CD-recensie

 

© Emanuel Overbeeke, maart 2024

Saariaho: Maan Varjot (1) - Château de l'âme (2) - True Fire (3) - Offrande (4)

(1) Olivier Latry (orgel), Orchestre Philharmonique de Radio France o.l.v. Ernest Martinez
(2) Faustino de Monès (sopraan), Membres du Choeur de Radio France, Orchestre Philharmonique de Radio France o.l.v. Hanna Lintu
(3) Davóne Tiners (bariton), Orchestre Philharmonique de Radio France o.l.v. Olari Elis
(4) Anssi Karttunen (cello), Olivier Latry (orgel)

FRF 072 • 76' •
Opname, febr. 2017, Festival Présences (Radio France)

 

Radio France organiseert met een zekere regelmaat festivals met moderne muziek. Soms is het aanbod gevarieerd, soms staat een componist of land centraal. Onlangs heeft de omroep opnamen van deze festivals uitgebracht op cd in wat het begin lijkt van een serie: Présences. En omdat een debutant geen halve maatregelen mag nemen, kozen de samenstellers voor het eerste deel in de reeks muziek van een van de beste componisten van de laatste veertig jaar: Kaija Saariaho. De verschijning ervan bij Radio France is opmerkelijk, want al is zij van huis uit Finse, ze woonde en werkte jarenlang in Frankrijk en haar muziek zou men, als men de maakster niet zou kennen, met goed recht kunnen aanhoren voor Franse muziek uit deze periode. Saariaho onderhield in haar muziek nauwe banden met de spectralisten, een groep Franse componisten die opkwam in de jaren zeventig en zich vooral bezighield met de klank (exponenten van deze ‘beweging' zijn onder meer Tristan Murail en Gérard Grisey – aan de eerste is een andere recente cd op FRF gewijd).

Saariaho maakte in de jaren tachtig en negentig naam met composities waarin traditionele klankbronnen zoals een symfonieorkest zijn vermengd met elektronische met als resultaat fascinerende mengklanken die langzaam verschuiven en waarbij het bijzondere van een detail voortdurend wedijvert met de aandacht voor de spannende en ongrijpbare lange lijn. Ze bouwde voort op de vroegste klankexperimenten van Ligeti en sloot aan bij de Franse liefde voor klank en voor een harmonie die niet strikt tonaal is, modaal aandoet en een samenhang heeft die zich niet eenvoudig laat benoemen. Haar eerste stijl was niet haar laatste. In haar laatste vijftien jaar (ze overleed vorig jaar) schreef ze veel voor de menselijke stem, toonde ze een grote affiniteit met theater en liet zij zich in haar omgang met frasering en spanningsbogen meer leiden door de wetten van de stem en meer concrete uitingen van dramatiek.

In de tussenliggende jaren ontstonden de meeste werken die op deze cd staan. Chateau de l'âme uit 1996 heeft veel kenmerken van ‘de jonge Saariaho'. Het werk is al eerder opgenomen en de nieuwe opname illustreert opnieuw hoe boeiend haar versmelting van allerlei klanken is. Om het in clichébeelden te zeggen: de Finse dirigent Hannu Lintu slaagt erin de schijnbaar onbepaalde weidsheid van de muziek van zijn beroemdste landgenoot te verenigen met de Franse fascinatie voor klank, alsof Debussy, Ravel, Dutilleux, Messiaen en Boulez uitstekende opvolgers hebben gekregen. Die clichés helpen amper bij de overige werken op de cd die dateren uit Saariaho's laatste fase (Maan Vardot is van 2013, True Fire van 2014 en Offrande van 2015). Trouwens, ook zonder zijn Finse wortels is Lintu een geweldige dirigent, meer persoonlijkheid dan kind van een land. Die persoonlijkheid hebben de vertolkers van Maan Varjot en True Fire hard nodig, want de stukken boeiden mij iets minder dan Chateau de l'âme. De kenmerken van Saariaho's persoonlijkheid zijn er in volle glorie, maar uitgeleefd op minder spannende wijze. Ik vrees dat dit mede komt door de keuze van de instrumenten: het orgel is te log en te grof vergeleken met Saariaho's orkest en de klank van één zanger, in dit geval een bariton, laat zich lastig combineren met het veel wendbaarder orkest. True Fire lijkt een opera van Saariaho op kleine schaal; haar opera's op grote schaal zoals L'amour de loin en Innocence boeiden mij zeer en hadden het niveau van de jonge Saariaho. Offrande is volgens het ontstaansjaar een laat werk maar qua stijl een vroeg werk. Niet alleen vanwege de titel moest ik denken aan Varèse's Offrandes: nieuwe intrigerende klanken in een nieuwe intrigerende vorm.

De concentratie in deze recensie op de muziek is mogelijk dankzij de superieure uitvoeringen van musici die enerzijds heel goed en persoonlijk zijn maar geen moeite doen het werk te behandelen als hun werk. Saariaho was omringd met geweldige vertolkers wat veel zegt over de kwaliteit van haar werk. Extra aantrekkelijk aan deze cd zijn de uitstekende teksten: geen woord over expressie - terecht want de expressie zit niet in het woord maar in de muziek, wel veel boeiends over de achtergronden. Bovendien gaat net als in de oude lp-tijd en nu bij de terugkeer van vinyl de liefde voor goede nieuwe muziek samen met liefde voor goede nieuwe vormgeving (dat laatste kan zelden gezegd worden van cd's met goede maar meer vertrouwde muziek). Alsof de leegte van Rothko's Chapel met de kracht louter in velden met diffuse grenzen en kleuren die langzaam verschuiven net als in Feldmans Rothko Chapel een quasi-leegte wordt met intense ervaringen van weidsheid en verscheidenheid.

Hopelijk is deze cd het begin van een serie. De programma's van de festivals inclusief de overzichten van deelnemende musici bewijzen dat het Franse muziekleven op dit punt gelukkig is geglobaliseerd, terwijl de Franse hang uit nationalistische tijden naar perfectie in klank nog onverminderd zijn werk doet.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links