CD-recensie

 

© Maarten Brandt, november 2018

 

Rudi Martinus van Dijk: Vioolsonate – Pianotrio – Strijksextet – Pianoconcert – Kreiten's Passion

Anthony Marwood (viool) en Kyoko Hashimoto (piano), Florestan Trio: Anthony Marwood (viool), Richard Lester (cello) en Susan Tomes (piano), Raphael Ensemble: Anthony Marwood en Catherine Manson (viool), Tim Boulton en Louise Williams (altviool), Andrea Hess en Mick Stirling (cello), Geoffrey Douglas Madge piano en het Noord Nederlands Orkest onder leiding van Viktor Liberman, Andreas Schmidt (bariton), St ä dtischer Musikverein Düsseldorf en Düsseldorfer Symphoniker o.l.v. van John Fiore

Geen labelnaam/nummer • 74' + 55' • (2 cd's)
Live-opname:
Vioolsonate: 15 januari 1996, Maria Minor Kerk, Utrecht
Pianotrio: 26 maart 2001, Concertgebouw/kleine zaal, Amsterdam
Sextet: 24 januari 1998, Dome Concert Hall van de University van Brighton
Pianoconcert: 22 mei 1996, Oosterpoort, Groningen
Kreiten's Passion: 21 september 2003, Tonhalle, Düsseldorf

www.documuziekproductie.nl

   

Rudi Martinus van Dijk (1932-2003), wie onder de muziekliefhebbers kent zijn naam en laat staan: zijn muziek nog? En die van zoveel andere Nederlandse componisten en al dan niet generatiegenoten? Neem Robert Heppener, van wie zo goed als geen noot meer wordt gespeeld, of Otto Ketting die zijn hielen nog niet heeft gelicht naar het hiernamaals of zijn muziek is van alle podia totaal verdwenen. Dit geldt niet minder voor Tristan Keuris en ook voor Ton de Leeuw, stuk voor stuk zeer productieve en veelzijdige componisten die elk, ongeacht hun evidente stilistische verschillen en compositorische invalshoeken, een rijke en tegelijkertijd voor een breed muziekminnend publiek toegankelijke muziek schreven. Toegankelijk, maar nooit oppervlakkig, integendeel. Het tekent de situatie in een land waarin de ‘harmonium-muzikaliteit' zoals Willem Pijper die ooit noemde heeft plaatsgemaakt voor een bijkans totale ‘verMacDonaldisering' van de symfonische sector of wat daar nog van over is. En dat is, althans vanuit programmatisch perspectief bezien – zij het op de NTR ZaterdagMatinee, het Koninklijk Concertgebouworkest en de vrijdagavondconcerten in het Utrechtse Tivoli na – niet, om het mild uit te drukken, bijster veel. Valerius' ‘O Nederland let op uw Saeck' blijkt kortom vrijwel geheel aan dovemansoren te zijn gericht.

Wereldburger
Maar nu terug naar de uit Culemborg geboortige Van Dijk die met recht een wereldburger mag worden genoemd. Zo bracht hij tal van jaren in Canada en de Verenigde Staten door en was hij voor de Canadese radio achtereenvolgens als componist en pianist actief. Voorts doceerde hij de hoofdvakken compositie en piano aan het Royal Conservatory in Toronto, de Indiana University in Bloomington en het Berklee College of Music in Boston, terwijl hij tussen de bedrijven door in de jaren zestig ook nog voor de BBC in Londen werkzaam was. In 1985 keerde Van Dijk definitief naar Europa terug en bracht daar eerst een jaar in Spanje door alvorens composer in residence te worden in het in het Engelse Devon gelegen plaatsje Dartington (Dartington Hall). Toen hij later besloot zich in Nederland te vestigen, om precies te zijn in Lelystad, kreeg hij als componist nauwelijks een voet aan de grond vanwege het door de Notenkrakers en hun kompanen gedomineerde muziekleven, een lot dat hij onder andere deelde met Hans Kox (wiens muziek echter mede dankzij de inspanningen van de NTR ZaterdagMatinee hernieuwd in de belangstelling kwam te staan) en hem uiteindelijk deed besluiten zijn heil weer in Engeland te zoeken. Samen met zijn vrouwelijke soul mate Jeanne vestigde hij zich in Sussex en wel in het pittoreske plaatsje Peasmarsh.

