CD-recensie

 

© Maarten Brandt, september 2019

 

Zuidam: Rage d'amours
Opera in acht scènes, proloog en epiloog op een libretto van Robert Zuidam

Claron McFadden (Juana I), Barbara Hannigan (Juana II), YougHee Kim (Juana III), Tracey Welborn (Philip the Handsome), Hillary Summers (Galician woman/washer woman), Romain Bischoff (Pierchon de Rue), Pascal Bertin (Philibert Naturel/Monk I), Mark Tevis (Monk II/Noble man), Quirijn de Lang (Monk III/ Sailor I), Harry van der Kamp (Monk IV/Sailor II), ASKO|Schönberg Ensemble o.l.v. Reinbert de Leeuw

Attacca ATT 2019160 • 69' •
Live-opname: Stadsschouwburg, Amsterdam, juni 2005 gerealiseerd door Jan Stellingwerff (NTR Radio)

www.attaccaproductions.com

 

Nederand geen operaland? Bij nader inzien blijkt dat wel mee te vallen. Niet alleen in de laatromantische tijd en het begin van de vorige eeuw verschenen er tal van muziekdrama's (van anno tegenwoordig, op Jan van Gilse en Willem Pijper na, grotendeels vergeten componisten, dat wel), ook in het verdere verloop van die eeuw en de daaropvolgende hebben onze componerende landgenoten zich op dit terrein verre van onbetuigd gelaten. En dan hoeven we alleen maar te denken aan de namen van bijvoorbeeld Louis Andriessen, Peter Schat, Jan van Vlijmen, Robert Heppener, Henk Badings, Ton de Leeuw, Hans Kox, Otto Ketting, Willem Jeths en… Rob Zuidam. Van laatstgenoemde beleeft op zaterdagmiddag 28 september tijdens de NTR ZaterdagMatinee alweer een nieuwe opera zijn vuurdoop, te weten Hercules, zijn zevende compositie in dit genre. Want aan het werk in kwestie - handelend over de lotgevallen van zanger en oud-militair Bastiaan Everink tijdens de Golfoorlog in 1991, voor wie deze partituur is geschreven en die dan ook de hoofdrol zingt – gingen Freeze (1994, nu onderhevig aan een revisie), McGonagall-Lieder (1996-2000), Rage d'amours (2003), Der Hund (2006), Adam in Ballingschap (2009), Suster Bertken (2010) en Troparion (2013) vooraf.

Rob Zuidam (1964) behoort, evenals bijvoorbeeld Tristan Keuris, Willem Jeths en Ton de Leeuw, tot geen enkele school. Opmerkelijk is dat zijn stijl weliswaar enigszins naar het eclectische neigt maar desondanks een onvervreemdbaar eigen idioom bezit. Amerikaanse en Europees-continentale invloeden strijden daarbinnen om het voorste gelid, terwijl in het bijzonder de aard van de expressie verwantschappen vertoont met de naoorlogse Duitse muziek. Meer in het bijzonder met die van een van zijn leermeesters, de veelzijdige en ook op muziekdramatisch gebied uiterst actieve, Hans Werner Henze. Dezelfde Henze die geen genade kon vinden in de ogen van de Notenkrakers, maar door Zuidam altijd werd en nog steeds wordt bewonderd. Als er al iets Nederlands aan de muziek van de uit Gouda geboortige en - behalve bij Henze, bij Philippe Boesmans en Klaas de Vries in de leer geweest zijnde - componist valt te ontdekken, zijn het wel de helderheid en een zeer economische omgang met de middelen. De muziek van Henze en aanverwante componisten is veelal substantieel ornamenteler en gelaagder dan die van Zuidam, wiens toonkunst daarom overigens niet minder expressief is integendeel.

Daarvan levert Rage d'amours op een zeer overtuigende manier het klinkende bewijs, een werk waarin de maker – evenals bijvoorbeeld in Adam in Ballingschap en Suster Bertken – zijn toevlucht zoekt tot een gebeurtenis uit lang vervlogen tijden. In dit geval tot de wederwaardigheden van Johanna de Waanzinnige (1479-1555) die maar geen afscheid kon nemen van de door haar hartstochtelijk beminde echtgenoot Koning Filips de Schone, die in 1506 zijn laatste adem uitblies. Of de liefde van beide kanten even intens was, mag met recht worden betwijfeld, want zoveel is zeker: Filips was een geduchte rokkenjager wat van de kant van Johanna tot enorme jaloezie-uitbarstingen moet hebben geleid. Niettemin werd Filips door haar aanbeden als een soort Tristan, maar omgekeerd lag dat dus anders. Over de aard van de dood lopen de meningen bovendien uiteen en het staat dus allerminst vast of dat een natuurlijke was, ook al omdat Filips bij tal van politieke intriges was betrokken. Om het even hoe historisch de inhoud ook is, deze vormt ook in dit geval geen doel op zich maar fungeert louter als vehikel voor een universele boodschap die ons om het even in welke tijd we ons ook bevinden iets heeft te zeggen. Het kernthema van Rage d'amours is trouwens deels autobiografisch. In de bij deze uitgave door de componist zelf vervaardigde toelichting lezen we onder meer het volgende:

'Het vocht liep uit de kist', ving ik op als kleine jongen. Het gesprek (…) ging over de teraardebestelling van mijn overgrootmoeder van moederszijde, eveneens Johanna geheten. Bij haar plotseling dood in 1917, was de armoede in het Brabantse Grave dermate nijpend, dat er geen geld was voor de begrafenis (…) waardoor de plechtigheid telkenmale moest worden uitgesteld. Het zal deze familiesage zijn geweest waardoor ik als schooljongen reeds een zekere fascinatie voor deze dolende koningin aan de dag legde. Nadat ik door een vriend geattendeerd werd op het uit 1940 daterende boek Johanna de Waanzinnige van Johan Brouwer, begin ik de potentie van het verhaal als onderwerp van een opera te beseffen. Ik maakte het begin van een zoektocht naar vorm en taal, wat resulteerde in Foemeneis Blandimentis Gaudebat , een voorstudie van de opera die in november 2001 in Amsterdam tijdens de ZaterdagMatinee werd uitgevoerd (…). De gewijzigde vorm [is] terechtgekomen in scene 7 van Rage d'amours. Rond dezelfde tijd werd ik door Anthony Fogg van het Boston Symphony Orchestra benaderd om een opera te maken voor het Tanglewood Music Centre, in augustus 2003 (…). Nadat ik op het kantoor van Fogg (…) ietwat nerveuzig mijn ideeën had uiteengezet, pauzeerde hij bedachtzaam, vouwde de handen ineen en baste: ‘Dead king, great idea'. En ik kon aan de slag.

Het resultaat dat Zuidam met deze opera bereikt mag op z'n minst verbluffend heten. Zeer opmerkelijk is bijvoorbeeld dat echo's uit de zestiende eeuwse muziek en een onverbloemd 20ste eeuw vocabulaire moeiteloos en volkomen natuurlijk worden overbrugd, dus zonder dat de ingrediënten uit het verleden, om het zo maar eens uit te drukken, iets ‘toeristisch' of, zoals onze oosterburen dat formuleren, ‘plakativs' hebben. De ultieme kracht van Zuidams uiterst consistente klanktaal is de overkoepelende factor die dat laatste van A tot Z onmogelijk maakt. Of, zoals Erik Voermans het in Het Parool schreef naar aanleiding van de uitvoering die nu eindelijk op cd beschikbaar is:

De productie van de Nederlandse Opera is in alle opzichten een succes. Het stuk heeft een aansprekend verhaal (…) Meteen is duidelijk dat hier muziek klinkt van een componist die begrijpt dat ook een moderne opera gefundeerd moet zijn op aansprekende structuren. Zuidam treft de hysterie in het hart door voor Johanna niet een maar drie sopranen in te zetten, die alle drie, en vaak tegelijkertijd hun volledige vocale spectra, van laaiende, ijselijke hoogten tot teneergeslagen, ingehouden rouw, moeten laten horen.

Over die drie sopranen gesproken, het was de componist er niet alleen maar om begonnen vocaal het onderste uit de kan te halen, maar de – terecht de Voermans genoemde – extreme en heftig contrasterende gemoedstoestanden van deze door wanhopige liefde pathologisch geworden vrouw met een optimum aan reliëf voor het voetlicht te brengen. Een vrouw die met een lijk gedurende vele nachten door Spanje zwerft, daarbij gesecondeerd door vier monniken die de kist dragen (scene 7), een gebeuren dat eindelijk culmineert (scene 8) in een visioen (of het een flashback is of een hallucinatie blijft in het midden) waarin Filips zich tot haar richt en waarbij alle betrokkenen deze episode afsluiten met de woorden: “Hartstocht is onbuigzaam als het graf, sterk als de dood is de liefde.”

Dat hallucinerende in combinatie met een onvervulbaar/onbereikbare liefde is een facet dat Rage d'amours overigens deelt met achtereenvolgens Wagners Tristan und Isolde en Schönbergs eenakter Erwartung. Waarbij in het laatste geval tevens sprake is van een waanzinnige vrouw die haar woorden richt tegen het stoffelijk overschot van de geliefde. Juist hierdoor krijgt de historische inhoud van Rage d'amours een strikt metaforische betekenis en uitgerekend daarin schuilt de bijzondere betekenis van het fenomeen muziekdrama. Net zoals in Erwartung de niet bij name genoemde vrouw leefde voor die geliefde – en dit tegen wil en dank – is dit het geval met Johanna en de stoffelijke residuen van Filips. Uiteindelijk werd zij opgesloten in een kamer van het klooster van Tordesillas, waar zij de rest van haar leven, 46 jaren lang, in rouw sleet zonder ook nog maar een woord te zeggen.

De cd biedt de uitvoering die tot stand is gekomen in het kader van het Holland Festival 2005 en in co-productie met De Nationale Opera. Een groots evenement dat door Jan Stellingwerff van de NTR op superieure wijze voor het nageslacht werd vereeuwigd. De vertolking laat zich ondergaan als één gigantische spanningsboog van op de kop af zeventig minuten die geen enkele knik vertoont, terwijl de cast werkelijk geen zee te hoog gaat, ook al blijft Barbara Hannigan een geval apart, gezien het gemak waarmee zij de extreem hoge noten weet te raken zonder dat men ook maar bij benadering het gevoel heeft dat ook het plafond wordt geraakt. Ook de proloog, voortreffelijk gezongen door Hilary Summers, is iets dat men zelfs na eenmaal horen nooit meer vergeet. Last but not least speelt het ASKO|Schönberg Ensemble onder hun ‘spiritus rector' Reinbert de Leeuw de sterren van de hemel. Dit alsof de opera in kwestie toen al jaren tot hun vaste repertoire behoorde. En gelukkig bevat het booklet het integrale libretto (wat tegenwoordig niet altijd vanzelfsprekend meer is).Hulde voor Sieuwert Verster en zijn label attacca, die keer op keer belangrijke Nederlandse muziek in het zonnetje zetten. En hoe!

_______________
Op zaterdag 28 september a.s. vindt in het kader van de NTR ZaterdagMatinee in het Amsterdamse Concertgebouw de première plaats van de opera Hercules van Robert Zuidam.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links