CD-recensie

 

© Emanuel Overbeeke, februari 2017

 

Schönberg: Kammersinfonie nr. 1 op. 9
(versie voor piano vier handen van Alban Berg) - Fünf Orchesterstücke op. 16
(versie voor twee piano's van Anton Webern) - Kammersinfonie nr. 2 op. 38 (versie voor twee piano's van Arnold Schönberg)

Matteo Fossi en Marco Gaggini (piano)

Brilliant Classics 94957 • 58' •

Opname: januari 2016, Perugia

   

Deze cd is vrees ik niet in staat de Tweede Weense School uit het verdomhoekje te halen, maar verdient wel grote aandacht. De drie werken op de cd zijn bekend bij specialisten, maar zelfs voor hen is Bergs arrangement van Schönbergs opus 9 een primeur (het stuk kwam pas onlangs boven water). De pianisten zijn in staat aan deze orkestwerken, waarin de timbres en vooral de hiërarchie daartussen van het grootste belang zijn, te spelen alsof de arrangementen voor piano originele composities zijn. Ze behandelen de bewerkingen gelukkig niet als piano-uittreksels, maar als oorspronkelijke composities voor piano, weliswaar gemaakt van bestaand materiaal en met een andere klank voor ogen, waardoor de arrangementen op hun sterkste momenten dezelfde intensiteit krijgen als de originelen. De pianisten vormen een eenheid, hebben oog voor de lange lijn en maken met hun spel, misschien nog wel meer dan de arrangementen, duidelijk hoezeer de contrasten in klank, dynamiek en de schijnbaar onberekenbaar ritmen minstens zo bepalend zijn voor het karakter van deze stukken als de constant vermelde ontwrichting van de tonaliteit. Het curieuze effect van de arrangementen is dat juist de pianoversie een veel schrijnender beeld geeft van het expressionistische karakter van deze muziek, alsof het de componisten niet is te doen om de nieuwe techniek maar om de nieuwe expressie: van de emoties achter de façade, met de verfijning en de complexiteit van Mozart en Shakespeare. De dubbele bodem is cruciaal voor deze op zijn best hartverscheurende muziek. De pianisten zijn op hun best in de Eerste kamersymfonie en de Vijf orkeststukken, mede omdat de componist daar ook al zijn emotionele troeven uitspeelt. Charles Rosen en Robert Craft (de laatste kende Schönberg ook persoonlijk en was ijdel genoeg om in een van boeken de opdracht van Schönberg aan Craft te reproduceren) noemden hem de meest emotionele componist die ze kenden. (Craft als dirigent kon niet altijd waarmaken wat hij stelde in zijn geschriften, maar hij had niettemin Schönbergs muziek uitstekend door.) Vergeleken met opus 9 en 16 is opus 38 een minder aangrijpend werk, alsof het streven naar een mellow sound vooral resulteert in een minder geslaagd stuk, een feit waaraan ook deze pianisten weinig kunnen veranderen, een ervaring die ik ook had bij alle eerdere uitvoeringen van dit werk in deze versie. Maar ondanks dit kritiekpuntje is het een zeer welkome cd.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links