Romantisch expressionsime
Het is vooral de danken geweest aan de musicoloog Bernard Jacobson dat de klinkende nalatenschap van Rudi van Dijk aan de vergetelheid is ontsnapt. Jacobson die zowel artistiek directeur was van het Residentie Orkest als artistiek adviseur van het Noord Nederlands Orkest. In eerstgenoemde functie wist hij de Nederlandse vuurdoop van de ‘Four Epigrams' voor orkest (1962) te bewerkstelligen – als ik mij niet vergis onder leiding van Jac van Steen die Van Dijks muziek een warm hart toedraagt - en bij het Noord Nederlands Orkest de wereldpremière van het Pianoconcert (1994) met als solist Geoffrey Madge en het geheel onder leiding staande van wijlen violist/dirigent Viktor Liberman.

Hoe de stijl van Rudi van Dijk ‘in a nutshell' te omschrijven is niet echt eenvoudig. Het gemakkelijkst zou men er zich mee kunnen afmaken hem als een eclecticus te bestempelen, dus als iemand die niet zozeer moet worden beschouwd als de ontginner, als wel – om met zijn landgenoot Robert Heppener te spreken - een dankbaar gebruiker van het muzikale landschap. Dus als een persoonlijkheid die allerlei invloeden absorbeert om deze vervolgens volledig naar zijn hand te zetten. Het feit dat hij bij Sch ö nberg-leerling Max Deutsch studeerde is ook veelzeggend, want ook dat is duidelijk, een onbetwist sterke tweede Weense School-achtige invalshoek is in Van Dijks componeren zo nu en dan zonder meer aanwijsbaar. Met name in werken als de zangcyclus ‘The Shadowmaker' voor bariton en orkest (1977) alsmede het op deze cd's te horen imposante oratorium ‘Kreiten's Passion' (2003). Misschien dat het type componist dat Van Dijk vertegenwoordigt nog het beste kan worden gevat in termen van het ‘romantisch expressionisme'. Met dien verstande dat het romantische element in zijn klanktaal doorgaans overheersend is. Dat laatste verklaart met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat de toenmalige gevestigde muzikale orde in ons land niets met hem ophad, hoewel het aan de balk mag dat Han Reiziger destijds een voortreffelijk interview met Van Dijk heeft afgenomen, waarbij tevens fragmenten waren te horen van zijn Vioolconcert (1984) dat, samen met het Tweede Vioolconcert van Keuris, tot de beste werken in dit genre van Nederlandse bodem mag worden gerekend en waarbij men herhaaldelijk aan het gelijknamige werk van Alban Berg wordt herinnerd. Niet alleen om die reden, maar ook de voortreffelijke instrumentale schrijfwijze van de compositie in kwestie, verdient deze partituur het ten volle om tot klinken te worden gebracht.

Rudi Martinus van Dijk (1932-2003)

Zwanenzang
En dat laatste geldt onverminderd voor ‘Kreiten's Passion'. In dit bijzondere en enerverende brok muziek staat het lot van de Duitse pianist Karlrobert Kreiten centraal, de zoon van de Nederlander Theo Kreiten. Eerstgenoemde was niet zomaar een pianist, maar een veelzijdig muzikant in hart en nieren die bij Claudio Arrau studeerde en door niemand minder dan Wilhelm Furtwängler als een van de meest veelbelovende jonge talenten in Duitsland werd beschouwd. Tengevolge echter van zijn niet mis te verstane kritiek aan het adres van de Nazi's werd hij door de Gestapo gevangen genomen en uiteindelijk ter dood veroordeeld en door ophanging op 7 september 1943 om het leven gebracht. Het zijn deze dramatische omstandigheden die Herman Riemenschneider tot het schrijven van een libretto hebben aangezet en dat door Rudi van Dijk werd getoonzet. De eerste en tot nu toe – schandalig genoeg – laatste uitvoering vond op 21 september 2003 plaats in de Tonhalle te Düsseldorf in aanwezigheid van de componist, die op 29 november van datzelfde jaar het tijdelijke met het eeuwige zou verwisselen, waardoor deze compositie met terugwerkende kracht zijn zwanenzang werd.

