CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, mei 2011

 

 

Tomasi: Divertimento Corsica – Hoboconcert – Fagotconcert – Klarinetconcert.

Trio d’anches Hamburg: Nicolas Thiébaud (hobo), Rupert Wachter (klarinet), Christian Kunert (fagot), German Strings o.l.v. Olivier Tardy

Farao B 108062 • 77' •

 

 


Aan Henri Tomasi valt de eer te beurt het allereerste Holland Festival te hebben geopend, maar dan wel als dirigent. We schrijven 15 juni 1948, en in de Stadsschouwburg te Amsterdam wordt Debussy’s opera Pelléas et Mélisande gebracht. De organiserende Wagnervereniging had liever Tristan und Isolde van de Meester op het programma gezien, onder leiding van de beroemde Wilhelm Furtwängler, maar dat wordt als te riskant afgedaan - Hitlers flirt met Wagner lag nog vers in het geheugen. Tomasi dirigeerde een Franse zangersbezetting en in de orkestbak aan het Leidseplein speelde het Concertgebouworkest.

Henri Tomasi werd in 1901 geboren in Marseille, als kind van Corsicaanse ouders. Van jongs af aan brengt hij de zomers door bij zijn grootmoeder op Corsica, en hij zal zijn leven lang een grote liefde voor het eiland blijven koesteren. Als wonderkind wordt de jonge Henri financieel uitgebaat door zijn vader, die als postbode wel een extraatje kan gebruiken. Als studerende adolescent in Parijs ziet Henri zich nog steeds genoodzaakt om bij te verdienen met pianospel in bioscopen en dansgelegenheden. Maar hij studeert ook keihard, zijn medestudenten noemen hem de man van ‘een fuga per week’. Het resultaat mag er zijn: in 1927 wint hij de Grand Prix de Rome.
Tomasi ontwikkelde simultaan een grote carrière als dirigent en een uitstekende reputatie als componist. Hij voelde zich als componist geremd door zijn directiewerk, maar zal ongetwijfeld genoten hebben van de financiële onafhankelijkheid die het hem verschafte. Naar eigen zeggen gaf het dirigeren hem veel inzicht in de kunst van het instrumenteren, en die beheerste hij dan ook als de beste. Tomasi was onder andere de allereerste dirigent van de Opéra van Monte Carlo. Helaas maakte een ernstig ongeval in 1952 hem het dirigeren steeds moeilijker. Voeg daaraan toe een opkomende doofheid, en het beeld van de teleurgestelde, cynische en mysantropische ouder wordende componist is geschetst. Aan zijn muziek is dat evenwel niet te horen, zijn zwartgalligheid heeft hoogstens de keuze van zijn onderwerpen beïnvloed. Het Requiem pour la Paix bijvoorbeeld toont zijn afkeer van oorlogsgeweld, de Symphonie du Tiers Monde – Derdewereld Symfonie – drukt zijn medeleven met de kansloze medemens uit. Henri Tomasi overleed in 1971.

Hoog op de werkenlijst van Tomasi staat een reeks soloconcerten, vooral voor blaasinstrumenten, waarvan alleen het Trompetconcert het enigszins tot repertoirestatus heeft gebracht. Hij schreef het in 1948, het jaar van zijn Nederlandse optreden als dirigent, en het markeert het begin van zijn roem als componist, die in 1956 werd bezegeld met de première van zijn opera Don Juan de Manara. De tussenspelen uit die opera vormen de basis van een werk voor koperblazers, de Fanfares Liturgiques, een geliefd werk bij brassbands over de gehele wereld, en naast het Trompetconcert de meestgespeelde compositie van Tomasi.
Dat het landschap en de volksmuziek van Corsica een belangrijke rol spelen in Tomasi’s componeren, merken we direct aan het openingswerk van deze cd, het Divertimento Corsica uit 1952. In vier korte deeltjes worden Corsicaanse zeden en gewoontes uitgebeeld door de drie leden van het Trio d’anches Hamburg. Die krijgen vervolgens ieder een kans met een soloconcert. Het Fagotconcert uit 1961 is een driedelig werk met begeleiding van harp en strijkorkest. Het Klarinetconcert uit 1957 is eveneens driedelig en begint met een ‘namaakfuga’, die herinnert aan de fuga’s in de Sonates voor Soloviool van Bach; de begeleiding blijft hier beperkt tot een strijkorkest. Beide werken zijn geschreven als examenstuk voor de toelating tot het Parijse Conservatoire. Het Hoboconcert uit 1959 is eigenlijk een ééndelig symfonisch gedicht, maar gezien het belang van de hobopartij heeft Tomasi gekozen voor de benaming concert; de begeleiding is toebedeeld aan een kamerorkest.

U vraagt zich ongetwijfeld af hoe een en ander klinkt. In de jaren 1930 vormde Tomasi samen met onder andere Honegger, Milhaud, Poulenc, en Prokofiev het collectief ‘Triton’. Zijn muzikale vocabulaire vertoont overeenkomsten met die van Honegger, maar dan zonder gefronsde wenkbrauwen: in de muziek van Tomasi schijnt de felle Corsicaanse zon. De bitonaliteit van Darius Milhaud vinden we niet bij Tomasi, maar in het Trompetconcert – niet op deze cd te horen, maar zeer de moeite waard – is de invloed van George Gershwin duidelijk waarneembaar. Niet voor niets maakte jazztrompettist Wynton Marsalis een gelauwerde opname van dat concert (CBS MK 42096).
Afgezien van het Trompetconcert zijn opnames van de soloconcerten van Tomasi niet bepaald dik gezaaid. Een live-opname van het Tromboneconcert, gespeeld door Jörgen van Rijen met ‘zijn’ Concertgebouworkest werd in 2004 uitgebracht op Channel Classics (CCS SA 22305). Het saxofoonconcert en het hoornconcert moeten we zoeken op compilaties voor die instrumenten. Het label Lyrinx (LYR 227) kwam in 2003 met een cd waarop vier concerten, bijeengegraasd uit radio-opnames van verschillende Europese publieke omroepen: die voor fluit (met Rampal), gitaar (met Lagoya), viool, en harp (geen concert maar de Ballade écossaise).

Het Trio d’Anches Hamburg zorgt met deze cd voor een belangrijke aanvulling op de discografie van Henri Tomasi. Ze leveren virtuoos, zorgvuld afgewerkt en muzikaal aanstekelijk spel af. Het begeleidende orkest met de generieke naam German Strings is zorgvuldig voorbereid door dirigent Olivier Tardy, solofluitist bij het orkest van de Bayerische Rundfunk. De doorzichtige opname is gemaakt in de Église Saint-Amant-Roche-Savine, kennelijk geen al te grote ruimte, want van kerkelijke galm is geen sprake: de details zijn uiterst verzorgd op de harde schijf gezet.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links