er geen weet van. De discografische tijden zijn drastisch veranderd en vooral sinds de opkomst van de cd en de explosie van kleine ondernemende labels is er op dat punt het nodige gebeurd. Met deze uitgave van de Dertiende symfonie naderen we het moment waarop alle eenentwintig symfonieën van Weinberg zijn vastgelegd. Alleen de nummers 9, 11 en 15 ontbreken nog.

Weinberg schreef zijn Dertiende symfonie in 1976 voor de schrijflade, ze werd nooit uitgevoerd en dus is deze opname niet alleen een discografische, maar ook een wereldpremière. Na de dood van zijn grote vriend Sjostakovitsj in 1975 droeg hij zijn Twaalfde symfonie aan hem op, de Dertiende droeg hij op aan zijn moeder. Weinberg was joods, en zijn hele familie werd in het vernietigingskamp Trawniki omgebracht. In deze eendelige symfonie van vijfendertig minuten horen we geen nostalgie, geen warme herinneringen, geen troost. Weinberg bleef ondanks alle ellende die hij doorstond een onverbeterlijke optimist in tegenstelling tot zijn vriend Sjostakovitsj maar in deze symfonie is daarvan niets te merken. Ze is het werk van een zoeker naar herinneringen, een zoeken dat niets anders oplevert dan troosteloze klanken en eenzame dissonanten, die na een vertwijfelde climax uiteindelijk oplosssen in een ongrijpbaar niets. Gestold verdriet.

De andere kant van Weinberg kwam tot uiting in zijn filmmuziek en de verplichte vrolijke nummers waarmee hij de autoriteiten zoethield. Opus 44 is een grabbelton vol vrolijkheid die uit maar liefst vier grote werken bestaat. Nummer één is een Moldavische rapsodie, nummer twee een suite op Poolse thema's, nummer drie dezelfde Moldavische rapsodie, maar nu met een vioolsolo. Veel Joodse componisten gaven onder druk van de nazi's de Hebreeuwse volksmuziek uit veiligheidsoverwegingen een andere nationaliteit. Onder Stalin verging het Weinberg niet anders. Nummer vier is de hier opgenomen Serenade, niet voor een kleine bezetting, maar een volwassen orkestwerk in vier delen met een duur van krap twintig minuten.

Vladimir Lande en zijn Siberian State Symphony Orchestra hebben zich op het label Naxos eerder vol overgave ingezet voor de lacunes in Weinbergs discografie, met opnamen van de symfonieën 6, 12, 17, 18 en 19. Om die reden verdienen ze een levensgroot compliment. Kritische kanttekeningen zijn even niet op hun plaats. Het woord is eindelijk aan Mieczyslaw Weinberg.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links