Hoewel ‘Kreiten's Passion' voor een omvangrijke bezetting is geschreven en met name de koordelen de soms verhitte atmosfeer van Schönbergs onvoltooid nagelaten muziekdrama ‘Moses und Aron' in herinnering roepen, maakt het opus als totaal absoluut niet de indruk van een geheel vol effectbejag, want eerder het tegendeel is waar. Het zijn juist de reflecterende en contemplatieve episodes die uiteindelijk het meest tot de verbeelding spreken. En het zijn uitgerekend die momenten waarop de bariton Andreas Schmidt op meesterlijke wijze de innerlijke zieleroerselen van de hoofdpersoon van dit drama voor het voetlicht brengt. Men krijgt wel eens de indruk dat het ‘War Requiem' van Benjamin Britten het enige klinkende oorlogsdocument is wat er toe doet, maar dat is natuurlijk een volkomen verkeerde voorstelling van zaken. Zoveel is duidelijk, naast bijvoorbeeld Schönbergs ‘Ein Überlebender aus Warschau', Hartmanns ‘Versuch eines Requiems‘ en – om een ander voorbeeld uit ons land te noemen - de ‘Anne Frank-cantate' van Hans Kox, verdient Van Dijks ‘Kreiten's Passion' het ten volle om in éé n adem met deze werken te worden genoemd. Want ook vandaag de dag is het lot van een kunstenaar in oorlogstijd nog allesbehalve een achterhaald thema. Was het maar waar! Alom verschijnen duistere wolken aan de einder die helaas op schrijnende wijze duidelijk maken dat de mensheid nog maar bar weinig van haar geschiedenis heeft geleerd.

Lans
Hoe het ook zij, de vuurdoop van ‘Kreiten's Passion' was een evenement van de eerste orde waarover men in mijn essaybundel ‘Klinkende alchemie' meer kan lezen. Het gemiddeld hoge tot zeer hoge niveau van de uitvoering staat nog steeds onverminderd sterk in mijn geheugen gegrift en wordt door deze live-opname ruimschoots bevestigd. Alles klinkt of het stuk toen reeds lang tot het vaste repertoire van het orkest behoorde. Zowel Fiore, het koor als de symfonische troepen uit D ü sseldorf zetten een vertolking neer om u tegen te zeggen en de technici van de WDR (West Deutsche Rundfunk) hebben dit alles op uiterst respectabele wijze voor het nageslacht opgetekend.

Over de vertolkingen van het Pianoconcert - met een glansrijke Madge in de hoofdrol en een Noord Nederlands Orkest dat dankzij de pionierende arbeid van Viktor Lieberman de sterren van de hemel speelt - en de kamermuziekwerken valt in eensluidende zin te berichten. Met uitzondering van de ‘Kreiten's Passion' was Okke Dijkhuizen als producer bij de opnamen betrokken, waarbij hij met Peter Wentzel (Sonate voor viool en piano alsmede het Pianoconcert), Gert Altena (Pianotrio) en John Leonard (Sextet) als technici samenwerkte. Tel daarbij op dat het neusje van de zalm van de Engelse kamermuziekspelers van de partij was, met violist Anthony Marwood voorop (die aan menige Hyperion-uitgave meewerkte) en het is duidelijk dat het beluisteren van deze materie niet minder dan een feest is. Van Dijk doet zich ook als componist van kleinschalige bezettingen als een groot man kennen die zowel vooruitkijkt als stevig is geworteld in de traditie van weleer. Niet zelden toont hij zich daarin als een evenknie van Keuris, maar ook trekken soms reminiscenties aan Berg (Sextet) de aandacht. Met andere woorden, vaak komt het idioom van Van Dijk heel kosmopolitisch over, zoals in de Vioolsonate waarin men een enkele maal dezelfde omkering van het noodlotsmotief uit de Vijfde van Beethoven meent te horen als in de ‘Concord-sonata' van Ives. Tonalitet en vrije atonaliteit liggen dikwijls – en dit op een zeer natuurlijke wijze – in elkaars verlengde. Nogmaals, de typering van Van Dijk als romantisch expressionist is zo gek nog niet, waarbij in het Pianoconcert en ‘Kreiten's Passion' de balans eerder naar het expressionisme neigt dan bijvoorbeeld in de Vioolsonate en het Pianotrio.

Het boekje bevat uiteraard de complete tekst van ‘Kreiten's Passion' en uitstekende toelichtingen van Van Dijks vriend en toeverlaat Bernard Jacobson, die zo vurig een lans voor deze man heeft gebroken. Maar wie neemt het nu voor Van Dijk op? Hopelijk leidt de uitgave van deze boeiende dubbel-cd tot een hernieuwde belangstelling voor deze componist. Een componist die niet alleen tot het hoofd, maar vooral ook tot het hart spreekt en dit in een taal die zowel rijk als voor een breed publiek toegankelijk is en dat laatste geldt voor zoveel Nederlandse muziek die nu allengs totaal is vergeten.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links