CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, april 2019

 

Haydn: Die Sieben Letzten Worte unseres Erlösers am Kreuze

Jan Michiels (piano)
Et'cetera KTC 1649 • 56' •
Opname: november 2004, Keizerzaal, Sint Truiden (B)

 

Een geheel nieuw instrumentaal werk, verdeeld in zeven sonates van elk zeven tot acht minuten, het geheel voorafgegaan door een introductie en afgesloten door een terremoto, of aardbeving. Deze sonates zijn gebouwd rond en gebaseerd op de woorden die Christus onze Heiland sprak aan het kruis.

Met deze woorden introduceerde Haydn dit unieke orkestwerk, dat hij zelf als een van zijn beste composities beschouwde. De opdracht voor het werk kwam uit de Spaanse havenstad Cadiz, en niet van de bisschop zoals Haydn zelf suggereerde. En al evenmin voor de kathedraal van Cadiz, maar voor een in een grot uitgehouwen kapel, de Oratorio de la Santa Cueva – de heilige grot. De kapel bestaat nog steeds en heeft niets van een kathedraal: ze meet slechts vijftien bij vijftien meter. Wanneer we ons voorstellen dat daar een orkest van toch al gauw tussen de dertig en veertig musici moest plaatsnemen waren er waarschijnlijk alleen staanplaatsen over. In de heilige grot werden sinds enkele jaren op Goede Vrijdag de Tres Horas – van twaalf tot drie uur – in acht genomen, waarbij deze muzikale reflecties werden aangevuld door gesproken meditaties en de bijbehorende rituelen.

De eerste uitvoering vond plaats op Goede Vrijdag (6 april) 1787, enkele maanden later verscheen de eerste druk bij Artaria in Wenen. Niet meer dan een maand later voltooide Haydn een versie voor strijkkwartet die direct bij dezelfde uitgever verscheen onder het opusnummer 48. Daarna gingen handige arrangeurs en uitgevers met Haydns noten aan de haal en doken er versies op voor koor en orkest, en voor klavier solo. De koorversie werd door de componist snel vervangen door een betere, maar over de (anonieme) klavierversie was hij tevreden.

Klavier kan in Haydns situatie nog van alles betekenen, maar in ieder geval niet een moderne concertvleugel. Toch kiest de Belgische pianist Jan Michiels (1966) daar juist wel voor, het is nu eenmaal zijn lijfinstrument. In tegenstelling tot wat velen in deze tijd van oude instrumenten zullen verwachten slaagt hij erin om tot een volkomen overtuigend resultaat te komen. Overigens is de opnamedatum geen vergissing, de cd heeft (te) lang op de plank gelegen. Iedere uitvoering van dit werk (behalve de koorversie) is een heksentoer om de doodeenvoudige reden dat acht langzame delen achter elkaar de toehoorder o zo gemakkelijk in een zalige sluimer kunnen brengen. Michiels speelt het klaar om de luisteraar bij de les te houden en hem ook nog te laten genieten van pianospel dat in al zijn eenvoud de kern van Haydns betoog ontroerend over het voetlicht brengt. Hij vertelt een verhaal dat door de eerlijke opnametechniek recht naar het hart van de muziek zowel als de luisteraar gaat.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links