CD-recensie

 

© Kees de Leeuw, april 2012

 

 

Alte Meister! - Gearrangeerd door Karl Straube

Bach: Koraalbewerking "In dulci jubilo" BWV 751

Buxtehude: Chaconne voor orgel in e, BuxWV 160 Passacaglia voor orgel in d, BuxWV 161 Preludium voor orgel. in fis, BuxWV 146

Kerll: Passacaglia voor toetsinstrument in d

Muffat: Apparatus musico-organisticus : Passacaglia – Toccata voor orgel nr.6 in F

Pachelbel: Chaconne in d, P 41 Koraalbewerking "Vater unser im Himmelreich", P 48
Toccata in F, P 463

Strungk: Koraalbewerking, "Lass mich Dein sein"

Walther: Partita "Meinem Jesum lass ich nicht", LV 1

Andreas Sieling, Sauer orgel, Dom van Berlijn

MDG 946 1740-6 • 76' • (sacd)


Het label MDG is op het gebied van orgelmuziek een van de meest interessante labels. Soms worden minder bekende paden betreden. Dit geldt ook voor de nieuw verschenen sacd met arrangementen van Karl Straube. Al eerder verschenen bij MDG cd’s met orgelarrangementen, zoals de bewerkingen die Max Reger maakte van enkele orgelcomposities van Bach (MDG 315 0484-2). Ook verscheen er een cd met Bach-arrangementen van de hand van Karl Straube (MDG 318 0241-2).

Karl Straube (1873-1950) groeide op in Berlijn en kreeg onder meer les van zijn vader en Heinrich Reimann, de organist van de Kaiser Wilhelm Gedächtniskirche. Zonder conservatoriumopleiding kreeg hij in 1897 een aanstelling in de Willibrord Dom in Wesel. Nadat hij Max Reger had leren kennen zette Straube zich in voor diens werk. In 1902 werd hij organist van de Thomaskirche in Leipzig. In 1918 werd hij benoemd tot Thomascantor. Tot die tijd gaf hij veel bladmuziek uit, waaronder die van Liszt en enkele composities van Max Reger. In 1904 verscheen Alte Meister. Eine Sammlung deutscher Orgelkompositionen aus dem XVII. und XVIII. Jahrhundert. .Deze verzameling ligt ten grondslag aan deze cd.
Straube was bang dat de muziek van oude meesters als Buxtehude en Pachelbel in de vergetelheid zou raken. Hij realiseerde zich dat de meeste (toenmalige) huidige orgels nogal verschilden van de instrumenten uit de baroktijd. Daarom paste hij de composities zodanig aan dat ze ook op (laat)romantische orgels tot hun volle recht zouden komen. Zijn uitgave was praktisch gericht, met gedetailleerde voorschriften over de registratie, naast aanwijzingen op het gebied van agogiek en dynamiek.
Karl Straube was door zijn leermeester Reimann gefascineerd geraakt door de mogelijkheden van de dynamiek die het hedendaagse orgel bood. De crescendi en descrendi werden bovendien met tempi verbonden, respectievelijk met een accelerando en een ritardando. Straube richtte zich echter ook sterk op de klankkleur, door weloverwogen bepaalde registraties te kiezen. Hiernaast schroomde hij ook niet om noten toe te voegen en vooral de pedaalpartijen uit te breiden.
Het effect is naar mijn mening fascinerend, alhoewel de bewerkte versie soms wel erg ver af blijkt te staan van het origineel. Zeker in de meer complexere composities, zoals de passacaglia’s en de chaconne’s leidt dit soms tot lichte vervreemding. Voor puristen zijn deze bewerkingen een gruwel, maar volgens mij kunnen beide versies naast elkaar bestaan, net zo goed als je Bach op klavecimbel én piano spelen kan.
Overigens nam Straube later afstand van zijn romantische opvattingen en streefde er naar om Bach meer historisch verantwoord uit te voeren. Zo verkleinde hij zijn koren en vooral zijn orkest. Sommige studenten van Straube schijnen gezegd te hebben dat ze sindsdien correcter musiceerden, maar dat het vroeger mooier was. Eerlijk gezegd neig ik ertoe wat betreft de orgelbewerkingen met hen in te stemmen.

Andreas Sieling, de organist van de Dom in Berlijn, speelt prachtig op het imponerende en bijzonder fraai klinkende Sauer orgel uit 1905. Hij kon gebruik maken van de registratieaanwijzingen die Straube in Leipzig voor het Sauer orgel noteerde. Zoals we gewend zijn bij MDG is het een prima opname, voorzien van een informatief tekstboekje.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links