CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, februari 2011

 

 

Pierné: Pianoconcert in c, op. 42 – Ramuntcho (suites nr. 1-2) – Divertissements sur un thème pastoral – Marche des petits soldats de plomb

Jean-Efflam Bavouzet (piano),
BBC Philharmonic o.l.v. Juanjo Mena

Chandos CHAN 10633 • 67' •

 

 


 
  Gabriel Pierné (1883-1937)
   
   
   
   
   
   

Gabriel Pierné was voor zijn tijdgenoten in de allereerste plaats een groot dirigent: hij stond van 1910 tot 1933 aan het hoofd van de legendarische Concerts Colonne, en overzag wereldpremières van werken van Debussy (Images, Jeux en Khamma), Ravel (de eerste Suite uit Daphnis et Chloé, een jaar voor de première van het ballet) en Strawinky (de Vuurvogel, voor de Ballets Russes). Hij dirigeerde op zijn minst 48 verschillende programma’s per jaar en had dus, net als Gustav Mahler, alleen tijd om te componeren in de zomervakantie. Voordat hij als dirigent bekendheid verwierf had hij al naam gemaakt als organist: van 1890 tot 1898 was hij titulair van de Ste-Clotilde te Parijs, als opvolger van César Franck.

Pierné werd geboren in 1863, een jaar na Debussy, en overleed in 1937, tevens het sterfjaar van Ravel en Roussel. Hij kwam ter wereld in de provincie Lorraine (aan de oostkant grenzend aan de Elzas en aan de noordkant aan Luxemburg). Toen als gevolg van de Frans-Pruissische oorlog van 1870 Duitsland de Elzas en Lorraine annexeerde, verhuisde het gezin Pierné naar Parijs. Daar dreven zijn ouders een muziekschool – zijn vader was bariton, zijn moeder speelde piano. Nadat Gabriel aan het Conservatoire de nodige eerste prijzen voor orgel, piano en compositie in de wacht had gesleept, won hij de Prix de Rome, met een driejarig verblijf in Italië als gevolg. Daarna keerde hij terug naar Parijs, waar hij aan de slag ging in de ouderlijke muziekschool en als organist.

Pierné studeerde compositie bij Massenet en orgel bij Franck, en beide leraren hebben zijn muzikale idioom beïnvloed. Van Franck erfde hij de solide symfonische structuren met hun cyclische thema’s, van Massenet de charme van een pakkende melodie. Voeg daaraan toe dat hij als dirigent een ideaal venster op de wereld van de eigentijdse muziek had, en het beeld van een eclecticus met een conservatieve inslag is compleet. Dat neemt niet weg dat Pierné een oeuvre heeft nagelaten dat aan kwaliteit niets te wensen overlaat. Om te beginnen de triptiek van oratoria, geschreven op de drempel van de twintigste eeuw, La croisade des enfants, Les enfants à Bethléem, en Saint François d'Assise. Die werd gevolgd door een serie grote orkestwerken en balletpartituren, waaronder Cydalise et le chèvre-pied en de Divertissements sur un thème Pastoral. Het exotisme dat in die tijd zoveel opgeld deed vinden we terug in deze partituren in de vorm van oriëntaalse toonladders, pentatoniek en Spaans-Baskische ritmen.

Een van de mooiste stukken die Pierné aan het notenpapier toevertrouwde is nog niet genoemd: het Pianoconcert in c, geschreven in 1887, en ongetwijfeld bedoeld voor eigen gebruik. Bij beluistering komen associaties naar boven met het Tweede pianoconcert en de beroemde Prélude in cis van Rachmaninov, maar dat kan alleen maar toeval zijn: de jonge Sergej was in 1887 net veertien jaar geworden. Meer voor de hand ligt de connectie met het Tweede pianoconcert van Camille Saint-Saëns, want dat ontstond in 1868, en genoot van het begin af aan een grote populariteit. Bovendien stond Pierné open voor Saint-Saëns’ ideeën over de ‘ars gallica’, met zijn aandacht voor oude dansvormen en de muziek van Rameau en Couperin. Het enige manco van dit pianoconcert zou het ontbreken van een bezonken langzaam deel kunnen zijn. Nu duiken we van de heroïek van het openingsdeel direct in de feeëriek van het Scherzo en direct terug in de gespierde finale. Dat verklaart ook de geringe lengt van het concert, krap twintig minuten.

Behalve het Pianoconcert vinden we op deze cd de beide suites uit de toneelmuziek bij ‘Ramuntcho’, gebaseerd op de roman van Pierre Loti, een partituur die parallellen vertoont met de beide suites uit L’Arlésienne van Bizet. Hier krijgt Pierné volop de gelegenheid om zijn liefde voor de volksmuziek uit te werken in een Fandango en een Rapsodie Basque, net als in de Divertissements sur un thème Pastoral uit 1932, dat met zijn tijd meegaat door de saxofoon solistisch in te zetten. Eén van de aardigste mopjes die Pierné ons naliet is de Marche des petits soldats de plomb, de ‘Mars van de tinnen soldaatjes’. Het is decennialang een vast bestanddeel geweest van het repertoire van orkesten als het Hilversumse Promenadeorkest. Het is een leuk idee om zo’n stukje weer eens te laten horen, maar dan niet als openingswerk, vlak voor het Pianoconcert, waar het op deze cd de spreekwoordelijke situatie van de tang en het varken oproept.

Voor het overige niets dan lof voor deze schitterend gespeelde en prachtig opgenomen uitgave. Wat het Pianoconcert betreft waren we al goed bediend door het label BIS met een uitvoering door pianist Dag Achatz, maar dat was op een dubbel-cd in combinatie met andere pianoconcerten (Grieg en Tsjaikovsky). Op die schijf stonden overigens ook de beide Suites uit Ramuntcho. Daar kwam in 2002 een opname bij in de prachtige serie ‘The Romantic Piano Concerto’ van het label Hyperion, met de complete werken voor piano en orkest van Pierné – er zijn nog een drietal kortere werken. Ondanks zijn enigszins gevorderde leeftijd geldt pianist Jean-Efflam Bavouzet (1962) nog steeds als een aanstormend talent, en hij presenteert zich hiermee voor de derde keer als een bevlogen solist, na voor Chandos opnames te hebben gemaakt van de pianoconcerten van Bartók en Ravel. De Spaanse dirigent Juanjo Mena volgt binnenkort Gianandrea Noseda op als chefdirigent bij het BBC Philharmonic Orchestra en zijn prestaties smaken naar meer. Gabriel Pierné wordt met deze cd geïntroduceert bij een nieuw publiek, dat deze werken in de concertzaal nooit of te nimmer tegen zal komen. Laten we hopen dat dit de start betekent van een hernieuwde interesse voor deze componist, want er is nog veel meer. Balletten als Cydalise et le chèvre-pied en Impressions de music-hall, maar ook orkestwerken als Paysages franciscains en Les Cathédrales lonen de moeite dubbel en dwars. Nu maar hopen dat de BBC en Chandos er ook zo over denken.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links