CD-recensie

 

© Paul Korenhof, november 2020

Amici e Rivali

Rossini: Il barbiere di Siviglia 'All'idea di quel metallo'- Ricciardo e Zoraide 'S'ella mi è ognor fedele . . . Qual sarà mai la gioia' - 'Donala a questo core . . . Teco or sarà' - La donna del lago - 'Nume! se a' miei sospiri' - 'Qual pena in me già desta' - Elisabetta, regina d'Inghilterra 'Deh! Scusa i trasporti' - Otello 'Non m'inganno' - 'Ah! vieni, nel tuo sangue . . . Che fiero punto' - Le siège de Corinthe 'Grand Dieu, faut-il qu'un peuple' - 'Cher Cléomène . . . Céleste providence' - Armida 'In quale aspetto imbelle'
Tara Erraught (mezzosopraan)
Lawrence Brownlee, Michael Spyres, Xabier Anduaga (tenor)
I Virtuosi Italiani
Dirigent: Corrado Rovaris
Erato 9896341
Opname: Verona, 30 juli - 3 augustus 2019

   

Verdi-tenoren van formaat zijn momenteel nauwelijks te vinden en als ze er al zijn, staan zij stilistisch lang niet op het niveau van grote voorgangers. Aan technisch capabele en stilistisch begaafde Rossini-tenoren heerst op dit moment echter geen gebrek. Twee van de opmerkelijkste vertegenwoordigers van dit stemvak, beide in Nederland geen onbekenden meer, presenteren zich hier met een cd vol fragmenten uit opera's van Rossini waar de virtuositeit van af spettert.

Interessant daarbij is dat zij laten horen dat de ene tenorrol de andere niet is, en dat Rossini ook schreef voor donkerder timbres, zelfs voor baritonale tenoren, van wie echter wel dezelfde virtuositeit werd gevraagd als van de tenore leggiero. De cd begint bovendien met een duet uit Il barbiere di Siviglia dat we vrijwel altijd horen van tenor-bariton - maar inderdaad: vrijwel altijd. Op dit punt gaat de informatieve toelichting niet in, maar het is meer dan eens voorgekomen dat een donkerder getimbreerde tenor zich over de barbier ontfermde, ook Plácido Domingo in de tijd dat hij nog uitsluitend tenorrollen zong.

Figaro en de meer baritonale tenorpartijen (Otello, Leicester e.a.) worden op deze cd vanzelfsprekend gezongen door Michael Spyres. Deze Amerikaanse tenor geldt immers ook als specialist voor het Franse belcanto-repertoire dat traditioneel vraagt om een breder middenregister (en grotere verstaanbaarheid). In Rossini's meer op hoge en virtuoze roulades gerichte (Italiaanse) bel canto is Lawrence Brownlee momenteel een van de uitblinkers, wat hij op deze cd in overvloed demonstreert.

De rivaliteit waarnaar de titel van de cd verwijst, betreft meer de rol van medeminnaars in diverse opera's dan dat er sprake is van beroepsmatige concurrentie. Ondanks het evidente verschil in timbre heeft de combinatie van beide, redelijk verwante timbres echter wel een nadeel. Doordat de selectie gericht lijkt op vertoon van virtuositeit, leidt het gekozen repertoire tot een overmaat aan fiorituren en hoge tonen in muziek die gekarakteriseerd wordt door snelle tempi en straffe ritmes.

Bij een cd van tachtig minuten werkt dat enthousiaste vertoon van virtuositeit door twee tenoren, hoe schitterend ook, op den duur toch wel een beetje vermoeiend, zelfs voor een liefhebber van belcanto. De lekkerste dingen moet je met mate consumeren, en niet alleen uit Hollandse 'zûnigheid'! Bovendien voegt zich daarbij nog een derde tenor, de jonge Baskische Xabier Anduaga die in fragmenten uit Ricciardo e Zoraide, Otello en Armida (een terzet voor drie tenoren!) laat horen dat hij eveneens zijn mannetje staat.

Gelukkig zorgt het aandeel van de Ierse mezzosopraan Tara Erraught in fragmenten uit La donna del lago, Otello en Le Siège de Corinthe voor enige afwisseling (hoewel ik haar voor deze muziek iets te donker van timbre vind), maar een enkele romance tussendoor was wel zo aangenaam geweest. Ook de begeleidingen door I Virtuosi Italiani onder leiding van Corrado Rovaris lijken trouwens vooral gericht op het onderstrepen van de virtuositeit in deze muziek. Iets meer aandacht voor nuancering en frasering had geen kwaad gekund.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links