CD-recensie

 

© Emanuel Overbeeke, november 2021

Gesualdo: Dolcissima mia vita: Madrigali a cinque voci, Libro quinto (1611)

Collegium Vocale Gent o.l.v. Philippe Herreweghe
LPH 036 • 55' •
Opname: sept. 2020, Karmelietenkerk, Gent

   

De tegenstelling tussen mooie kunst en een niet zo fraai leven buiten de kunst intrigeert meer dan eenduidige karakters. Gesualdo is met Wagner een van de twee beste bewijzen daarvan: de een vermoordde zijn vrouw, de ander was rabiaat antisemiet en beiden schreven soms goddelijke muziek. Kenden we Gesualdo's muziek ook als hij een voor zijn tijd onopvallend bestaan had geleid? In zekere zin leidde hij een onopvallend bestaan, want vorsten konden zich ongestraft gedragen als goden met alles wat daarbij hoort, net zoals antisemitisme in Wagners tijd volstrekt gewoon was. Veel opvallender is Gesualdo's muziek ontstaan op de overgang van Renaissance naar Barok. In een periode waarin de complexe polyfonie enigszins op zijn einde liep en het nieuwe harmonische denken met bijbehorende expressie furore maakte schreef hij onder meer madrigalen die een harmonische rijkdom bezitten die wie bij tijdgenoten in die mate alleen aantreffen bij Monteverdi. Binnen de nieuwe taal van die tijd is hij vind ik zeer persoonlijk, meer dan tijdgenoten voor zover we die nu kennen. Zet men de madrigalen uit deze bundel, verschenen in 1611, naast die van anderen, verschenen voor 1600, dan is hij zowel expressief in de barokke melodiestijl als verrassender in het contrapunt. De muziek lijkt vaak een aaneenrijging van gebaren ingegeven door de tekst waarbij men soms moeite heeft een muzikale lijn te ontdekken.

De muziek weerspreekt het verhaal dat Gesualdo enige tijd na de moord berouw kreeg en vervolgens zeer melancholieke muziek schreef. Misschien kreeg hij berouw (de teksten afgedrukt in vier talen zijn weliswaar voer voor getormenteerde zielen, maar die vinden we ook bij componisten die geen moord pleegden), in ieder geval vind ik deze muziek niet melancholiek, zeker niet als men alleen naar de muziek luistert. Hoewel de zangers ongetwijfeld zullen streven naar verstaanbaarheid, lijkt de dirigent meer uit op klankschoonheid, wat hem uitstekend lukt, want de stemmen mengen fantastisch. Die schoonheid en rijkdom van klank getuigen in zekere zin van begrip voor de tekst, want het centrale thema hier is de permanente mix van tegenstrijdige emoties die Gesualdo vorm geeft door de grote variatie in texturen en Herreweghe door de souplesse en tegelijk continuïteit in ritme en metrum.

Koren hebben een nationale identiteit. Dat lijkt een vreemde mededeling bij dit in naam Belgische gezelschap van zeven zangers van wie de meesten geen Belg zijn, maar het stempel van Herreweghe is evident. Hij is waarschijnlijk niet bezig met het vaderland, maar zijn benadering klinkt prettig warm en kosmopolitisch.


index

Home  -  Actueel  -  Audio  -  Muziek  -  Video  -  Boeken  -  Links