CD-recensie

 

© Siebe Riedstra, september 2017

 

Antheil: Ballet Mécanique (1926, rev.1953) – Serenade for strings (1948) – Symphony for 5 instruments (1924) – Concerto for Chamber Orchestra (1932)

Philadelphia Virtuosi Chamber Orchestra o.l.v. Daniel Spalding
Naxos 8.559060 • 59' •
Opname: oktober 1999, County Ballroom, The War Memorial, Trenton , New Jersey (VS)

   

George Antheil (1900-1959) schreef zijn Ballet Mécanique niet als een ballet, maar als muziek bij een film van de schilder Fernand Léger – voor 16 pianola's die elektronisch gecoördineerd en gesynchroniseerd moesten worden. Toen dat niet bleek te lukken maakte Antheil een concertversie voor acht piano's, pianola, vier xylofoons, twee elektrische bellen, twee vliegtuigpropellers, tamtam, vier grote trommen en sirene. Op youtube is een reconstructie van de film te zien waarbij alsnog Antheils partituur is gecombineerd met Légers filmbeelden. De concertpremière op 19 juni 1926 markeerde het hoogtepunt van Antheils reputatie als enfant terrible van het Parijse muziekleven, maar met de slecht ontvangen Amerikaanse première in Carnegie Hall in april 1927 zette het verval in. Antheil zag zich lange tijd gedwongen om op de meest bizarre manieren aan de kost te komen (wat dacht u van een – succesvolle – Lieve Lita rubriek?). In 1953 voltooide de componist de laatste revisie van zijn zorgenkind, ditmaal voor vier piano's, twee xylofoons, elektrische bel, twee vliegtuigpropellers, en een batterij slaginstrumenten; dit is de versie die algemeen gebruik gevonden heeft, ook op deze opname en die van Ensemble Modern (RCA 68066). Spalding tekent voor een energieke uitvoering, minder frenetiek en met meer precisie dan die van Ensemble Modern, met in de opname meer ruimte rondom zijn instrumentarium dan bij RCA.

Het Concerto for Chamber Orchestra (oorspronkelijke titel octet voor blazers) komt eveneens op de uitgave van RCA voor; Antheil heeft in dit werk goed geluisterd naar de Symfonieën voor blazers van Igor Strawinsky. Hier zijn de blazers van Ensemble Modern de Philadelphia Virtuosi de baas en ook de opname van RCA is doorzichtiger. De symfonie voor vijf instrumenten (fluit, fagot, trompet, trombone en altviool, waarbij één van de spelers in het langzame deel dubbelt op een tom-tom) is bij mijn weten een nieuwkomer in de catalogus en is de eerste compositie waarmee Antheil zich in Parijs presenteerde; het werkje is één van zijn betere, ondanks het feit dat het duidelijk geïnspireerd is door de kleine symfonietjes die Milhaud na 1917 schreef. De Virtuosi zijn hier uitstekend op dreef en ook de opname is uitstekend. De Serenade voor strijkers zou theoretisch het best gepresenteerde werk op deze cd moeten zijn, want de Virtuosi zijn aan de basis een strijkensemble, de rest wordt er incidenteel bij gehaald. Ze doen hun best, maar kunnen niet verhelen dat hier wel een heel klein orkestje zit te spelen. Bovendien is het muzikale materiaal flinterdun: na het geweld van Ballet mécanique is de bloedarmoedige inzet van de Serenade een dikke tegenvaller. Wat mij betreft had die achteraan op de cd mogen staan. Al met al een waardevolle aanvulling op de Antheil-discografie en voor zo weinig geld verplichte kost voor de liefhebbers van de roaring twenties.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links