CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, februari 2020

Leifs: Edda II The Lives of the Gods

Hanna Dóra Sturludóttir (mezzosopraan), Elmar Gilbertsson (tenor), Kristinn Sigmundsson (bas), Schola cantorum, Iceland Symphony Orchestra o.l.v. Hermann Bäumer

BIS-2420 • 65' • (sacd)
Opname: april 2018, Harpa Concert Hall, Reykjavik (IJsland)

   

Jon Leifs is een IJslandse componist die heel veel geleerd heeft van Richard Wagner en vervolgens besloot dat alles anders moest. Hij werd geboren op een boerderij in een uithoek van IJsland in 1899. Ondanks het feit dat IJsland in 1899 slechts 78.000 inwoners telde werd hij de componist die het land voor de rest van de wereld een eigen muzikaal gezicht zou geven. Na zijn basisopleiding in Reykjavik vertrok hij voor verdere studie naar Leipzig. Daarna bleef hij in Duitsland hangen waar hij een redelijk succesvolle loopbaan wist op te bouwen als dirigent en componist. Heel even werd hij door het ‘Noordse' karakter van zijn werken door de nationaalsocialisten gepropageerd, maar vanwege zijn joodse echtgenote was hij al snel genoodzaakt terug te keren naar IJsland. Daar zette hij zich in voor een goede infrastructuur van het muziekleven, waaronder de oprichting van het IJslands Symfonieorkest. In zijn componeren verwerkte hij lokale sagen en legenden, met gebruikmaking van motieven uit de IJslandse volksmuziek. De muziek van Leifs heeft in zijn grote werken de oerkracht van het IJslandse landschap die vooral tot uitdrukking komt in een vulkanisch slagwerkgebruik.

Zijn magnum opus is het oratorium Edda, gebaseerd op de tekst van het gelijknamige epische gedicht dat ook de Ring van Richard Wagner inspireerde. Leifs plande zijn compositie in vier delen:

1. De schepping van de wereld. Gecomponeerd tussen 1932 en 1937.
2. Het leven van de goden. Voltooid in mei 1966.
3. Schemering. Onvoltooid gebleven.
4. Opstanding. Alleen tekst.

Het eerste deel werd in 2007 uitgebracht op het label BIS, nu volgt in het kader van de viering van IJslands onafhankelijkheid in 2018 deel twee. Intussen is er in IJsland het nodige veranderd, maar met name op muziekgebied is dat alleen maar een gunstige ontwikkeling: in 2011 werd een schitterende splinternieuwe concertzaal in gebruik genomen, de Harpa. Waar deel 1 in nog in een galmende kerk werd opgenomen kon deel 2 profiteren van de prachtige akoestiek van het nieuwe onderkomen van het IJslands Symfonieorkest.

Het tweede deel van de Edda is onderverdeeld in zes scenes: 1. Odin. 2. Odins zonen. 3. Godinnen. 4. Walküren. 5. Nornen. 6.Strijders.

De namen zijn het enige wat nog herinnert aan Wagner, voor de muzikale syntax heeft Leifs zich radicaal van zijn grote voorganger afgekeerd. De oerkrachten drukt Leifs graag uit in een overweldigende hoeveelheid slagwerk, en dan niet van het timide soort. Hier wordt zo hard mogelijk gebeukt, gehengst en geslagen. Het vocale deel is merendeels toevertrouwd aan het koor, dat homofoon de tekst volgt in harmonieën die niet dissoneren, maar wel een vervreemdend onlogisch verloop kennen. Een archaïserende werkwijze die ons regelrecht naar de oertijd van de Edda lijkt te willen verplaatsen.

Dirigent Herman Bäumer was ooit soloklarinettist van de Berliner Philharmoniker, is thans GMD in Mainz, en levert met deze uitgave zijn derde cd met het IJslands Symfonieorkest af die gewijd is aan het werk van Jón Leifs. Samen met het uitstekende koor, de (IJslandse) solisten en het orkest wordt hier een topprestatie geleverd. Wanneer Jón Leifs had kunnen bevroeden dat een halve eeuw na zijn dood zijn magnum opus op cd zou verschijnen had hij het zeker niet onvoltooid gelaten.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links