CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, juni 2013

 

Rimski-Korsakov - Secular Cantatas

Gedicht over Aleksei, de man van God op. 20 – Het lied van Oleg de Wijze, op. 58 (voor mannenkoor) – Uit Homerus op. 60 (voor sopraan, mezzosopraan, alt en vrouwenkoor) – Svitezjanka op. 44 (voor sopraan, tenor en gemengd koor)

Tatjana Fedotova (sopraan), Elena Mitrakova (sopraan), Svetlana Sizova (mezzosopraan), (Dmitri Kortsjak (tenor), Nikolai Didenko (bas), Chorus of the Moscow Academy of Choral Art, Moscow Symphony Orchestra o.l.v. Vladimir Ziva

Brilliant Classics 94495 • 63' •

Opname: 2001

 

Kenners weten het al, deze opname maakt deel uit van de Rimski-Korsakov Edition van Brilliant, een doos met 25 cd’s die ik hier eerder besprak. Nu zullen niet alle fans van de componist behoefte hebben aan zo’n editie, die behalve veel moois ook veel lacunes te bieden heeft. De krenten in de pap van die editie waren de complete liederen en deze cantates, een separate uitgave is dus alleszins op zijn plaats. De oorspronkelijke op Le Chant du Monde en Russian Season was bovendien binnen de kortste keren uit de catalogus verdwenen, en de cd moest het op Russian Season nota bene doen zonder toelichting. Voor deze heruitgave uit 2012 schreef Malcolm MacDonald een zeer informatieve en leesbare tekst (alleen Engels). Helaas ontbreken de gezongen teksten – jammer genoeg worden ze ook niet op de website van Brilliant aangeboden.

Nikolaj Rimski-Korsakov (1844-1908) was voorbestemd tot een carrière bij de marine, net als zijn vader en grootvader. Zijn opleiding ontving hij op de zeevaartschool, muziek was een vrijetijdsbesteding. Toch zag hij kans om op een zeereis rond de wereld (1863-5) zijn Eerste symfonie te componeren. Een werk waarmee hij ondanks zijn jonge leeftijd het respect afdwong van zijn componerende vrienden Balarirev, Cui, Moessorgski en Borodin. Samen zijn ze de muziekgeschiedenis ingegaan als het ‘machtige hoopje’. Rimski heeft eeuwige faam verworven met glitterpartituren als Shéhérazade, Capriccio Espagnole en het Groot Russisch Paasfeest, waarmee hij zijn legendarische vaardigheid als orkestrator bewees. Zijn reputatie in Rusland stoelt bovendien op het grote aantal opera’s dat hij naliet. Veelal gebaseerd op sprookjesachtige verhalen staat hij te boek als de Russische evenknie van Richard Wagner.

De vier werken op deze uitgave zijn gepubliceerd als cantates, maar iedere vergelijking met de vorm zoals die gepraktiseerd werd in de negentiende eeuw gaat mank. Cantates waren dikwijls gelegenheidswerken ter opluistering van officiële plechtigheden, en roken dus bij voorbaat al een beetje muf. De Cantate ‘Moskou’ van Tsjaikovski is een goed voorbeeld. Rimski beklaagde zichzelf ook over het genre, dat hij beschouwde als ‘ongeschikt voor ons publiek, onze uitvoerenden en onze uitgevers – niemand wil ze horen’. De Cantates die Rimski naliet behoren echter helemaal niet tot dat genre – integendeel. Het zijn geaborteerde operaprojecten waarvan hij het zonde vond om ze weg te gooien. Neem opus 60, ‘Iz Gomer’ – Uit Homerus – die begint met een spectaculaire ouverture die het moeiteloos opneemt tegen die van Wagners ‘Fliegende Holländer’. Na vijf minuten storm op zee worden we naadloos binnengeleid in de wereld van sirenen, vertolkt door drie vrouwenstemmen en een dameskoor. Het zijn de overblijfselen van een operaproject uit de jaren 1860, waarin de matroos Rimski zich waagde aan een opera over de zee, gebaseerd op Homerus’ Odyssee.

Aleksei, de Man van God, waarmee de cd opent is ook afkomstig van de werktafel van de operacomponist. Bij de revisie van de opera ‘Pskovitjanka’ – de Maagd uit Pskov – verwijderde Rimski dit pelgrimskoor. Weggooien is zonde, dus maakte hij er maar een cantate van. Het is met amper zes minuten het kortste werk op deze cd, een stemmig koorwerk zonder solisten.

Het ‘Lied van Oleg de Wijze’ uit 1899 is wel degelijk een originele ‘cantate’, die in dit geval meer aanspraak maakt op de benaming ballade. Twee solisten, tenor en bas, plus mannenkoor vertellen het verhaal dat door Poesjkin werd opgetekend in de vorm van een – jawel – ballade. Ze verhaalt van de wijze Oleg die door waarzeggers een dood door zijn eigen paard wordt voorspeld. Oleg laat zijn paard afvoeren, maar wil jaren later toch eens weten wat er van het dier geworden is. Wanneer hij het skelet van zijn hengst vindt kruipt er uit de beenderen een giftige slang. De rest laat zich raden. Het lied van Oleg is met ruim een kwartier de langste van deze vier stukken.

Svitezjanka – de Zeemeermin uit het meer Svitez – uit 1897 vertelt het overbekende verhaal van de onmogelijke liefde tussen een waterwezen en een prins van vlees en bloed. Dvorak baseerde zijn opera Russalka op hetzelfde verhaal. Twee solisten, sopraan en tenor, zijn de protagonisten; commentaar wordt geleverd door een gemengd koor.

Voor de verzamelaar die zich het schompes heeft gezocht naar die oorspronkelijke uitgave op Le Chant du Monde is deze cd een geschenk uit de hemel. Gezien de kosten die vaak verbonden zijn met het afdrukken van gezongen teksten mogen we het ontbreken ervan een budgetlabel niet kwalijk nemen, maar jammer is het wel. Solisten, koor en orkest zijn meer dan voldoende op hun taak berekend en de opname is recent genoeg om aan de eisen van de tijd te voldoen.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links