CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, juni 2021

Braunfels: Don Gil von den grünen Hosen, Vorspiel op. 35/2 – Divertimento für Radio-Orchester op. 42 – Ariels Gesang op. 18 – Serenade in Es op. 20

ORF Radio-Symphonieorchester Wien o.l.v. Gregor Bühl
Capriccio C5429 • 60' •
Opname: juni 2020, Radio Kulturhaus, Wenen

   

Het label Capriccio is kennelijk bezig met iets dat gaat lijken op een heuse Braunfels Edition, al wordt er op de cd's zelf daarover niets gemeld. Maar op de achterkant van het boekje zien we afbeeldingen van cd's die in hun ontwerp dezelfde karakteristiek tonen. Op deze negende uitgave wordt aandacht besteed aan werken voor een kleinere orkestbezetting. Uit zijn vroege jaren Ariels Song opus 18 en Serenade opus 20, beide uit 1910; aangevuld met de ouverture tot de opera Don Gil von den grünen Hosen opus 35 en een Divertimento opus 42 voor ‘Radio-orchester'. Dirigent Gregor Bühl, verantwoordelijk voor drie vorige opnamen in deze reeks, heeft hier de Staatsphilharmonie Rheinland-Pfalz ingeruild voor het Radio-Symphonieorchester van de Oostenrijkse omroep.

Walter Braunfels (1882-1954) was samen met de achttien jaar oudere Richard Strauss de meest gespeelde componist in de eerste helft van de twintigste eeuw. Bovendien bekleedde hij de post van directeur van de Keulse Musikhochschule. Door zijn joodse afkomst werd hij in 1933 ongewenst verklaard en kwam zijn carrière tot stilstand. Hij emigreerde niet, maar trok zich terug uit het openbare leven en componeerde nog slechts voor zichzelf, zijn naar eigen zeggen unhörbare Werke. Na afloop van de oorlog keerde hij op zijn oude post in Keulen terug, maar voor zijn composities was geen belangstelling meer. Toen hij in 1954 overleed was hij vergeten, en dat zou nog decennia zo blijven. Pas toen het label Decca in het kader van het project Entartete Musik een opname realiseerde van zijn opera Die Vögel leefde de discografische belangstelling voor zijn composities weer op. De Duitse labels Capriccio en CPO vervullen in die herwaardering een belangrijke rol.

Braunfels maakte pijlsnel een carrière als operacomponist waarin hij alleen vergeleken kan worden met Richard Strauss en Franz Schreker. Bruno Walter dirigeerde in 1920 de première Die Vögel, een werk dat binnen korte tijd honderden malen werd uitgevoerd. Met zijn volgende opera, Don Gil von den grünen Hosen , leek het aanvankelijk dezelfde kant op te gaan, maar door het warrige verhaal (Braunfels was steeds zijn eigen librettist) dreef het succes van de opera vooral op de muziek. Daaruit destilleerde de componist de ouverture opus 35/2 en een suite opus 35/1 als zelfstandige partituren. Braunfels stond met deze opera een echte buffo-opera voor de geest, naar eigen zeggen ‘ein grosses Allegro con brio'. De verwantschap met Till Eulenspiegel van Richard Strauss die soms wordt aangehaald schuilt meer in het verhaal dan in de muziek. Die heeft minstens evenveel weg van de buffo-opera's van zijn Duits-Italiaanse vakbroeder Ermanno Wolf-Ferrari – meer Rossiniaanse brille dan chromatische kwajongensstreken. Dezelfde luchtige atmosfeer ontmoeten we in twee jeugdwerken, geschreven kort na Braunfels' huwelijk met de pianiste Alice Hildebrand (die eerder verloofd was met Wilhelm Furtwängler), de Serenade en Ariels Song naar The Tempest van Shakespeare, onschuldig-romantische muziek volgens de uitstekende toelichting van Jens F. Laurson.

Met het ‘Divertimento für Radio-Orchester' of zoals de toelichting het omschrijft Funk-Divertimento lijkt Braunfels heel even nieuwe paden in te slaan, maar dat is slechts uiterlijke schijn. Wat we ons bij een Radio-Orchester moeten voorstellen is nu al niet meer duidelijk, maar de parallel met ons vaderlandse Promenade Orkest ligt voor de hand. Om wijlen Jan Stulen, de langjarige chef van dit ensemble te citeren, is het een orkest dat zich specialiseert in een repertoire waarvoor onze oosterburen een mooie term hebben bedacht: gehobene Unterhaltung.

In het divertimento van Braunfels komt dat vooral naar voren in het gebruik van een alt- en een tenorsaxofoon, die er een jazzy tintje aan zouden kunnen geven. Maar daar waarschuwt Braunfels dan weer tegen met de instructie dat het de saxofoons pertinent verboden is om te vibreren, want dan gaat het teveel op jazz lijken…

Zoals steeds in deze serie wordt er uitstekend gemusiceerd, zijn opname en toelichting tiptop verzorgd en is het repertoire een verrijking. Wie Braunfels een warm hart toedraagt is nu wel heel nieuwsgierig gemaakt naar de opera Don Gil von den grünen Hosen.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links