CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, oktober 2014

 

Milhaud: Six Chamber Symphonies - L'Homme et son désir op. 49 - Pianoconcert nr. 2 op. 228 - Suite Cisalpine voor cello en orkest op. 332 - Le boeuf sur le toit op. 58 - Concert voor slagwerk en klein orkest op. 109 - Altvioolconcert nr. 1 op. 108 - La muse ménagère op. 245 - Le Carnaval d'Aix op. 53b

Grant Johannesen (piano), Thomas Blees (cello), Faure Daniel (slagwerk), Ulrich Koch (altviool), Carl Seeman (piano, Carnaval), Orchestra of Radio Luxembourg o.l.v. Darius Milhaud, Bernard Kontarsky (Pianoconcert en Suite Cisalpine) en Louis de Froment (Le boeuf)

Brilliant Classics 94862 75' + 75' (2 cd's)

Opname: 1968 (dir. Milhaud, Froment), 1974 (dir. Kontarsky, Muse ménagère)

   

Dit zijn opnamen die me een leven lang hebben vergezeld. De elpees verschenen op het goedkope Amerikaanse label VOX op een moment dat wij het fenomeen 'budgetlabel' nog niet kenden. Alleen de Britten hadden zoiets, SAGA, en zowel SAGA als VOX waren kampioen in het verkopen van slechte persingen. Als de naald zonder te verspringen naar het gaatje kwam had je geluk gehad, maar de opnamen, dat was een ander verhaal. Natuurlijk creëert zulk jeugdsentiment een roze bril, maar bij het ouder worden zet je die wel af. En dus kocht ik van sommige titels uit de VOX catalogus de verdoeking op cd, alweer omdat zij de eersten waren die met een budgetlabel lonkten. In een tijd dat hier voor cd's vijftig gulden betaald moest worden kocht je in New York zo'n VOX schijfje voor $ 9.99. Veel van dat spul hoeft nu niet meer, maar een aantal titels hebben na een halve eeuw hun waarde bewezen. Sommige ervan, zoals de complete symfonieën van Prokofjev gedirigeerd door de onvolprezen Jean Martinon, zijn nog steeds niet herontdekt.

In 1968 was Darius Milhaud het toppunt van zijn roem allang voorbij. In het interbellum was hij een beroemdheid die met Stravinsky, Bartok, Ravel en Gershwin tot de klassieke toppers behoorde. Met La Création du Monde en Le Boeuf sur le toît had hij wereldwijd succes, en je zou zelfs mogen beweren dat de 'wereldmuziek' van nu, of wat daarvoor doorgaat, zijn wortels vindt in Milhauds openstaande blik. Milhaud reisde als jonge man naar Brazilië als cultureel attaché, en de volksmuziek van Rio resoneerde twintig jaar later nog steeds in zijn componistenkop - jazzconcerten in het Harlem van Manhattan hadden hetzelfde effect. Maar Milhaud ging verder en schiep zijn eigen handelsmerk: de bitonaliteit - twee contrasterende toonsoorten die samen muziek maken. Simpel uitgelegd: op de piano speelt de linkerhand in C en de rechterhand in Fis. Milhaud schreef twaalf volwassen Symfonieën, maar zijn echte symfonische reputatie rust op een zestal minuscule partituurjes, symfonietjes van een paar minuten, gespeeld door een handvol instrumenten. Dat was wat hij in 1968 opnam in Luxemburg. De tijdgeest was hem niet welgezind, maar twintig jaar verder was de honger naar nieuw repertoire voor de cd niet te stillen en dus verscheen een mooie dubbel-cd met al het moois van Milhaud dat VOX had verzameld op het eigen label en het iets duurdere zusje, Candide. Dat was eind jaren tachtig.

In Nederland had Reinbert de Leeuw in diezelfde tijd zijn oog laten vallen op Milhaud. Dat resulteerde uiteraard in uitvoeringen van de verplichte nummers, maar gelukkig nam Reinbert ook een paar kolossale partituren bij de kop, die hij naar Holland Festival directeur Jan van Vlijmen sleepte. Reinbert zou Reinbert niet zijn wanneer dat niet zou resulteren in een uitvoering, en dus bezit ons Nationale Instituut voor Beeld en Geluid schitterende opnamen van de opera Christophe Colomb en het vocale drieluik L'Orestie. Met die sluimerende banden is nooit iets gedaan, en dat zal ook wel zo blijven. Met de opnamen die VOX maakte met Milhaud op de bok gaat het een stuk beter, want die worden opnieuw uitgebracht op het label Brilliant Classics.

Het was en is een prachtverzameling met voorop het ballet L'Homme et son désir, dat vraagt om zeventien slagwerkers en een vocaal solistenkwartet. Het opusnummer 48 plaatst het dicht in de buurt van Les Eumenides, het derde deel van bovengenoemde Orestie trilogie, en de overeenkomsten zijn frappant. Binnenkort bespreek ik hier een nieuwe uitgave van de complete Orestie op Naxos. Brilliant heeft de oorspronkelijke opnamen aan een remastering onderworpen, die op zichzelf wel begrijpelijk is. Op de originelen vinden we de extreme scheiding tussen links en rechts die destijds erg in de mode was - iets dat uiteraard vooral opvalt bij beluistereing door een koptelefoon. Bij deze partituren vond ik dat altijd prettig, vooral door het grote aantal slaginstrumenten. Je wist wel dat het in een zaal nooit zo zou klinken, maar je zat wel op de stoel van de dirigent. Brilliant heeft die extreme scheiding afgezwakt - over de luidsprekers merk je daar maar weinig van. Ook de annotaties zijn aan een facelift onderworpen, maar de oorspronkelijke teksten, ook die van Milhaud zelf, zijn in essentie niet wezenlijk veranderd. Een pracht van een uitgave, die in geen enkele serieuze collectie mag ontbreken.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links