CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, januari 2017

 

Mieczyslaw Weinberg Chamber Symphonies

Weinberg: Chamber Symphony nr. 1 op. 145 nr. 2 op. 147 nr. 3 op. 151 nr. 4 op. 153 Pianokwintet op. 18 (door Gidon Kremer en Andrei Pushkarev bewerkt voor piano, strijkorkest en slagwerk)

Mate Bekavac (klarinet), Yulianna Avdeeva (piano), Andrei Pushkarev (slagwerk), Gidon Kremer (viool), Kremerata Baltica, Mirga Grazynité-Tyla (dirigent, alleen Chamber Symphony 4)

ECM New Series 2538/39 • 80' + 80' • (2 cd's)

Live-opname: 13 juni 2015, Musikverein, Wenen (Chamber Symphony 1-3)
Studio-opname: juni 2015, Latvian Radio Studio, Riga

 

Toen Mieczyslaw Weinberg in 1996 op tachtigjarige leeftijd in een goedkoop huurflatje in Moskou overleed had hij al het leed dat een mens kan overkomen over zich heen gekregen. Als twintigjarige joodse jongen ontvluchtte hij het ghetto van Warschau naar het oosten, maar werd al spoedig ingehaald door de oprukkende horden van Adolf Hitler. Eenmaal in veiliger gebieden maakte hij kennis met Dmitri Sjostakovitsj die er na de oorlog voor zorgde dat hij zich in Moskou kon vestigen. Daar maakte hij kennis met de Russische variant van jodenhaat en de lange arm van vadertje Stalin. Hij werd in 1953 gearresteerd, maar had geluk: Stalin stierf en zijn vriend Dmitri wist hem vrij te krijgen. Daarna brak er een tijd van relatieve welvaart aan. Weinberg had een aangeboren aanleg tot het schrijven van soloconcerten, en belangrijke Russische virtuozen klopten bij hem aan met een opdracht. De werken die zo ontstonden waren de eerste waarmee hij in beperkte kring, via het gramofoonplatenlabel Melodiya, in het westen bekendheid verwierf. Met de opkomst van de jongere Russische generatie van Schnittke en Goebaidoelina raakte hij in vergetelheid. De ongekende populariteit van Sjostakovitsj en de opkomst van de kleine cd-labels zorgen na zijn dood voor een herleving van de belangstelling voor deze sympathieke doorzetter. In zijn muziek gaat het licht nooit uit en klinkt altijd zijn joodse afkomst door. Zijn werklust was dwars door alle ellende heen onstuitbaar.

De symfonicus Weinberg heeft een flinke stapel partituren nagelaten, waarbij de classificatie symfonie, sinfonietta en kamersymfonie kriskras door elkaar lopen. De 21 voltooide symfonieën zijn op een paar na vastgelegd op de labels Chandos, Naxos en Neos. Het Britse label Olympia, dat veel materiaal van Melodya in licentie nam, was een tijdlang ook heel actief, maar heeft de strijd gestaakt. Olympia maakte eigen opnamen van de vier kamersymfonieën die Weinberg op hoge leeftijd schreef, tussen 1986 en 1992, toen hij als symfonicus bijna was uitgeraasd. Waarom koos hij juist voor dit genre? Ongetwijfeld zal het succes dat Rudolf Barshai behaalde met zijn bewerking van het Achtste Strijkkwartet van Sjostakovitsj een impuls geweest zijn.

Gidon Kremer is een van de eersten die zich voor een herwaardering van Weinberg heeft ingezet. Het door hem in het leven geroepen Kremerata Baltica is het uitgelezen ensemble om deze partituren tot nieuw leven te wekken. De bezetting is ideaal: een klein bezet strijkorkest is voldoende voor de Eerste en de Derde Kamersymfonie, aan de Tweede is een paukenpartij toegevoegd, in de Vierde speelt de klarinet een solistische rol. Kremer nam samen met slagwerker Andrei Pushkarev de taak op zich om het Pianokwintet opus 18 uit te bouwen tot vergelijkbare proporties.

De opnamen vallen uiteen in twee categorieën. Op de eerste cd staat een live-opname van een concert dat op 13 juni 2015 in de Weense Musikvereinssaal werd gegeven, met de drie eerste kamersymfonieën. Publiek is hoorbaar aanwezig, de uitvoeringen zijn van het topniveau dat we kennen van Kremerata, met hier en daar een braampje. De tweede cd werd in de studio gemaakt, met als gevolg dat de Vierde kamersymfonie voor klarinet en strijkorkest een modeluitvoering ondergaat die het stuk promoveert tot de status meesterwerk. Klarinettisten aller landen, verenigt u! Aardige bijzonderheid: de Vierde kamersymfonie wordt gedirigeerd door de kersverse chefdirigent van het City of Birmingham Symphony Orchestra, Mirga Grazynité-Tyla. Over het pianokwintet niets dan lof in deze incarnatie, maar ze voegt niets wezenlijks toe aan de de originele versies die al beschikbaar zijn.

Weinberg heeft dank zij de onverzadigbare muziekhonger van een kleine groep uitvoerende en luisterende muziekfanaten opnieuw vaste voet onder de grond gekregen. Gidon Kremer is zo'n fanaat, net als Mate Bekavac, een schitterende klarinettist. Samen zorgen ze voor onvergetelijke momenten die ons eraan herinneren dat Mieczyslaw Weinberg niet voor niets geleden heeft.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links