CD-recensie

 

© Maarten Brandt, juni 2016

 

Satie: Trois mélodies - Trois autres mélodies - Hymne - Socrate

Barbara Hannigan (sopraan), Reinbert de Leeuw (piano)

Winter & Winter 910 234-2 . 51' .

www.winterandwinter.com

 

De Franse componist Erik Satie (1866-1925) behoort aan de ene kant tot de meest raadselachtige figuren uit de muziekgeschiedenis maar is anderzijds inmiddels overbekend bij een breed publiek. En Reinbert de Leeuw heeft daar natuurlijk in ons land als geen ander enorm veel toe bijgedragen. Speciaal door de opnames van zijn pianowerken voor het label Harlekijn uit het midden van de jaren zeventig van de vorige eeuw, gespeeld in een tempo dat langzamer verloopt dan het geluid en in uitvoeringen die een ware cultstatus hebben verworven. En dan hoef ik slechts de zogenaamde ' Gymnopédies' uit 1888 te noemen - drie in getal - die, als gevolg van die zojuist genoemde status al geruime tijd bij de 'music for the millions' zijn ingelijfd. Dit terwijl de term 'Gymnopédie' niet bepaald alledaags kan worden genoemd, integendeel. De oorsprong van het woord - 'Gymnopaedia' - is Grieks. Er wordt een dans onder verstaan die op de marktplaats (Agora) van Sparta werd opgevoerd en die voor rekening kwam van spaarzaam tot niet geklede sportieve jongens en meisjes: 'gymno' betekent immers 'naakt' en 'pedie' verwijst naar 'paidion' wat 'klein kind' betekent.

Esotericus
Er is echter ook een Satie van een totaal andere orde, namelijk de esotericus. Dat is de Satie in zijn twintiger jaren. Dezelfde componist, inderdaad, die in latere fasen van zijn leven een muziek zou schrijven met een hoogst opgeruimde, relativerende, frivole en niet zelden tegen het variété aanleunende inslag. Een van de meest raadselachtige werken uit Saties esotorische fase, is 'Le fils des étoiles' ('De zoon van de sterren') gebaseerd op het gelijknamige drama uit 1892 van Joséphin Péladan (1858-1918) een eertijds bekend Frans schrijver en Rozenkruiser. Hij was geheel geobsedeerd door Babylonië, zozeer zelfs dat hij al jong een pseudoniem aannam, Sâr Merodak Péladan, daarmee refererend aan Marduk, de Babylonische oppergod. In de kunstwereld was Péladan een bij uitstek kleurrijke figuur met een excentriek en naar het decadente neigend karakter. In diverse salons - waaronder een aantal sterk door de Rozenkruisers beïnvloede - brak hij een lans voor symbolistische schilders. Verder staat hij bekend als auteur van tal van romans en toneelstukken van een Wagneriaanse monumentaliteit. De geëxalteerdheid van zijn stijl herinnert soms aan die van Joris-Karl Huymans, wiens roman ' À rebours' , dankzij de vertaling door Jan Siebelink ('Tegen de keer') ook in ons land bekend is geworden en als een soort literair manifest van de decadentie doorgaat. Hoe het ook zij, ook Satie was een blauwe maandag lid van een katholiek georiënteerde Rozenkruisersorde en daar was hij als kapelmeester verantwoordelijk voor de muziek. In diezelfde jaren maakte hij bovendien regelmatig zijn opwachting in de in de wijk Montmartre te Parijs gesitueerde 'Salon de la Rose et Croix', waarvan hij de bijeenkomsten regelmatig met zijn muzikale omlijstingen opluisterde.

