CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, januari 2018

 

Elgar: Falstaff op. 68 - Songs op. 59 - Songs op. 60 - Two movements from Grania and Diarmid op. 42 - The wind at Dawn - The Pipes of Pan - Pleading, op. 48 - The King's Way - Kindly do not smoke

Roderick Williams (bariton), BBC Philharmonic o.l.v. Andrew Davis

Chandos CHSA 5188 • 75' • (sacd)

Opname: januari 2017, MediaCityUK, Salford, Manchester (VK)

   

Sir Edward Elgar beschouwde zijn hommage aan Sir John Falstaff als zijn beste symfonische schepping. Wellicht een door nostalgie gekleurde observatie, want het is hoe dan ook zijn laatste symfonische schepping, na meesterwerken als de Enigma Variaties en de beide symfonieën. Het Celloconcert uit 1919 rekenen we dan voor het gemak even niet mee - dat bekleedt in het oeuvre van Elgar dezelfde positie als de Vier letzte Lieder in dat van Richard Strauss: een geniaal nakomertje. Overigens heeft de concertpraktijk de componist ongelijk gegeven, want zelfs in het Verenigd Koninkrijk is Falstaff geen repertoirestuk geworden. Afgaande op een ruime vertegenwoordiging in de platencatalogus zou je dat niet zeggen - kennelijk denken labels, dirigenten en orkesten er anders over.

Sir Andrew Davis (1944) was van 1989-2000 chefdirigent van het BBC Symphony orchestra, en daarmee de langstzittende chef van dat orkest sinds Sir Adrian Boult. Eigenlijk is die vergelijking niet helemaal eerlijk, want Sir Adrian moest er in 1950 mee stoppen omdat hij vijfenzestig werd. Hij was gewoon in vaste dienst en ging dus met pensioen, en wonderlijk genoeg begon hij toen aan een 'Indian summer' als chef van het London Philharmonic Orchestra, waarmee hij tot 1978 grote successen boekte. De elf jaren die Sir Andrew doorbracht aan het hoofd van de BBC Symphony werden onvergetelijk door de buitengewoon humoristische wijze waarop hij zijn 'Last Night of the Proms' speaches presenteerde. Sir Andrew vestigde zich in 2000 in Chicago , waar hij de baas is van de Lyric Opera, samen met zijn echtgenote, sopraan Gianna Rolandi. Sir Andrew heeft sinds hij in zijn jonge jaren begon bij het Toronto Symphony Orchestra kans gezien om een uitgebreide discografie op te bouwen, en een deel van die discografie bestaat uiteraard uit opnamen met het BBC Symphony Orchestra, voor het label Teldec, met gewaardeerde opnamen van de werken van, u raadt het, Edward Elgar. In 1998 verscheen daar een opname van Falstaff, gecombineerd met de ouverture Froissart, de Romance voor fagot en de hier eveneens opgenomen treurmars uit Grania en Diarmid. Een uitgave die door de Britse muziekpers lovend werd ontvangen. In de loop van de twintigste eeuw ontstond in die pers een consensus over de beste opname van Falstaff, en iedereen was het erover eens dat de registratie die Sir John Bar birolli in 1964 in Manchester maakte met zijn Hallé Orchestra onovertroffen mocht heten. Nu manifesteert de concurrentie zich in datzelfde Manchester , bij een van de andere symfonieorkesten van de BBC, de Philharmonic, en opnieuw is Sir Andrew Davis de dirigent van dienst. Na zijn vertrek uit Londen stapte hij over naar het label Chandos, waarvoor hij met zijn 'andere' orkest, de Melbourne Symphony, onder meer opnamen heeft gemaakt van werk van Ives, die ik hier heb besproken. Met de BBC Philharmonic maakte hij verschillende registraties van Brits repertoire, maar hij heeft geen vaste verbintenis met het orkest.

EMI bracht vlak voor de overname door Warner een box met dertig cd's uit met werken van Elgar onder de titel The Collector's Edition. Daarin zijn alle legendarische opnamen van Sir John Bar birolli (ook die van het Celloconcert met Jacqueline Dupré en de Sea Pictures met Janet Baker) bijeengebracht. Een goudmijn die duidelijk maakt dat alle discussies over de historisch geïnformeerde muziekpraktijk voorbijgaan aan een bijna ongrijpbaar fenomeen: de tijdgeest. Toen Barbirolli en zijn orkest in 1964 Falstaff opnamen was de componist weliswaar dertig jaar dood, maar hij leefde nog voort in de herinnering. Een heel ander fenomeen speelt eveneens een belangrijke rol: wanneer een dirigent zijn leven lang doorgebracht heeft met een partituur is dat onherroepelijk van invloed op de interpretatie. Het is bijna ondoenlijk om onder woorden te brengen wat er tussen 1964 en 2017 veranderd is, en het is nog moeilijker om uit te leggen waarin het verschil bestaat. Glorious Sir John maakt zijn reputatie helemaal waar, de meeslepende chromatische loopjes in de trombones en de hoorn s zijn een beetje vettig, maar om je vingers bij af te likken. In 2017 laat Sir Andrew alle noten met een uiterste aan precisie horen, en beantwoord zo aan ons gevoel voor orkestrale virtuositeit. Er is geen winnaar - je mag blij zijn dat er een traditie in stand gehouden wordt, van Sir John tot Sir Andrew.

Op de andere helft van deze cd maken we kennis met een geheel ondergesneeuwde Elgar. Maar liefst tien georkestreerde liederen komen hier tot nieuw leven sinds het Victoriaanse tijdperk waarvoor ze bedoeld waren. Dat ze tot leven komen is in de eerste plaats te danken aan bari ton Roderick Wi lliams, die hier een heroïsche prestatie levert. Met een prachtstem, onberispelijke declamatie en een rotsvast geloof in de kwaliteit van deze Victoriaanse kitsch neemt hij iedere twijfel weg, en transformeert rijmelarij tot grote liedkunst. Op de laatste track van deze cd maken we kennis met de enigmatische Elgar. Het veertig seconden durende recitatief 'Kindly do not smoke' maakt duidelijk waartoe deze besnorde Victoriaan in staat was wanneer hij zijn masker liet vallen. Dankzij Roderick Williams (en Sir Andrew) valt er heel veel te genieten op deze uitgave.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links