CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, juli 2020

Georgy Catoire - Revived Masterpieces

Catoire: Strijkkwintet op. 4a – Andante voor strijkkwartet – Pianotrio op. 14 – Deux Poèmes (voor piano solo) op. 34

Catoire Ensemble: Anna Zassimova (piano), Maria Milstein (viool), Boris Tsoukkerman (viool), Julia Dinerstein (altviool), Sebastiaan van Halsema (cello), Stephan Heber, (cello)

Challenge Classics CC72792 • 77' •
Opname: juli/dec. 2015, Power Sound Studio, Amsterdam

   

Georgy Catoire (1861-1926) werd geboren in Moskou als kind uit een van oorsprong Franse familie. Zijn vader was groothandelaar in thee en wijn, en pianolessen van niemand minder dan Karl Klindworth hoorden erbij, maar in het milieu waarin hij verkeerde was een opleiding als musicus uitgesloten. De jonge Georgy studeerde wiskunde aan de universiteit van Moskou, een studie die hij in 1884 cum laude afsloot, waarna hij aan het werk ging bij vader in de zaak. De lessen die hij bij Klindworth vanaf zijn veertiende volgde zorgden er evenwel voor dat de muziek steeds sterker ging trekken. Klindworth was een leerling van Liszt die doceerde aan het Moskouse conservatorium, en faam verwierf met het maken van de klavieruittreksels van Wagners Ring. Toen Catoire in 1885 in Bayreuth kennismaakte met Tristan und Isolde besloot hij alsnog tot een loopbaan in de muziek, en verhuisde naar Berlijn, waar Klindworth inmiddels dirigent van de Philharmoniker was. Hij studeerde compositie in Berlijn, Petersburg en Moskou bij grootheden als Rimsky-Korsakov en Liadov. Als componist heeft hij het meeste als autodidact opgestoken van Tsjaikovsky en Arensky. Pas in 1916 kreeg hij een aanstelling als compositiedocent aan het Moskouse conservatorium. In die hoedanigheid schreef hij een tweetal leerboeken die de grondslag zouden vormen van het muziektheoretisch onderwijs in de Sovjet-Unie. Als componist liet Catoire een bescheiden oeuvre na: een symfonie, een pianoconcert, een handvol kamermuziekwerken en een flink aantal pianowerken. Na zijn dood in 1926 werd hij al snel vergeten, maar iemand als David Oistrakh bleef zich inzetten voor zijn vioolsonates (te beluisteren op YouTube).

De Russische violist Boris Tsoukkerman (Moskou, 1947), werd opgeleid aan het Tsjaikovsky Conservatorium in zijn geboorteplaats. Hij speelde vanaf 1973 in het Staatssymfonieorkest van de USSR onder Svetlanov, en verkaste in 1991 naar Nederland. Hij werkte tot 2012 als violist in het Enschedese Orkest van het Oosten. Tsoukkerman bracht zijn passie voor onbekende Russische componisten mee, en met name zijn enthousiasme voor Georgy Catoire wist hij over te brengen op Christiaan Bor, in Enschede als concertmeester werkzaam. Bor is oprichter en bezielende kracht van Het Reizend Muziekgezelschap, en met dit ensemble werden twee cd's met werk van Catoire volgespeeld die hun weg vonden in een uitgave van Brilliant Classics: Treasures of Russian Chamber Music. Een box met zes cd's die inmiddels is uitverkocht, maar onderdeel is geworden van een nog groter project, een box met 25 cd's onder de titel Russian Chamber Music, uitgebracht in 2019 (Brilliant 95953). In die box vinden we het Strijkkwintet opus 16, het Pianokwartet opus 31, de Vioolsonate ‘Poème' opus 20 en het Strijkkwartet opus 23. Uitvoerenden zijn Christiaan Bor, Rian de Waal, Godfried Hoogeveen, de altisten Hans Peter Keuning en Michele Sidener (aanvoerders van het Orkest van het Oosten) en uiteraard Boris Tsoukkerman als tweede violist. Het label Aliud nam met dezelfde medewerkers een sacd op met het Pianokwintet opus 28, de Vioolsonate opus 15 en de Elegie opus 26 (ACD HN 033).

Afgezien van het Pianotrio opus 14 leek daarmee vrijwel het gehele kamermuzikale oeuvre van Catoire discografisch te zijn vastgelegd. Maar het speurwerk van Tsoukkerman leverde een verrassing op: in het Glinka Museum bevinden zich manuscripten van een Strijkkwintet en een langzaam deel van een strijkkwartet. In 1886 schreef Catoire een strijkkwartet dat uitgevoerd werd in het bijzijn van Tsjaikovsky. Die moedigde de jonge componist aan met een notitie in de partituur van het werk. Catoire was zelf ontevreden over het stuk en verscheurde het, maar het deel met het handschrift van de grote meester bewaarde hij. Een ander strijkkwartet, zijn opus 4, kon eveneens niet aan zijn eigen strenge eisen voldoen, maar werd omgewerkt tot een strijkkwintet. Beide manuscripten beleven hier hun wereldpremière.

De Russische pianiste Anna Zassimova is eveneens gefascineerd door Catoire. Ze is niet alleen musicus, maar studeerde ook kunstgeschiedenis en musicologie, en promoveerde op het onderwerp Georgy Catoire. Haar proefschrift verscheen in druk bij de Duitse uitgever Kühn in 2011. Samen met Tsoukkerman en cellist Stephan Heber (destijds nog een collega van Tsoukkerman in het Orkest van het Oosten) ontfermt zij zich over het Pianotrio opus 14. De strijkers in het strijkkwintet worden aangevuld met Maria Milstein (violiste van het Van Baerle Trio), altvioliste Julia Dinerstein en cellisten Ketevan Roinishvili (die onlangs een solo-cd uitbracht die hier lovend werd besproken) en Sebastiaan van Halsema.

Anna Zassimova levert een toegift in de vorm van Deux Poèmes opus 34, die eerder verscheen op het label Antes. Overigens zorgde niemand minder dan Marc-André Hamelin voor een Catoire cd op het label Hyperion (CDA67090). Pianowerken die vooral duidelijk maken dat de componist voortbouwt op de vocabulaire van Tsjaikovsky en de eerste steen legt voor de experimenten van Scriabin.

Boris Tsoukkerman heeft met deze cd (opgenomen in 2015, maar pas verschenen in 2020) zijn pleidooi voor Georgy Catoire voltooid. Een levenswerk en een prestatie die niet genoeg kan worden geprezen, en geschraagd wordt door de hem in Enschede omringende musici. Met twee cd- premières is dit een schijf die een must is voor iedere liefhebber van Russische kamermuziek en van deze onderschatte meester in het bijzonder. Er wordt uitstekend gemusiceerd en de opname is, hoewel iets aan de droge kant, zo helder als glas.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links