CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, juni 2023

Auerbach: 24 Preludes voor viool en piano op. 46

Christine Bernsted (viool), Ramez Mhaanna (piano)
Naxos 8.574464 • 54' •
Opname: april, juni, juli 2022, Royal Danish Academy of Music, Kopenhagen

 

Lera Auerbach werd in 1973 geboren in Chelyabinsk, een stad in het hart van Rusland, halverwege Moskou en Novosibirsk. Ze bleek al snel een wonderkind, dat op haar twaalfde lokaal succes boekte met een opera. Ook als pianiste maakte ze vroeg naam, en op een concertreis naar New York besloot ze niet naar haar ouderlijk huis terug te keren. Ze was zeventien jaar, sprak geen woord Engels, kende niemand en vroeg politiek asiel aan. In New York studeerde ze compositie aan de Juilliard School en vergelijkende literatuur aan de Columbia University. In 2002 maakte ze haar Carnegie Hall debuut samen met Gidon Kremer en Kremerata Baltica in haar eigen Suite voor viool, piano en strijkorkest. Auerbach componeert niet alleen, ze schrijft, dicht, schildert, beeldhouwt, dirigeert en is een bevlogen pianovirtuoos. Het prototype van een renaissance vrouw, met een volstrekt eigen en zeer herkenbaar geluid. New York bleef behoudens een jaar studie in Duitsland haar woonplaats.

Auerbach mag zich op haar vijftigste verheugen in een uitgebreid en veelzijdig oeuvre, dat langzaam maar zeker de discografische aandacht krijgt die het verdient. Op Wikipedia staat een gedetailleerd overzicht (zonder opusnummers), met onder meer vier symfonieën en negen strijkkwartetten. Wanneer we haar discografie erop naslaan springt één genre er direct en opvallend uit: dat van de 24 Preludes, in navolging van Bach, Chopin en Sjostakovitsj in alle toonsoorten. Maar liefst drie keer hield Auerbach zich ermee bezig: voor piano solo (opus 41), viool en piano (opus 46), en cello en piano (opus 47). Bovendien bewerkte ze de 24 Preludes voor piano solo opus 34 van Sjostakovitsj voor altviool en piano.

Wat betreft de volgorde van de toonsoorten in opus 46 neemt Auerbach Chopin als voorbeeld. Beginnend in C-groot, dan naar de parallelle toonsoort (met dezelfde voortekens) a-klein en vervolgens een kwartsprong naar beneden naar G-groot en parallel e-klein, dan naar D-groot en b-klein, enzovoorts. Helaas heeft men bij de inhoudsopgave niet de moeite genomen om de toonsoorten te vermelden. Afgaande op de beschikbare opnamen heeft Auerbach met haar 24 Preludes voor viool en piano haar meest succesvolle opus geschapen, want deze opname is al de derde op rij die we in de catalogus tegenkomen. Het werk werd in 1999 geschreven voor violist Vadim Gluzman en pianiste Angela Yoffe, die in 2003 de eerste opname maakten voor het label BIS. Bepaalde deeltjes zijn kennelijk ook aantrekkelijk om apart in recitals of als toegiften te functioneren: Daniel Hope nam nummer acht, Andante, op in zijn album Spheres voor het label DG.

De muziek van Auerbach heeft een sterk improviserend karakter. Zelf vertelt ze dat ze het liefst 's nachts schrijft, en dat hoor je terug in de manier waarop korte episoden als flarden van een droom voorbij komen. Van enige thematische ontwikkeling is nauwelijks sprake, vaak is het zo dat in een Prelude van een minuut meerdere invallen voorbijkomen. De tijdsduur is sowieso heel beperkt: alleen de laatste prelude is langer dan vijf minuten, de meeste hebben een lengte van rond één minuut. In die zin zijn het eigenlijk meer bagatellen dan de preludes die we kennen van haar grote voorbeelden. Niettemin zorgt Auerbach ook voor samenhang door hier en daar opvallende momenten te herhalen en zo voor een doorgaande samenhang te zorgen. Hoe een en ander klinkt is moeilijk te duiden; de invloed van Sjostakovitsj en Schnittke is onmiskenbaar aanwezig, maar zonder het sarcasme en met een groot toegevoegd gevoel voor drama. Het operatoneel ligt vlak om de hoek.

De Deense violiste Christine Bernsted (1994) en pianist Ramez Mhaanna (1992, Deens, met Russische en Libanese wortels) vormen sinds 2019 een duo en beschouwen deze cd als hun ultieme visitekaartje. Ze leveren zonder meer een uitstekende prestatie die niet achterblijft bij die van Gluzman op BIS. Wel is het zo dat Gluzman nog een paar extraatjes heeft toegevoegd, wat ook geldt voor het Avita Duo op Hänssler. Bernsted en Mhaanna leveren in dit bepaald niet gemakkelijke werk een topprestatie in een glasheldere opname, en de prijsstelling van Naxos is uiteraard ook niet onaantrekkelijk. Het belangrijkste is echter dat dit de ideale manier is om met een van de meest getalenteerde componerende vrouwen van nu kennis te maken.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links