CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, augustus 2014

 

Dvorák: Symfonie nr. 6 in D, op. 60 - Amerikaanse Suite op. 98b

Luzerner Sinfonieorchester o.l.v. James Gaffigan

Harmonia Mundi HMC 902 188 68'

Opname: okt 2013, KKL, Luzern

   

Het Luzerner Sinfonieorchester heeft niets te maken met het Luzern Festival Orchestra - het is maar dat u het weet. Beide orkesten spelen in dezelfde zaal, dat wel. Wie recente beeldopnamen van Claudio Abbado met het Festival Orkest heeft gezien weet dat dat een juweel van een zaal is. De Amerikaanse dirigent James Gaffigan is chefdirigent van het Luzerner Sinfonieorchester. Hij is ook de vaste gastdirigent van het Radio Filharmonisch Orkest in Hilversum. Met dat orkest kunt u hem beluisteren in de recent uitgebrachte uitgave met de complete symfonieën van Karl Amadeus Hartmann, waar hij verantwoordelijk is voor de tweede en de derde symfonie. Hier kunnen we kennismaken met zijn Zwitserse orkest, in stukken die nog net niet tot het ijzeren repertoire behoren. Vanuit Hilversum mogen we binnenkort een complete registratie van de zeven symfonieën van Prokofjev verwachten.

Antonìn Dvorák was zijn leven lang verknocht aan Johannes Brahms, die hem een fatsoenlijke uitgever bezorgde. Brahms op zijn beurt was jaloers op de onuitputtelijke melodische inspiratie van zijn beschermeling. In de Tweede symfonie van Brahms en de Zesde van Dvorák komen beider werelden samen, waarbij de toonsoort D-groot niet meer dan toeval is. Dvorák stapt na vijf worstelwedstrijden met Wagner in zijn Zesde geheel onbekommerd de wereld van Brahms binnen. Brahms laat na zijn worsteling met Beethoven in de Eerste symfonie in c-mineur in zijn Tweede eindelijk het zonlicht van D-majeur schijnen.

Het succes van de Tweede van Brahms heeft niet gereflecteerd op de Zesde van Dvorák. Waar de Negende van Dvorák oppermachtig heerst op het internationale concertpodium, is er voor de Zevende en de Achtste duidelijk minder belangstelling, en balanceert de Zesde op het randje. De nummers één tot en met vijf hebben het niet gehaald - opnamen zijn er wel, maar alleen in het kader van een integrale. Nog veel droeviger is het gesteld met de Amerikaanse Suite, daarvoor is al helemaal geen belangstelling. Het opusnummer 98b betekent dat we hier met de orkestratie van een pianowerk te maken hebben - versie twee. James Gaffigan heeft voor een eerste klassieke presentatie van 'zijn' orkest deze beide partituren uitgekozen; een verstandige keuze. Je gaat de directe confrontatie met de grote jongens uit de weg en laat toch weten waar je voor staat. In dit geval is dat een slanke en doorzichtige orkestklank, gepaard aan vlotte tempi - het Presto van de Furiant doet zijn naam eer aan. Een mooi visitekaartje.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links