CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, november 2018

 

Tsjaikovski: Pianoconcert nr. 1 in bes, op. 23 – nr. 3 in Es, op. 75/79

Skrjabin: Pianoconcert in fis, op. 20

Xiayin Wang (piano), Royal Scottish National Orchestra o.l.v. Peter Oundjian

Chandos CHSA 5216 • 75' • (sacd)

Opname: april 2018, Royal Concert Hall, Glasgow (VK)

   

De Chinees-Amerikaanse pianiste Xiayin Wang (niet te verwarren met haar flamboyante landgenote Yuja Wang) staat sinds 2012 onder contract bij het label Chandos. Eerder maakte ze opnamen van solowerken van Rachmaninov, een cd met Amerikaanse Pianoconcerten, en twee cd's met Pianoconcerten van Ginastera. De hier te bespreken uitgave is een vervolg op een cd die in 2016 verscheen, met het Tweede Pianoconcert van Tsjaikovski, gecombineerd met het Pianoconcert van Aram Katsjatoerjan. Ook op dit vervolg combineert ze Tsjaikovski met een andere Rus, Aleksandr Skrjabin (1872-1915).

Een andere bijzonderheid is dat ze zowel het Tweede als het Eerste concert speelt in de oorspronkelijke versies van de componist. Nu is dat vandaag de dag al geen nieuws meer, maar met name het Tweede Concert komen we nog regelmatig tegen in de verkorte versie die Alexander Siloti ervan brouwde, en die in de eerst eeuw van haar bestaan de norm was. De verschillen tussen de beide uitgaven zijn enorm, de coupures zijn onbarmhartig. Dat er met de gedrukte versie van het Eerste Pianoconcert, die na Tsjaikovski's dood verscheen van alles mis is wisten we al heel lang. Toch wordt ze door vrijwel iedereen al meer dan een eeuw lang zo gespeeld en opgenomen. In het Tsjaikovski-jaar 2015 en ter gelegenheid van de honderveertigste verjaardag van het concert verscheen een nieuwe editie die door Kirill Gerstein werd opgenomen, en hier door mij is besproken. Afgezien van opengemaakte coupures zitten de verschillen vooral in de dynamische benadering van de noten. De posthume bewerker (Siloti wordt dikwijls genoemd) maakte er een volbloed romantisch vehikel van, waar de componist het allemaal wat subtieler bedoelde. Luister maar naar de openingsmaten van de piano: geen massieve akkoorden, maar arpeggio's waardoorheen de zon kan schijnen. Het Derde concert uit 1893 (het sterfjaar van de componist) is een afgekeurd deel van de geplande Zesde symfonie, de latere ‘Pathetique'. Aan de noten veranderde Tsjaikovski niets, en dus lijkt de pianopartij er met de haren bijgesleept, tot ongenoegen van veel pianisten. Bovendien is het met een lengte van een kwartier niet meer dan een ‘Konzertstück' geworden.

Het Pianoconcert van Skrjabin is een van de meest sympathieke scheppingen van de toen zesentwintigjarige componist. Hij schreef het voor zichzelf, en heeft er op zijn buitenlandse tournees enorme successen mee geboekt, en de nodige revenuen vergaard. Ook in Nederland: in oktober 1912 was hij te gast bij het Concertgebouworkest en chefdirigent Willem Mengelberg voor een waar Skrjabin festival. Naast het Pianoconcert werd voor de pauze de Eerste symfonie gespeeld, in de tweede helft kwam het recente Prométhée opus 60 tot klinken. Het zou overigens tot 2006 duren voordat het concert weer op de lessenaar van het KCO verscheen . Een treffende illustratie van luistermodes in de muziekgeschiedenis.

Van de drie werken op deze cd maakt het Pianoconcert van Skrjabin de meeste indruk. Niet alleen omdat het veel te weinig wordt gespeeld en dus altijd weer aangenaam verrast, maar ook omdat de pianist in dit werk feitelijk de leiding heeft. Het is helemaal vanuit de piano geschreven, en de dirigent kan niet anders dan de pianist volgen. Xiayin Wang heeft niet alleen stalen vingers, ze heeft ook een uitgesproken gevoel voor de zwevende lyriek van Skrjabin, een man die zijn hele leven over de maatstrepen heen componeerde. Ze neemt dirigent en orkest mee op een boeiende ontdekkingreis door deze partituur, met een klinkend resultaat dat de luisteraar van begin tot eind in de ban houdt. In de werken van Tsjaikovski wil dat minder goed lukken, omdat de pianist daar toch echt afhankelijk is van de dirigent. Peter Oundjian was ten tijde van deze opnamen chefdirigent van het Royal Scottish National Orchestra, en zijn greep op de voortgang is voortreffelijk. Bovendien is de opnamekwaliteit zonder meer indrukwekkend. Toch zou men met name in het Eerste concert wensen dat hij Tsjaikovski's emoties wat meer ruimte had gegeven, een werk dat met hartebloed in plaats van inkt werd neergeschreven, en waaraan de componist, ondanks vernietigende oordelen van grote pianisten, niets wenste te veranderen.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links