CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, oktober 2019

Magnard: Symfonie nr. 3 in bes, op. 11 - nr. 4 in cis, op. 21

Philharmonisches Orchester Freiburg o.l.v. Fabrice Bollon
Naxos 8.574082 • 74' •
Opname: maart 2017 (nr. 4), maart 2018 (nr. 3), Rolf Böhme Saal, Konzerthaus, Freiburg (D)

   

Op 16 november 1905 speelde het Concertgebouw de Derde symfonie van Albéric Magnard onder leiding van Gabriel Pierné. Dat was eens en nooit meer. Het zegt iets over de status van een componist die een volwassen oeuvre naliet en tegelijk te recalcitrant was om zich te conformeren aan de gangbare regels in het muziekbedrijf.

Misschien kwam dat door zijn afkomst. (Lucien Denis Gabriel) Albéric Magnard was de zoon van François Magnard, prominent auteur en journalist, en van 1879 tot 1894 hoofdredacteur van de gezaghebbende krant Le Figaro. Zijn moeder pleegde zelfmoord toen hij vier jaar oud was en met zijn vader had hij een moeizame relatie; ondanks de relatieve welstand waarin hij opgroeide had hij er een hekel aan als het 'zoontje van Figaro' bekeken te worden. Het verhinderde hem overigens niet om op latere leeftijd muziekkritieken re schrijven voor diezelfde krant, en dat werd hem in sommige kringen dan weer niet in dank afgenomen. Onder druk van zijn vader volgde hij een rechtenopleiding, maar toen hij in 1886 in Bayreuth kennismaakte met Wagners Tristan und Isolde besloot hij om componist te worden. Hij schreef zich in aan het Parijse Conservatoire, waar hij compositie studeerde bij Massenet en goede vrienden werd met Guy Ropartz, die hem in contact bracht met César Franck en Ernest Chausson. Na zijn conservatoriumdiploma nam hij privélessen bij Vincent d'Indy, aan wie hij zijn Eerste symfonie opdroeg.

In 1894 overleed zijn vader, een verlies dat tegenstrijdige gevoelens opriep: aan de ene kant verdriet, aan de andere kant de bevrijding die het geërfde fortuin bood. Hij schreef de emoties van zich af in zijn Chant funèbre, een werk waarmee hij een nieuwe richting insloeg. In 1896 trouwde hij, en in hetzelfde jaar voltooide hij zijn derde symfonie, zijn onbetwiste meesterstuk. Rond dezelfde tijd openbaarden zich de eerste tekenen van doofheid, die de toch al niet gemakkelijke Magnard nog meer isoleerde. De rest van zijn leven combineerde hij zijn post als leraar contrapunt aan de Schola Cantorum van d'Indy met het bestaan van componist in zijn landhuis Manoir des Fontaines te Baron, waar hij vanaf 1904 met zijn gezin woonde en waar zijn beide dochters werden geboren. Toen het dorp aan het begin van de Eerste wereldoorlog door Duitse soldaten werd bezet stuurde Magnard vrouw en dochters naar Parijs en bleef thuis om zijn bezit te verdedigen. Toen zijn huis gevorderd werd schoot hij een Duitse soldaat dood, waarop zijn huis in brand werd gestoken. Magnard kwam in de vlammen om.

Dat Magnard een wat dwarsige man was horen we ook terug in zijn componeren. Wie kiest er anders voor zijn symfonieën de toonsoorten bes-mineur en cis-mineur? De strenge stijl die hij bovendien hanteerde maakten het de toenmalige luisteraars ook niet gemakkelijk. Voeg daaraan toe dat hij weinig vertrouwen had in uitgevers en dus op eigen kosten zijn muziek publiceerde, en het beeld is compleet. Een vertroebeld beeld, van een tweetal meesterlijke symfonieën die de lijn van Franck en d'Indy voortzetten en de brug slaan naar Roussel. Wie zich ooit heeft afgevraagd waar Roussel de ideeën voor zijn Derde en Vierde symfonie opdeed moet die van Magnard maar eens beluisteren.

Hoewel Magnard in de concertzaal nauwelijks aan bod komt, zijn de vier symfonieën op geluidsdragers redelijk goed vertegenwoordigd. Gerard Scheltens heeft een uitgebreide recensie gewijd aan de integrales van Thomas Sanderling op BIS en Jean-Yves Ossonce op Hyperion, in het voorbijgaan verwijzend naar Michel Plasson die op het label EMI de eerste (en volgens velen de beste) was. Daaraan mogen we nu de Franse dirigent Fabrice Bollon toevoegen, samen met het orkest waarvan hij sinds 2008 chef is, het Philharmonisches Orchester Freiburg. Een ensemble dat men niet moet verwarren met het SWR Sinfonieorchester Baden-Baden und Freiburg (en dat inmiddels ook niet meer bestaat). Het Philharmonisches Orchester Freiburg is het stedelijke orkest van Freiburg, dat zoals overal in Duitsland de plaatselijke opera bedient en daarnaast een symfonische serie onderhoudt. Er wordt onder Bollon voortreffelijk gemusiceerd, en de vergelijking met de concurrentie behoeft niet te worden gevreesd. Plasson is niet meer te krijgen, Brilliant nam BIS/Sanderling eenmalig in licentie en die is inmiddels ook niet meer beschikbaar, en Hyperion gaf de symfonieën uit in een handzame dubbel-cd. Wie het beste van Magnard op een budgetuitgave wil aanschaffen doet met deze cd een uitgelezen keuze, ook wat betreft de uitstekende opname.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links