CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, november 2015

 

Schubert: Strijkkwintet in C, D 956 (versie met contrabas)

Amsterdam Sinfonietta Solists: Candida Thompson en Jacobien Rozemond (viool), Daniel Bard (altviool), Kaori Yamagami (cello), Rick Stotijn (contrabas)

Channel Classics CCS SA 36215 53' (sacd)

Opname: december 2013, Stadsgehoorzaal, Leiden

 

Amsterdam Sinfonietta heeft een reputatie op te houden in het spelen van strijkkwartetten in groepsverband, waarmee ze bewijzen dat zoiets geen futiele tijdspassering is sinds de uitvinding van de geluidsdrager. Het begon met de Kamersymfonie (Strijkkwartet 8) van Sjostakovitsj, en is in de loop van enige decennia uitgegroeid tot een respectabele lijst, van Beethoven tot Verdi. Voor de meest recente titels is Marijn van Prooijen verantwoordelijk, contrabassist en veel meer dan 'arrangeur'. Zijn jongste wapenfeit is de 'herorkestratie' van het strijkkwartet van Anton Arenski (1861-1906), met de onwaarschijnlijke bezetting van viool, altviool en twee celli. Een metamorfose die zo geslaagd is dat ze om een opname schreeuwt. Dat zou je niet direct zeggen van deze bewerking van Schuberts misschien wel allermooiste kamermuziekwerk, het Strijkkwintet in C. Schubert schreef het stuk in navolging van zijn illustere voorgangers Luigi Boccherini en Georges Onslow voor een strijkkwartet waaraan een tweede cello is toegevoegd. De componerende cellovirtuoos Boccherini deed dat vooral om voor zichzelf lekkere speelstukken te hebben die soms meer weg hebben van een celloconcert met strijkkwartetbegeleiding. Onslow speelde ook heel aardig cello, maar toen hij de contrabasvirtuoos Domenico Dragonetti had horen spelen schreef hij de tweede cellopartij van zijn kwintetten om voor de contrabas.

Met deze wetenschap in het achterhoofd ontstond bij de musici van Sinfonietta het idee om het Kwintet van Schubert op een soortgelijke manier geschikt te maken voor uitvoeringen met contrabas. Daarbij treft het dat Rick Stotijn kan figureren als een eigentijdse Dragonetti. Rick heeft er zelfs een speciale kleinere bas met een extra hoge snaar voor meegenomen. Marijn van Prooijen heeft de cellopartij aangepast aan de nieuwe situatie, en daar hoefde hij natuurlijk weinig voor te doen, de noten staan kant en klaar op papier. De enige keuze die je moet maken is: speelt de contrabas in zijn eigen register (een octaaf lager dan de cello), of transponeer je hem omhoog. Hier is er voor gekozen om grotendeels de contrabas in zijn eigen register te laten spelen, waardoor het bouwsel van Schubert er als het ware een extra verdieping bij krijgt, onderkelderd wordt zo u wilt. Wat we daarvan moeten vinden is in de eerste plaats een kwestie van smaak. Aan het voortreffelijke spel van deze vijf bevlogen solisten zal het niet liggen, en aan het onwaarschijnlijk subtiele contrabasspel van Rick Stotijn al evenmin. Ook de opnamekwaliteit is meer dan mooi. Weet u wat? Gewoon zelf even luisteren.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links