CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, maart 2010

 

 

Schumann: Frauenliebe und -leben op. 42 – Mignon op. 79 nr. 29 - Der Nussbaum op. 25 nr. 3 – Aufträge op. 77 nr. 5 - Die Lotosblume op. 25 nr. 7 – Ständchen op. 36 nr. 2 – Nachtlied op. 96 nr. 1 - Der Sandmann op. 79 nr. 13 - Das verlassne Mägdlein op. 64 nr. 2 - Die Kartenlegerin op. 31 nr. 2 - Lenau-Lieder op. 90 nr. 1-6 – Requiem op. 90 nr. 7.

Bernarda Fink (mezzosopraan), Roger Vignoles (piano).

Harmonia Mundi HMC 901753 • 60' •


Schumann schreef zijn Frauenliebe und -leben in 1840, twee maanden voor zijn huwelijk, en de cyclus is dan ook niets meer of minder dan het verhaal van Robert en Clara. Een mannentekst, gezongen door een vrouw, geheel naar de geest van de tijd. Arme Clara. In de vijftien jaar die het huwelijk duurde baarde ze acht kinderen, zag ze haar briljante carrière als concertpianiste naar de knoppen gaan en moest ze aanzien hoe Robert langzaam maar zeker te gronde ging aan syfilis. De laatste twee jaar, die hij op zijn eigen verzoek in een inrichting doorbracht, heeft ze hem zelfs helemaal niet meer gezien, pas op zijn sterfbed mocht ze hem bezoeken. Bij dit alles steken de scheurkalenderteksten van Adelbert von Chamisso wel heel pover af, en het is geheel aan de geniale muziek van Robert te danken dat je die voor lief neemt. Bernarda Fink gaf desgevraagd al aan dat zij ‘de inhoud niet wil dramatiseren: Het is een eenvoudig en kalm vertellen vanuit je ziel.’ Ze voegde er aan toe: ‘het is eigenlijk niet vocaal, dat is het moeilijke eraan.’ Ze heeft helemaal gelijk en, wat belangrijker is, ze voegt de daad bij het woord: haar interpretatie is hartroerend eenvoudig.

Bernarda Fink heeft een schitterende stem die erg lijkt op die van Frederica von Stade in haar glorietijd. Een crèmekleurig geluid paart zich aan een perfecte techniek en een superbe muzikaliteit. Eén ding begrijp ik niet. Frauenliebe is de ultieme liederencyclus voor een mezzo, voor sopranen is de ligging oncomfortabel laag. Toch transponeert zij de cyclus in zijn geheel een halve toon naar beneden, kennelijk omdat dat haar beter ligt. De andere moderne mezzo van wereldklasse, Anne Sofie von Otter (DG), die zich vergeleken met Fink overigens helemaal suf interpreteert, doet dat niet. De meerderheid van de luisteraars zal het niet merken, maar meer dan bij Schubert spelen de toonsoorten bij Schumann een essentiële rol. Jammer, want met die stem kan Fink ook zonder transponeren een imponerende Frauenliebe neerzetten. Roger Vignoles is een ideale begeleider: hij voegt zich naar het natuurlijke en warme karakter van de interpretatie. De opname doet dat ook, met de stem niet te dichtbij, maar daardoor komt de verstaanbaarheid soms een beetje in het gedrang. Het liedoeuvre van Schumann is zo rijk dat elke cd wel een verrassing kan bieden. Deze doet dat in de vorm van de prachtige Lenau-Lieder op. 90. Omdat Schumann in de veronderstelling leefde dat Lenau juist was overleden, voegde hij een zevende lied op een oude katholieke tekst toe, met de titel Requiem. Lenau was echter nog niet gestorven, maar het lot besliste dat hij overleed op de dag van de première van deze cyclus. Getransponeerd of niet, dit is een cd waar je tientallen keren naar kunt luisteren en steeds weer een ander boeiend detail waarneemt.

De oorspronkelijke uitgave uit 2002 viel vele malen in de prijzen en is gelukkig in maart 2008 opnieuw uitgebracht in de middenprijsklasse-serie HMGold onder catalogusnummer HMG501753.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links