CD-recensie

 

© Kees de Leeuw, juli 2012

 

 

Rubinstein: Symfonie nr. 2 (Oceaan)Balletmuziek uit de opera Feramors: Dans van de Bajaderen I - II, Dans van de Kasjmierbruiden, Bruiloftsprocessie

Russisch Staats Symfonie Orkest o.l.v. Igor Golovsjin

Delos Russian Disc DRD 2010 • 67' •

Opname: oktober 1993, Grote Zaal van het Moskous Conservatorium

 


Ter nagedachtenis aan de Russische musicus Anton Rubinstein (1829-1894) verscheen in 1994 een bescheiden Centenary Edition bij het inmiddels niet meer bestaande label Russian Disc. Het Amerikaanse label Delos brengt een aantal van deze cd’s nu opnieuw uit. Ook bij andere platenmaatschappijen is Rubinstein niet geheel vergeten. Het label Hyperion nam alle pianosonates op. De labels Marco Polo en Naxos zijn het meest actief geweest, met onder meer een cd reeks van de zes symfonieën van Rubinstein.

Als componist heeft Rubinstein geen grote naam. “C’est Rubinstein” werd zelfs enige tijd een uitdrukking voor mislukte composities. Rubinstein genoot vooral bekendheid als organisator van het Russisch muziekleven, waarbij met name de oprichting van het conservatorium in Sint-Petersburg in 1862 genoemd moet worden. Hij was hier verscheidene jaren directeur en Tsjaikovski was één van zijn eerste leerlingen. Rubinstein verwierf echter vooral faam als pianist. Hij was na Liszt de meest beroemde pianist van zijn tijd. Al op jonge leeftijd maakte hij concertreizen naar West-Europa, waarbij hij ook Nederland aandeed.
Zijn muzikale vorming kreeg hij vooral in Duitsland en het is dan ook niet verwonderlijk dat hij vooral beïnvloed werd door Beethoven, Mendelssohn en Schumann. Hij was een actief componist met een oeuvre dat naast symfonieën onder meer uit 16 of 17 opera’s, twee celloconcerten en vijf pianoconcerten bestaat. Tijdens zijn leven kregen zijn symfonieën in Rusland veel waardering. Deze appreciatie werd mogelijk mede veroorzaakt door het feit dat zijn eerste symfonieën gecomponeerd werden in een periode (rond 1850) dat nog maar weinig Russen zich aan het genre waagden. Rubinstein was wat dit betreft vooruitstrevend, ook al was zijn smaak behoudend. .

Zijn Tweede symfonie uit 1851 wordt beschouwd als zijn beste en is, zover ik kan achterhalen, de enige symfonie waar meer dan twee verschillende uitvoeringen van verkrijgbaar zijn op cd. Er verscheen een, mij onbekende, cd op het label MDG. De cd-reeks met symfonieën van Marco Polo en Naxos kenmerkt zich helaas door wat obscure Oost-Europese orkesten en dito dirigenten met voorspelbare matige resultaten.
De compositie bestond aanvankelijk uit vier delen, zoals te beluisteren op de hier besproken cd en op de cd van MDG. Rubinstein voegde er later nog twee delen aan toe en uiteindelijk zelfs een zevende deel, een versie die op de uitgave van Naxos te beluisteren is.

In het werk gaat het over de strijd tussen de oceaan en de mens. Rubinstein spreidt een grote ideeënrijkdom ten toon en komt soms onstuimig over. Hier spreekt een jonge vurige componist vol inspiratie met soms een gebrek aan evenwichtigheid. In het levendige eerste deel schildert hij de oceaan in al haar gezichten, van uiterst kalm tot uiterst woest. Het tweede deel is lyrisch en diepzinnig, afgaande op de beschrijving van de componist. “Diep is de zee, diep is de menselijke ziel, met gevoelens als golven”. Ondanks de overeenkomsten tussen de zee en de mens is er vrijwel steeds sprake van contrastwerking in de muziek, het verschil tussen de innerlijke verstilde menselijke stem en de vaak woelige zee. In dit deel is de invloed van Mendelssohn zeer duidelijk aanwezig. Meer dan eens drong de gedachte zich op dat ik een soort alternatieve versie van het Adagio uit diens 'Schotse' symfonie beluisterde. Na een derde deel met een dansant karakter eindigt de symfonie met een triomfantelijk deel waarin de mens, dankzij God, zegeviert over de oceaan.

De oriëntaalse opera Feramors schijnt vooral beïnvloed te zijn door de Franse lyrische opera. In de balletmuziek is weinig te horen van muziek uit India, waar het verhaal zich afspeelt. Alleen in het afsluitende gedeelte, de bruiloftsprocessie, een mars met koper, cimbalen en slagwerk is de oriëntaalse invloed van de Polovetser dansen uit Vorst Igor van Borodin enigszins herkenbaar. Als geheel klinkt de muziek niet anders dan de meeste balletmuziek van tijdgenoten uit West-Europa.

De muziek uit Feramors is niet echt een aanwinst voor het repertoire, maar wel erg prettige muziek. De vierdelige tweede symfonie spreekt mij in deze uitvoering van het Russisch Staats Symfonie Orkest met dirigent. Igor Golovsjn beduidend meer aan dan de niet erg geïnspireerde uitvoering van de wat onevenwichtige en te langdradige zevendelige symfonie die het Slowaaks filharmonisch orkest met dirigent Stephen Gunzenhauser voor Naxos opnam. Voor liefhebbers van minder bekende symfonieën uit de Romantiek is deze cd een mooie aanwinst.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links