Slecht gedocumenteerd
Voorts zijn er de liederen en andere vocale werken van Satie. In de al eerder genoemde jaren zeventig van de vorige eeuw nam Reinbert de Leeuw een selectie uit Satie's liedoeuvre met de befaamde zangeres, wijlen Marianne Kweksilber, voor het Harlekijn-label op, die nog steeds in ereplaats in mijn platenkast inneemt. Toeval of niet, het is ook die opname via welke sopraan Barbara Hannigan kennismaakte met de liederen van Satie, en ze was meteen om. En nu is er dan deze kerverse, maar uiterst slecht gedocumenteerde Winter & Winter-cd van Hannigan met opnieuw De Leeuw achter de piano om de 150 ste geboortedag van Satie klinkend mee te herdenken. Slecht gedocumenteerd, want - afgezien van een enkele zin over het 'piece de résistance' van deze uitgave, 'Socrate' (dat er ook een - relatief vaak - gespeelde kamerorkestversie van bestaat, is niet eens vermeld) - er is louter volstaan met een korte levensbeschrijving van de componist. Verder schitteren toelichtingen op de liederen in kwestie (ook de jaartallen ontbreken) door afwezigheid. Bovendien wordt men voor de gezongen teksten naar de website van Winter & Winter verwezen (met daarin hier en daar ook nog taalfouten) en blijft men tenslotte ook geheel in het ongewisse betreffende lokaliteit alsmede data van de opnames. En dat bij een fullprice-cd en in een tijd waarin bijvoorbeeld een super low-budget label als Naxos grossiert in voorbeeldige informatie bij hun producties.

Sensatie
Dat neemt niet weg dat men deze cd toch onverwijld moet aanschaffen. Al was het alleen maar om te kunnen genieten van het etherische, zilverige en tot op de kleinste vierkante millimeter soepele en ongekend genuanceerde stemgeluid van Hannigan. Alleen al het beluisteren van liederen als 'Les anges' en 'Sylvie' van de 'Trois mélodies' uit 1886/87 is niet minder dan een sensatie. Vooral ook, en dat geldt tevens voor de overige liederen - die achtereenvolgens uit 1886, respectievelijk 1906 ('Trois autres mélodies') en 1891 ('Hymne') dateren -, dankzij het contrast tussen deze opperste vocaal/tekstuele schoonheid en de in de goede zin des woords haast rituele, ingetogen, strakke en toch op en top uitgebalanceerde wijze waarop De Leeuw deze sublieme zangeres van een instrumentale omlijsting voorziet.

Soberheid
Een hoofdstuk apart is natuurlijk het op de dialogen van de Griekse filosoof Socrates gebaseerde 'Socrate' uit 1919 (waarvan de tekst is ontleend aan Plato's dialogen), dat door de maker is omschreven als een 'Drame Symphonique en trois Parties avec Voix'. Zoals dikwijls bij Satie is ook hier de titel niet - om het zacht uit te drukken - van enige ironie ontbloot. Immers de term 'Drame Symphonique' brengt onwillekeurig de verhitte hoogromantiek van Berlioz in herinnering, terwijl de tekst van het geheel alle aanleiding geeft tot een Wagneriaanse aanpak. En uitgerekend hiertegen neemt Satie, en niet alleen in dit werk, op een niet mis te verstane wijze stelling. Door bijvoorbeeld de tekst op een haast declamatorische, allerminst melodramatische en syllabische wijze voor het voetlicht te laten brengen. Dit met als voornaamste oogmerk: opperste helderheid, of - om Satie aan te halen - "'Socrate' dient helder en wit te klinken". En, als we de annalen mogen geloven, nam de componist tijdens het ontstaansproces van dit driedelige werk - waarvan het laatste onderdeel, de sterfscene van Socrates, in de uitvoering van Hannigan en De Leeuw naar boven afgerond 19 minuten duurt en dat is aanzienlijk langer dan gemiddeld - alleen wit voedsel tot zich. Maar alle gekheid terzijde, 'wit' kan hier ook als een treffende metafoor gelden om de benadering van Hannigan en De Leeuw mee te typeren. Een benadering die wordt gekenmerkt door een maximum aan soberheid, een bijkans volledige afwezigheid van vibrato, om niet te zeggen een zang/spreektrant die niet ver is verwijderd van de inzichten van de historiserende uitvoeringspraktijk van de late renaissance en de barok, die - zo maakt deze cd-uitgave onomstotelijk duidelijk - met betrekking tot de Satie-receptie zeer heilzaam heeft uitgepakt: "bien étonnés de se trouver ensemble."


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links